Blokken: de kandidaten

11 07 2008

(wat voorafging: ik nam deel aan Blokken en kijk terug op deze bizarre beleving)

Op een opnamedag van Blokken worden zo’n 5 afleveringen ingeblikt. In het slechtste geval - als iedereen verliest - zijn er dus 10 kandidaten nodig. Allemaal potentiële tegenspelers voor wie ik in verschillende mate vrees. Als gewoonlijk (zie ook mijn deelname aan de preselecties van een vtm-quiz) stel ik me afwachtend op tegenover deze groep mensen om hen te observeren en - uiteraard (gevoelige lezers wezen gewaarschuwd) - flinke vooroordelen te creëren.

Bij het betreden van de ontvangstruimte, vroeg op deze opnamedag, ontwaar ik eerst een groepje Wendy’s. Ze zijn allevier opgemaakt en opgetut, waardoor ik niet meteen kan bepalen wie van hen een deelneemster is en wie supporter. Daarnaast zit een Hollands meisje overduidelijk Hollands te wezen door met een zeer vet accent een luid gesprek te voeren met haar vriendje. Het is het soort dialoog dat eigenlijk bedoeld is voor omhorenden, kent u dat? De inhoud van het gesprek moet voornamelijk dienen om buitenstaanders te imponeren. Helaas, Hollands meisje maakt geen indruk. Wanneer ze ook nog eens nadrukkelijk begint mee te bewegen met een liedje op de radio (gevolgd door het minder beweeglijke vriendje) om aldus haar zelfbewustijn te etaleren, is mijn mening vervolledigd. Ze is spontaan, recht-voor-de-raap, expressief en zelfverzekerd. Kortom: onuitstaanbaar.

Enter Frans, dé klassieke quizkandidaat. Frans daagt op met een krant, die hij de eerste 5 minuten met veel vertoon begint te doorploegen. Alsof hij op het laatste moment nog zoveel mogelijk weetjes en feiten tot zich wil nemen. Maar de krant is een dekmantel, om iets om handen te hebben terwijl hij een gewillig slachtoffer zoekt die zijn verhalen wil aanhoren. Dat zijn bij zulke types - ook bij de Pappenheimers had ik zo’n tegenspeler - altijd dezelfde verhalen: een opsomming van de quizzen waaraan ze al deelgenomen hebben en een uitvoerige uitleg over hoe het komt dat ze die allemaal verloren hebben. Ik - die ook al aan wat quizzen heb deelgenomen en ook steeds een uitleg klaar heb over hoe het komt dat ik (bijna) altijd verlies - houd me op de achtergrond, want ik ken dit soort gezelligaards. Eens ze je menen onderhouden te hebben met anekdotes over belachelijke vtm-spelletjes als Puzzeltijd (een veredeld belspel waar een echte quizzer toch zijn neus voor ophaalt, haha!), komen hun theoriën boven over het hoe en wat van de televisiewereld en wijken ze de rest van de dag niet meer van je zijde. Ik vertoon dan ook geen enkele interesse in de verhalen van Frans - die eigenlijk Marc heet, maar dat is hetzelfde.

Op een bepaald moment - tijdens het middageten - weet Marc/Frans ons niet te boeien met zijn liefde voor het programma Fata Morgana.
‘Ik ben eens gaan kijken naar de opnames, maar dat viel wel tegen! Drie uur lang wordt er gefilmd en daar wordt dan maar 40 minuten van uitgezonden!’
‘Gelukkig maar’ repliceer ik nog voor iemand anders aan tafel iets kan zeggen. Het gezelschap glimlacht eens en Marc/Frans houdt het daarbij. De krant wordt weer bovengehaald tot zich een volgende gelegenheid voordoet om zich te bemoeien. Wat ben ik toch een uitstekend pretbederver.

Terug naar de ochtend. Een jong koppel dient zich aan. Hij draagt een tas met kleren (als je wint en nog een keer mag spelen, moet je andere kleren aantrekken) dus ik ga ervan uit dat hij de kandidaat is. Een zelfzeker type eveneens, waarvan ik vermoed dat hij zich in een quiz wel eens zou kunnen laten gelden. Oogt wat humorloos, is té klassiek gekleed maar verder geen kwaad woord. Hij blijkt een advocaat te zijn uit Knokke. Denk er het uwe van, ik dacht wellicht hetzelfde. Ik maak meteen uit dat ik niet tegen hem wil spelen. Hij ondermijnt mijn zelfvertrouwen, hoezeer ik dat ook betreur.

Dan is er de hippe schoolmeester. Ooit was ik dat type, maar nu hoef ik niks meer te bewijzen. Haar in de gel, vlot gekleed, populaire kerel, woont nog bij mama. Kan een te vrezen tegenstander zijn. Hij wordt gevolgd door een tof koppel dat onlangs in de Pappenheimers te zien was. Zij - Tine - is de kandidate. Sympathieke West-Vlaamse, die al snel verbroedert met de andere West-Vlaamse, Joke. Die heeft een dag eerder al eens gespeeld en won dus al 1000 euro. Zij is op dat moment de Queen of Blokken.

Tenslotte is er Inge, een jong, onschuldig ogend, blond, dartel en heel Limburgs ding in wie ik niet meteen concurrentie zie.

In zijn geheel beschouwd, lijkt dit me mee te vallen, maar schijn bedriegt altijd natuurlijk. Dat maakt niet uit, het gaat erom in welke mate ik me sterker voel door de tegenspelers te onderschatten. En dat doet een mens door in anderen zwakke plekken te zoeken, of die nu correct zijn of niet. In een loting zal worden uitgemaakt in welke volgorde wordt gespeeld. Tine neemt het in de eerste aflevering op tegen Joke. Tine wint en speelt vervolgens ook schoolmeester Peter naar huis. Zijn ego krijgt een knak, vermoed ik. Tine neemt het vervolgens op tegen één van de Wendy’s, die - o, shock! - geneesheer in de reumatologie blijkt te zijn! Maar die studies mogen niet baten, want Tine speelt ook deze tegenspeelster naar huis, wint vervolgens een tv en mag een vierde keer terugkomen. Ik volg al die tijd aandachtig het verloop, want ik ben uiteraard heel benieuwd wie mijn tegenspeler wordt. De loting heeft uitgemaakt dat de advocaat voor mij is, waardoor de kans groot is dat ik het tegen hem moet opnemen. Achter mij komt de Limburgse Inge.

Tijdens de middagpauze blijkt dat het succes van Tine verhindert dat Hollands Meisje - die door de loting als laatste is aangeduid - vandaag nog aan de beurt komt. Ba-len! Want met de trein vanuit Holland is wel drie uur reizen en nu moet Hollands Meisje nog een keer terugkomen (ze krijgt wel een vergoeding)! De West-Vlamingen in het gezelschap blijven daar kalm onder. Ook zij zijn meer dan twee uur onderweg. Hollands Meisje zet er hier dus een punt achter en mag op een andere dag terugkomen.

Dan begint een spannende strijd tussen Tine en Advocaat. Hij blijkt inderdaad een goede quizzer, al vind ik hem lang niet zo vlot als ik vermoedde - zo stel ik mezelf weer wat geruster. Tine wordt er dan eindelijk een keer uitgebonjourd. Maar helaas, Advocaat vindt het zevenletterwoord niet en gaat met lege handen naar huis…

Pas dan weet ik dus zeker dat Inge mijn tegenspeelster wordt. Frans/Marc beseft dan ook al eventjes dat hij vandaag niet meer zal spelen, maar hij blijft gewoon gezellig in de studio rondhangen. Zeer leerzaam immers, en al dat lange wachten is hélemaal niét vervelend. Wie weet vallen er nog doden of wordt Ben Crabbé aangevallen door een geïrriteerd publiekslid. Dan heb je dat toch weer meegemaakt! Om de dag van Frans/Marc compleet te maken, wordt hem gemeld dat hij pas in oktober weer aan de beurt mag komen.

Kijk, of ik nu gewonnen of verloren heb, zo’n waarnemingen vind ik toch altijd de moeite waard. Groepsprocessen zijn zéér boeiend. Mijn eigen rol daarin is afhankelijk van de situatie. In nieuwe groepen, blijf ik sowieso altijd gereserveerd. Als ik met een groep nog verder moet samenwerken, zal ik me zeer sociaal opstellen en zal ik niet aarzelen mezelf te laten kennen. Deze groep - die op het eind van de dag weer uit elkaar valt - hou ik wel een beetje op afstand. Niet dat ik me asociaal opstel, maar ik blijf wel op de achtergrond. Tenzij iemand over Fata Morgana begint natuurlijk.

Boeiend is bv. de perceptie tegenover mensen die aan De Pappenheimers hebben deelgenomen. Dat wordt doorgaans wel leuk bevonden. Tine en haar man werden herkend (hun deelname was nog vrij recent en de echtgenoot had een nogal opvallend uiterlijk), vertelden daar dus wat over en er werd waarderend over dit programma gesproken. Ik laat me dan wel uit mijn kot lokken natuurlijk en meld dan ook maar dat ik al eens deelnam aan De Pappenheimers. Meteen krijg je dan een soort van (vergezochte) hiërarchie. Bovenaan staat Joke, want zij is er al voor de 2e dag. Dan komen alle Pappenheimers, gevolgd door het gepeupel dat eens aan Blokken komt meedoen. Een daaronder nog zij die aan Puzzeltijd deelnamen. Ik geef toe, een zeer subjectieve waarneming hoor. Een mens moet zich ergens mee bezighouden tijdens die lange dag.

Het menselijk ras is een bizarre soort. Dat troept afgeborsteld samen om deel te nemen aan een tv-quiz die op bandwerkachtige wijze wordt opgenomen (de helft van de productieploeg is zelfs eerder naar huis dan de kandidaten!) met de meest diverse motieven. Geld, aandacht, kortstondige roem, de ervaring, het eens meemaken, streling van het ego, zich manifesteren, haantjesgedrag, hopen om ontdekt te worden als watdanook, … Belachelijk en triestig enerzijds, begrijpelijk en grappig anderzijds. Ik wil meer van dit zien. Ik besluit aan alles deelnemen, los van de kans op winst of verlies, met de unieke motivatie het bestuderen van quizkandidaten. Als dat geen onderwerp is voor een sociologische studie…





Blokken: de vragen

10 07 2008

De beleving, de kandidaten, de gênante momenten, het nieuwe decor, de afloop, de emoties en bedenkingen, u leest het hier later…

Hier alvast: de vragen - voor zover ik me die nog herinner.

De eerste ronde!

1. Hoeveel muntjes hebben een waarde lager dan 20 cent? (4)
Mijn tegenspeelster (Inge) drukt eerder af, dus ik denk eigenlijk niet verder meer na. Wanneer ze het fout heeft, mag ik alsnog antwoorden zonder eigenlijk even stilgestaan te hebben, en dus antwoord ik snel en dus ook fout…

2. Welke telecom(dinges) haalde het voetbalcontract binnen? (er was wel meer uitleg natuurlijk) (Belgacom).
Ik ben helemaal in de war. Wat is telecom? Het lijkt wel alsof Crabbé Chinees spreekt. Zelfs gewone woorden komen me plots onbekend voor. Inge drukt dus af en antwoordt juist. 

3. Hebben Luikse wafels ronde of vierkante vragen? (weet niet meer)
Ik hoor het (nogmaals) in Keulen donderen, geen idee wat er eigenlijk precies bedoeld wordt. In mijn hoofd probeer ik wafels en hoeken te combineren tot een beeld dat ik herken, maar het zegt me niets. Mijn tegenstandster drukt eerst af en antwoordt juist. Ik begin niet dwaas gezichten te trekken of zo omdat deze vraag ook dwaas is, maar stel me glimlachend boven dit soort onbenulligheden.

4. Wie schreef (en dan een aantal titels waarvan ik me enkel Kongo herinner): (Jef Geeraerts)
Inge antwoordt fout - wat ik al meteen voorspelde - ik mocht herstellen.

5. Geluidsfragment met de vraag: welke zanger hoor je hier, begeleid door zijn band The Heartbreakers en bekend van deze hits (en dan een aantal titels)?
Noch ik, noch mijn tegenspeelster drukken af. Ik ken de groep en ik ken de liedjes en ik blijk dan ook Tom Petty wel te kennen, maar dit zit dus ver weg. Ben Crabbé is ten zeerste verontwaardigd.

6. In welke film (en dan iets van feiten over deze film, die ik me niet herinner). (Gone with the Wind)
Ik antwoord correct en mag ook de beroemde quote uit deze film ten berde brengen.

7. Wat is de som van de getallen tussen 27 en 30?
Alweer drukt Inge eerst af, maar ze antwoordt fout. Ik heb dus tijd genoeg om het juiste antwoord te bedenken en antwoord dus correct.

8. Wat is het laagst in rang (en dan volgen drie gradaties in het leger waarvan ééntje ‘eerste majoor-sergeant’ is, wat ook het juiste antwoord is)?
Mijn tegenspeelster gokt verkeerd. Ik denk beredeneerd te gokken op wat het juiste antwoord is, maar ik zeg enkel ‘majoor-sergeant’. Dat wordt fout gerekend. Ik had eigenlijk gewoon ‘het derde’ moeten zeggen, verdorie. Ik repliceer wel zeer snel: ‘Da’s flauw!’. Dat is dan mijn miniscule wraak op dat eeuwige gemuggezift. Er is natuurlijk een duidelijk verschil tussen ‘majoor-sergeant’ en ‘1e majoor-sergeant’, maar slechts één van die twee zat in de meerkeuze! Wat ik bedoelde was dus overduidelijk.

9. weet ik niet meer.

10. weet ik dus ook niet meer.

De tweede ronde (die alleen wordt gespeeld).

1. De tip is tv-series en daar zet ik meteen 5 blokjes op in. De vraag begint met ‘In welke serie uit de jaren ‘70…’ en meteen denk ik dat ik een flater begaan heb want ik hoopte op iets recent. Gelukkig blijk ik wel te weten waarin de personages Vanrastenhoven en Baconfoit voorkomen (De Collega’s) en dus hoera hoera 5 blokjes.

2. Kunstschaatsen is de tip en omdat het over sport gaat, zeg ik automatisch ‘2 blokjes’. Nochtans kan ik me bij dit thema geen ander antwoord voorstellen dan Kevin Van der Perren en dat blijkt dan ook het juiste antwoord te zijn op een vraag die ik vergeten ben. Even twijfel of ik het juist uitgesproken heb, wat bij de tegenspeelster blijkbaar wel het geval was, maar het is correct.

3. Volgende tip is Ligging in België. Het duurt weer enkele seconden voor tot me doordringt (ja, ik was er echt niet met mijn hoofd bij) wat er precies bedoeld wordt met deze vraag, maar ik leg wel snel de link met aardrijkskunde, waar ik niet heel goed in ben. Ik kies weer voor 2 blokjes, hoewel ik weet dat 2 het antwoord is op de vraag ‘Hoeveel provinciegrenzen steek je over om van Antwerpen naar De Panne te gaan?’

4. Edelgesteente zegt me ook niet veel en ik kies opnieuw voor 2 blokjes. ‘Welke edelsteen bestaat voor 100% uit koolstof?’ Ik heb geen flauw idee, maar ik redeneer dat het wel een bijzondere steen moet zijn, dus gok ik correct op diamant.

5. Ik heb nog 4 blokjes over voor een onderwerp dat me voorlopig niet te binnen schiet. Alleszins gaf ik een juist antwoord, zodat ik dus 5 op 5 heb (niet slecht hé!), maar mijn blokkenbord is een knoeiboel…

De derde ronde (waarbij je 50 punten verliest als je verkeerd gokt)

1. Tip: okapi.
Hoeveel poten heeft een impala?
Inge drukt alweer zeer snel af en antwoordt correct.

2. Tip: Rain Man.
De tegenspeelster drukt eerst af (dju, het is nochtans een filmvraag en die zijn voor mij!) en de moed zakt me in de schoenen want de vraag is papsimpel: ‘Wie speelt de hoofdrol in Top Gun en Mission: Impossible 2?Maar… het meisje antwoordt: Mel Gibson! Ik mag met veel plezier corrigeren.

3.Tip is modeontwerpers. Wat is de voornaam van modeontwerper Cardin? Inge weet het niet en ik graaf in mijn geheugen want echt een grote beroemdheid is dit nu ook weer niet… Gelukkig schiet ‘Pierre’ me net op tijd te binnen.

4. Deze vraag weet ik niet goed meer, iets met ‘in welke zee’ en het antwoord was ‘Indische Oceaan’. Ik kom er niet aan te pas, want Inge is correct.

5. Beeldfragment. We zien Sarkozy op een persconferentie bekennen dat hij een koppel vormt met Carla Bruni. De vraag - die eigenlijk helemaal niets met het fragment te maken heeft - is: ‘hoe heet de ambtswoning van de Franse president?’. Ik druk eindelijk eerst af maar - o drama! - ik weet het antwoord niet! Inge ook niet, maar ik ben wel 50 punten kwijt! Het antwoord is Elysée, maar ik beken eerlijk dat ik daar nog nooit van gehoord heb (van de Champs Elyssées natuurlijk wel, vooraleer iemand dat hier opwerpt).

6. Geluksbrengers
Welk deel van een konijn breng geluk? Ik druk eerst af en antwoord ‘konijnenpootje’. Dat had eigenlijk ‘poot’ moeten zijn, maar de o zo milde jury keurt het wel goed. Terecht toch!

7. Tip is Fixkes. Ook hier kan ik maar twee mogelijke antwoorden bedenken, dus ik druk meteen (en ook als eerste) af. Inderdaad, ‘kvraaghetaan’ is het juiste antwoord (Stabroek zou het antwoord op een andere vraag kunnen geweest zijn).

8. ?

9. ?

(ik graag in mijn geheugen om me de vragen te herinneren. Goed mogelijk dat ik ze niet moeten beantwoorden heb, want anders wist ik ze misschien wel nog…)

10. Tip is trema. Inge drukt eerst af en antwoordt correct op de vraag: ‘Op de hoeveelste ‘e’ in het woord ‘bobsleeën’ staat een trema?

(de volgorde van de vragen is uiteraard niet dezelfde)

En de finale?

Uitzending op 20 september…

(aan de mensen die de afloop al kennen: nog even niet verklappen in eventuele reacties, ik maak er graag een mooi artikeltje van..)





Blokperiode

9 07 2008

Studeren moet ik gelukkig niet meer doen, maar morgen neem ik wel deel aan Blokken. Het gevoel is identiek: een sprankel zenuwachtigheid, een tikkeltje ongerustheid, enige tegenzin zelfs. Examenstress, zeg maar.

Ik ga er immers niet van uit dat ik veel kans maak om te winnen. Ik ben wel wat op de hoogte van één en ander, maar van heel wat zaken ook weer niet (geschiedenis en sport zijn mijn zwakke punten) en bovendien hangt zoveel af van je tegenspeler.

Op zich hoeft dat voor mij niet veel uit te maken. Ik doe vooral mee voor de fun, omdat ik van quizjes en spelletjes houdt. Dat ik er iets mee kan winnen, is wel belangrijk, maar niet het doel. Het probleem zit hem er echter in dat anderen blijkbaar wel verwachten dan je goed scoort. M.a.w. als ik morgen verlies, zal ik daar zelf niet mee zitten, maar moet ik wel de reacties van supporters overal te lande aanhoren. Ik kan natuurlijk ook gewoon verzwijgen wanneer ik op tv kom, dan mist minstens de helft van mijn kennissenkring mijn optreden en gaat mijn afgang aan hen voorbij! Wat als ik een filmvraag niet weet of een fout maak bij het hoofdrekenen?

Maar kijk, dat is geen optimistisch uitgangspunt natuurlijk. Mijn tegenspeler kan een gepensioneerde huisvrouw zijn die nog nooit Tetris heeft gespeeld of een twintiger die niet weet wie Edith Piaf of Tony Corsari is (zal je Ben Crabbé horen!).

Maar wat ga ik aantrekken? En zal ik het volhouden Ben Crabbé niet proberen even belachelijk te maken als hij doet bij zoveel kandidaten? De spelregels zijn overigens gewijzigd: vanaf nu mag de winnaar blijven terugkomen, ook na 3 keer spelen. Ik kan beginnen fantaseren dat ik de eerste speler ben die 6 afleveringen na elkaar speelt, maar ik maak mij geen illusies.

U hoort er nog wel van. Of net niet. Brand morgen maar een kaarsje!





And the winner is… not me.

28 05 2008

Vandaag werd de leerkracht van het jaar bekend gemaakt. Ook ik was genomineerd en hoewel ik vermoed dat dit stukje geenszins interessant zal zijn voor de meeste lezers, wil ik toch even terugkijken op het evenement dat hierrond georganiseerd werd, deze namiddag in Brussel. Structureel wil ik dit stukje echter simpel houden, ik hou het gewoon bij enkele vermeldingen en bedenkingen.

*Ik had geenszins de verwachting als winnaar uit de bus te komen, omdat ik mijn job eigenlijk niet op echt opmerkelijke wijze uitvoer. Maar op de bijeenkomst zou je ook te horen krijgen wie je genomineerd had en waarom. In de aanloop daarvan werden doorheen de ceremonie nu en dan enkele leerkrachten in de spotlights gezet en werden brieven van leerlingen, ouders en collega’s voorgelezen en dus was het ergens een beetje spannend op welke wijze iedereen aan bod zou komen. Ik kan tevreden zijn. Niet iedereen kreeg aandacht, daarvoor was er wel wat veel volk, maar ik mocht en plein public toch aanhoren waarom mijn leerlingen mij genomineerd hadden. Er werd een stukje voorgelezen uit hun brief. Mijn collega’s hadden het moeten zien. Ik werd bloedrood en was verstomd. Mij hadden ze niet moeten laten winnen, ik zou geheel sprakeloos zijn. Daar gaat je imago van grote bek en aandachtstrekker. Natuurlijk had ik ook graag een volledige ode aanhoord, zoals sommige genomineerden, maar laat ons nu toch blij zijn met minder ook.

*Ik stelde al eerder vast dat er echt wel leerkrachten in alle soorten en maten bestaan. Ook nu werd dat bevestigd. Oud en jong, man en vrouw, klassiek en hip, sportief en truttig, mastellen en bretellen. Interessant eigenlijk en voor mij toch een lichte bijstelling van het vastgeroeste vooroordeel dat leerkrachten met een onopvallende persoonlijkheid geen goede lesgevers zouden zijn. De verhalen die naar voor gebracht werden getuigden allemaal van veel inzet en liefde voor het vak. Maar goed, ik zag ook juffen die mij aan brave catecheselessen en netjes in de rij staan deden denken.

*De genomineerden werden voorgedragen door leerlingen, ouders van leerlingen, collega’s, directies, oud-leerlingen, partners, eigen kinderen en, in het geval van de winnaar, zelfs door de eigen ouders. Frappante verhalen ook: een leerkracht die tussen de chemo’s door even komt les geven, heel wat pregepensioneerden, waaronder een 64-jarige hekkensluiter, een dochter die haar ontroerde moeder prijst, een man die zijn lesgevende vrouw eert,  … Aangrijpend was de nominatie van een directrice in wiens school een kleuter om het leven kwam in de klas. Haar hele team én de ouders van het jongetje hadden de brief ondertekend omwille van haar moed en daadkracht tijdens de moeilijke periode. Tragisch maar hartverwarmend.

*Shocking! Er werd melding gemaakt van een leerkracht die van haar directrice niet aanwezig mocht zijn op de uitreiking. Het kon niet toegestaan worden dat één leerkracht van het team aldus boven de anderen zou gesteld worden. Triestig. Heksen bestaan nog. En heel wat leerkrachten hadden op school niet verteld dat ze genomineerd werden, uit schrik voor jaloerse of negatieve reacties van leerkrachten… Terwijl ik er bij ons op school  op getrakteerd heb! Wat een verschil.

*Enkele personality’s kwamen mee lof zwaaien. De winnares van vorig jaar, journalist Farouk Ozgünes, kinderrechtencommissaris Ankie Vandekerckhove en Minister van Onderwijs Frank Vandenbroucke zelf natuurlijk. Vandekerckhove mocht even over haar eigen lagere-schooltijd vertellen, en deed dat met een pracht van een verwijzing die mij goed van pas komt in een volgend artikel.

*We werden ook een beetje verwend. Een goodie-bag waar echt niet alleen maar brol in zat, maar leuke en lekkere hebbedingetjes, waaronder een door het Ministerie van Landbouw en Visserij geschonken bakje aardbeien.

*En dan de winnaar. Het kon vermoed worden dat een man zou winnen. Centraal in heel wat onderwijsdiscussies staat het gebrek aan mannelijke leerkrachten. Dat het dan promotiegewijs beter een 25-jarige is dan een 45-jarige, is aannemelijk. Eerst werd de laureaat uitvoerig beschreven, wat het grappige effect had dat enkel de winnaar zelf al wist dat het over hem ging. We waren ook te weten gekomen dat de persoon die voor de nominatie gezorgd had, intussen opgehaald was om zelf de prijs te overhandigen. Dat bleken dus de (eigen) ouders te zijn, de collega’s, de leerlingen én de ouders van de leerlingen te zijn van de winnaar. Zij kwamen zingend (een variant op een liedje van Frans Bauer, godbetert) en getooid in T-shirts met de afbeelding van hun favoriete leerkracht, binnen en wisten zelf nog niet dat hun meester de winnaar was. Toen de jongeman op het podium betrad, kreeg hij een warm applaus van de hele zaal. Op dat moment heerste er een oprechte sfeer waarin iedereen het eens leek te zijn dat deze leerkracht het verdiend had en zijn hele beroepsgroep echt een heel jaar mocht vertegenwoordigen. We applaudiseerden dus evenzeer voor onszelf, terwijl we mee enthousiast waren om de verbazing en verwondering van de winnaar. Proficiat dus!

Toch verhindert mij dat niet, zoals gewoonlijk, een kritische kanttekening te maken. De titel ‘leerkracht van het jaar’ is een symbolische titel en dus staat de winaar symbool voor alle leerkrachten. In die zin vind ik het heel jammer dat de eer naar een zeer traditionele leerkracht ging. Beide ouders ook in het onderwijs, geeft les in de school waar zijn vader zelf les gaf, een klein dorpsschooltje (de burgemeester ontbrak nog net in de fanclub) waar hij als enige man aan het werk is en de status van de leerkracht aan het goddelijke grenst. Met zijn keurige kapsel en nette hemdje, voldoet de jongeman volkomen aan het stereotiepe beeld van een leerkracht.

Wil zo’n opmerking  niet als frustratie of jaloezie zien, alsjeblieft zeg. Niet alleen mocht ik gedurende het aanhoren van al die lofvoeringen vaststellen dat ik echt nog wel een tandje mag bijsteken wil ik ooit zo’n titel waard zijn, ik was zoals net gezegd echt wel blij voor de winnaar. Maar het huidig onderwijs ziet er anders uit. We stappen af van tradities en klassieke methodes (hoewel ik natuurlijk niet weet hoe deze leerkracht voor de klas staat, daar werd niets over gezegd, maar zijn leerlingen zagen er behoorlijk dorps uit en dan koppel je daar niet automatisch nieuwe methodes bij) en de knelpunten van het onderwijs komen slechts in beperkte mate voor in een Limburgs dorpje. Het was trouwens opvallend hoe afwezig verwijzingen waren naar de miserabele werkomstandigheden van vele Brusselse leerkrachten, de taalproblematiek, de wachtlijsten en cultuurkloven. Misschien had Klasse toch voor een leerkracht moeten kiezen die elke dag met twee voeten in een keiharde realiteit staat? Een gemiste kans, die, afhankelijk van de media-aandacht die de winnaar te wachten staat, wel eens erg veel invloed zal kunnen hebben. Maar ja, er is een massaal tekort aan leerkrachten, dus het plaatje moet er positief uitzien. Eigenlijk raak ik tijdens het neerpennen van dit stukje dan toch een beetje geagiteerd. Was dit maar een schijnvertoning, een goed-nieuwsshow?

*Wel interessant natuurlijk, dat zo’n evenement een heel scala aan emoties en bedenkingen oproept. Puur vormelijk was dit dan ook prima opgezet spektakel, gevolgd door een leuke receptie. Frappant ook dat maar liefst zes andere genomineerden op één of andere manier bekenden waren - wat niet wil zeggen dat ik ze allemaal persoonlijk kende natuurlijk, maar ik wist wel wie ze waren. Is de onderwijswereld dan zo klein? Er was zelfs een Haaltertse juf!

*Goed, ik kan er nu dubbel en dik tegenaan. Met de wetenschap weliswaar dat ik nu nooit meer opnieuw zal genomineerd worden (hoe groot is die kans immers?), maar met een stevige bevestiging van mijn vaardigheden en een lintje dat ik morgen ongeneerd stoefend op school zal etaleren.





Kanovaart wordt leerkracht bijna fataal

16 05 2008

GENT - 17 leerlingen van een Gentse school zullen zich hun sportdag nog lang heugen. De dag waarop ze zich flink mochten uitleven met ondermeer een kanovaartocht, eindigde bijna in een nachtmerrie toen ze hun leerkracht voor hun ogen overboord zagen gaan.

Veiligheid gegarandeerd
SDS had bij het ontwaken niet kunnen vermoeden dat hij amper vier uur later in de Leie zou liggen. Toch was dit precies wat deze leerkracht zou meemaken op wat een routineuze sportdag hoorde te worden. ‘Ik was niet meteen van plan deel te nemen aan de kanovaartocht’, verklaart SDS onder de indruk. ‘Er waren voldoende monitoren voorzien, dus mijn aanwezigheid was niet vereist. Toch besloot ik mee te doen, omdat ik die ervaring graag met mijn leerling wou delen. Bovendien was er voor één kano een leerling te kort en het zag er niet naar uit dat twee kinderen er alleen zouden in slagen het vaartuig te besturen. Ik vond het dus mijn plicht.’ De leerkracht informeerde zich vooraf bij de monitoren over het risico op waterspatten. ‘Er werd me gegarandeerd dat als de instructies goed werden opgevold en er geen stunts werden uitgehaald, de kans bijzonder klein was dat je in het water belandde’, gaat een aangeslagen S. verder. ‘Op het laatste moment besloot ik toch nog mijn splinternieuwe fototoestel aan de kant te laten. Gelukkig maar.’ Terwijl de leerlingen allemaal in zwempak en regenjas aan boord gingen, vertrok de leerkracht in onaangepaste outfit.

Mislukte samenwerking
‘Aanvankelijk verliep alles vlot. Hoewel zo’n kano toch nogal wiebelachtig is en er nogal wat zenuwachtigheid was, kregen we het ritme toch te pakken en verliep de vaart voorspoedig.’ vertelt het slachtoffer. Eén van zijn leerlingen vult aan: ‘Na wat varen, kregen we allerlei spannende opdrachten. Zo moesten op een bepaald moment twee van de drie opvarenden van plaats verwisselen in de kano. Een beangstigende opdracht… (barst in tranen uit).’ Een medeleerling gaat verder. ‘Er was niets aan de hand, tot de volgende taak uitgelegd werd. De monitoren beschreven wat er moets gebeuren en verklaarden toen dat de groep van de leerkracht het eens mocht demonstreren.’ Een fataal idee, zo bleek, want hoewel de leerkracht zijn deel van de proef tot een goed einde bracht, zorgde de samenwerking met de andere bemanningsleden voor problemem. ‘Toen de middenste persoon het bevel kreeg recht te gaan staan, gebeurde het,’ beschrijft een zwaar aangeslagen ooggetuige. ‘De kano begon vervaarlijk te wiebelen en voor iemand het goed en wel besefte, sloeg de kano om.’

Machteloosheid
Hilariteit alom, zou je denken, maar de leerlingen begonnen wanhopig te schreeuwen. ‘De leerkracht is genomineerd voor ‘leerkracht van het jaar en geniet aldus een grote populariteit’, meldt de directie ons. ‘Dat zijn leven ook maar enkele seconden in gevaar was, is voor onze school een zware schok. Zeer aannemelijk dan ook dat de leerlingen die getuige waren van het drama, behoorlijk overstuur zijn’ Gelukkig droegen alle opvarenden de verplichte reddingsvesten zodat zij veilig bleven drijven. De leerkracht zorgde er eerst voor dat zijn twee jonge passagiers op het droge raakten, katapulteerde de kano terug op de oever, maar was toen op het eind van zijn krachten. De paniekerige leerlingen moesten machteloos toezien hoe hun geliefde leerkracht uitgeput door de stroom werd meegesleurd. Kreten van ontzetting doorkliefden de stilte die over het water hing.

De preciese reddingsomstandigheden zijn onduidelijk, maar vast staat dat SDS op miraculeuze wijze de gruwelijke gebeurtenis overleefde. ‘Wat zou er van mijn leerlingen worden?’, vroeg het slachtoffer zich af. ‘Stel je voor dat ik door de eerste beste schoolmastel wordt vervangen! En wie zal de koffiekoek opeten die nog in mijn vakje in de leraarskamer ligt? Die gedachten gaven me kracht en met wat me nog restte aan energie, wist ik mezelf te redden.’ zo klinkt het verder. Er volgde dan ook een hartelijk weerzien tussen de leerkracht en zijn leerlingen, van wie enkelen intussen radeloos aan het huilen waren.

Opvang
De klas werd opgevangen door de dienst slachtofferhulp en een team van traumatologen die hen zullen helpen het drama verder te verwerken. In hun aller belang werd besloten de sportdag alsnog verder te zetten, al had het slachtoffer geen droge kleren bij. Gelukkig waren daar de talloze collega’s, die allen (ietwat krappe) kledingstukken afstonden om te voorkomen dat SDS de rest van de dag koukleumend (en dus ook zeurend) zou doorbrengen. Toen in de namiddag de zon doorbrak, waren de gemoederen zelfs al flink bedaard en bij de thuiskomst werd het drama dan ook op vrolijk-anekdotische wijze aan de ouders overgebracht.  ’Toch staat vast dat dit hele gebeuren zijn sporen zal nalaten op de kinderen, de klaswerking en zelfs de schoolwerking’, merkt een specialist op. ‘Ik voorspel nachtmerries en flashbacks, deze sportdag zal letterlijk ‘onvergetelijk’ worden.’ Een andere deskundige vult aan: ‘En dan hebben we het nog niet over het gezichtsverlies gehad dat de leerkracht leed. Ten aanzien van je leerlingen op dergelijke wijze op je sterfelijkheid gewezen worden, is niet goed voor je imago! Ik voorspel dan ook dat het klasgebeuren de komende dagen volledig ontwricht zal worden’. Het slachtoffer wenst zich niet uit te laten over deze voorspellingen. ‘Veel erger is dat ik alle buskaarten van de leerlingen in mijn zak zitten had! Die zijn nu allemaal nat!’.





De Opgesloten Onderwijzeres

16 04 2008

Er was eens een Gentse kleuterjuf die in een gezellig huisje woonde dicht bij de school waar ze werkte. Op een ochtend stond ze goedgehumeurd op om even later vast te stellen dat de voordeur op slot was en er geen sleutel op zat. Haar zoetje had namelijk per ongeluk alledrie de huissleutels mee naar zijn werk - in Antwerpen.

De kleuterjuf raakte al een beetje in paniek. De ramen op het gelijkvloers konden niet open. Het was acht uur en over twintig minuten werd ze op school verwacht om met haar klasje een uitstap te maken. Een slotenmaker bellen was een optie, maar die zou veel te laat komen! Dus belde de juf naar een collega die al op school was. Die zou vast wel een goed idee hebben.

Die collega alarmeerde de reeds koffieslurpende leerkrachten in de leraarskamer. Iemand een idee? Eén bepaalde collega had deze kleuterjuf al een keer uit de school bevrijd, toen ze geen sleutels bij had en opgesloten zat. Dus aarzelde deze heldhaftige, altijd hulpvaardige collega niet om samen met twee mannelijke collega’s (waarvan één met lichte tegenzin) een lange ladder te pakken en naar het huisje te trekken een straat verder. Jacobus-en Corneelsgewijs werd deze ladder aldus tegen de gevel van het hulpeloze meisje geplaatst, waarop het slachtoffer uit haar woning kon bevrijd worden. Dankbaar en opgelucht begroette het meisje haar redders. Waarop de schooldag kon beginnen.

(Om bepaalde personen niet in diskrediet te brengen, zullen de beelden ervan - er was een camera bij de hand - niet geplubliceerd worden).





Buurman wordt boos (2)

15 12 2007

Een half jaar geleden verloor hij al een keer zijn zelfbeheersing, vandaag mocht de Gentse politie opnieuw uitrukken voor mijn agressieve buurman. Deze keer had hij het iets verderop in de straat aan de stok gekregen met ander gespuis, met een vechtpartij tot gevolg. Eén van de mannen zat helemaal onder het bloed (sensatie! sensatie!) en de twee bleven maar tegen elkaar tekeer gaan. Enkele minuten later stonden er wel vier politiewagens op het kruispunt, waarop maar liefst negen agenten te voorschijn kwamen. Ik stond weer klaar met mijn fototoestel.

De bloedworst werd snel in de combi geduwd en buurman zag dat de publieke opinie zich tegen hem begon te keren. Hij zou duidelijk als slechterik uit dit verhaal komen. En wat doet crapuul in nood dan steevast? Snel zelf het slachtoffer uithangen natuurlijk. Buurman liet zich dus snel op de grond vallen, kreunend en pogingen doend erbarmen op te wekken bij de omstaanders. Vruchteloos, want toen de ziekenwagen arriveerde, weigerde men hem zelfs op te rapen. Buurman stond dan maar recht en stapte zelf in de ambulance…

afbeelding-034.jpg

afbeelding-033.jpg afbeelding-035.jpg afbeelding-038.jpg

Ik ben niet snel geneigd kritiek te geven op onze politiemacht (ik spaar mijn gal voor Hans Bourlon), maar opvallend was toch wel dat een jonge vrouw die op één of andere manier betrokken partij was, al die tijd in een flinterdun zomerjurkje toekeek, zonder dat ook maar één van de negen agenten haar een jas of deken aanbood. En daarnaast vraag ik me toch wel af of politie- en hulpdiensten niet een héél klein beetje moeite kunnen doen het verkeer niet in de war te brengen door gewoon midden op straat te parkeren als het geenszins om een noodgeval gaat.





gps: gangster-en-police-speelgoed

18 11 2007

Net zoals veel politie-agenten mislukte onderwijzers zijn, ben ik in mijn fantasie wel eens een agent. Naar Flikken kijk ik nooit, dus ik hoop te kunnen stellen dat de vormgeving van mijn fantasie daardoor niet beïnvloed is. Maar dit zou één van mijn avonturen kunnen zijn:

Ik vorm een vast duo met agent Poncherello. Een vrouw die in leeftijd één jaar hoger staat dan ik. Ze is blond en niet al te groot, maar compenseert dat met een strenge blik en kordaatheid die je niet kan tegenspreken. Ze kijkt graag naar Desperate Housewives en is lichtjes overdreven hygiënisch ingesteld. We lachen wat af, maar tijdens onze werkuren zijn we zeer gedreven. Zij durft de commissaris tegen te spreken, maar ik ken beter de weg in Gent.

Op een donkere en koude novemberavond worden we op pad gestuurd om een befaamd boeventrio te vatten. Het zijn Karel de Maniakale, Olivier ‘The Hulk’ en Razend Mieke. Ze worden als uiterst gevaarlijk en geslepen beschouwd. Poncherello en ik trekken naar het Gentse Zuidpark, waar de drie slechterikken volgens onze informatie van plan zijn wapens op te graven om de bibliotheek te overvallen. Twee andere politieduo’s vangen eveneens een speurtocht aan, maar al snel blijkt dat wij hen het dichtst op de hielen zitten. Terwijl we hen naderen, bewonderen we tegelijk de architectuur van de oude herenhuizen rondom het Muinkpark. Zo zijn we wel. De focus op het werk, maar ervaren en beheerst genoeg om ook onze omgeving op te nemen. In het park aangekomen stijgt de spanning. Onze satelliet meldt ons dat de criminelen nu wel héél dichtbij zijn. Mijn partner en ik verstoppen ons achter een boom. Daarna rennen we gebukt een grasveld over. We gaan op een bank liggen om aan het zicht van de dieven te ontsnappen. En dan gebeurt het. Ineens zien we het illustere trio vlak voor ons. Er zit maar één ding op. Ik spring recht en ren naar ze toe, met getrokken wapen. Poncherello verliest even haar kalmte en rent gillend de andere kant op. Ik vuur drie kogels af. De misdadigers worden geraakt.

GAME OVER. De gangsters werden gevat na 14 minuten. De politie heeft gewonnen.

6110navigator.jpgNee, ik ben geen Ben X geworden die zich teruggetrokken heeft in een fantasiewereld. Poncherello heet gewoon Lieve. Samen met Karel, Mieke, Olivier en 12 andere niet-volwassenen die we onze vrienden noemen, deden we mee aan een city game in Gent. Per acht mensen speel je een spel, waarbij vier duo’s worden gevormd. Eén duo (of in ons geval een trio) moet een misdaad uitvoeren, de anderen zijn agenten. Een klassiek politie- en dief-kinderspelletje? Nee, want elke groep krijgt een gps waarop de positie van de boeven en de andere agenten te zien is. Je kan (virtuele) wapens oprapen, overvallen plegen op bekende Gentse gebouwen en geld buit maken. Er kan ook naar elkaar gevuurd worden op zeer vredevolle wijze. Voor weinig geld kan je twee uur spelen. Na elk spel, worden de rollen doorgeschoven zodat een ander duo de misdaad moet plegen.

Wij gingen er (bijna) allemaal compleet in op. Dat heb je met dat voormalige jeugdbewegingsvolk, ze blijven spelen. Een beetje conditie is wel nodig. Technische kennis niet. De gps wijst zichzelf uit en de verbeeldingskracht doet de rest. Het enige dat je er moet bijnemen is dat je op bijzonder bevoogdende en vermanende wijze wordt toegesproken door de verantwoordelijke geek (die u misschien zal herkennen uit een VTM-programma over beauty’s en nerds) en dus de neiging om het gps-toestel naar zijn kop te gooien, even moet onderdrukken. Maar verder: heel tof.

Poncherello en ik zijn later ook op het verkeerde pad geraakt. Als gangster is het spel zelfs nog een beetje spannender en komt er meer strategie aan te pas. In Gent goed de weg kennen, is een pluspunt, maar het maakt wel dat het spel ook minder lang duurt. Je kan het spel echter ook in Antwerpen spelen. Je moet wel bereid zijn je een heel klein beetje belachelijk te willen maken door je als een gestoorde idioot achter bomen en geparkeerde wagens te verstoppen. Ook in uitgangsbuurten. Maar dat hoeven we ons geenszins aan te trekken. We zijn misschien wel allemaal een heel klein beetje geek.





Het leven van een festivalfreak

17 10 2007

Ja, ik heb het naar mijn zin op dit 34e filmfestival van Gent. De teller staat intussen op 18 en er staan nog 10 films op het programma. Oorspronkelijk zou ik 32 films gaan zien. Maar dan worden persvisies verschoven, blijf je toch liever in de festivalbar hangen, lijkt een film op het laatste moment toch iets te saai of ben ik gewoonweg te vermoeid. Toch speelt dat maar een kleine rol. Binnen 4 dagen is het festival afgelopen, zolang houdt ik het nog wel uit, zeker met wat energiepilletjes.

Ieder jaar stel ik weer vast wat een aparte ervaring die filmmarathon eigenlijk is. De dagen lijken veel langer, doordat je zoveel verschillende impressies en ervaringen opdoet op korte tijd. Van de Patagonisch hoogvlakten naar het Groot-Brittannië van de jaren ‘80, van een Estse school naar een Italiaans klooster, … verhalen gevuld met Israelische kokkinnen, Londense maffiosi, Duitse Johnny’s, Amerikaanse straatkinderen en Australische seriemoordenaars. Je stapt van de ene wereld in de andere.

Dan verdwijnen andere zaken naar de achtergrond. Schoolwerk en bijscholingen, verjaardagen (sorry Elke en Jan!), te betalen rekeningen, blogs, … allemaal geen tijd of aandacht voor. En dat vind ik niet eens zo erg. Iedereen zou zich zo een keer op het jaar volledig moeten onderdompelen in zijn passie.

Filmfestivalbezoekers zijn ook aangename mensen. Niemand komt te laat en iedereen is muisstil en aandachtig tijdens de film. Geen chipszakken of stinkende nacho’s, geen lachers of gsm’ers. Wonderbaarlijk soms hoe er tijdens een twee uur durende prent niet één iemand een kik geeft in een zaal met 400 zitjes. Dit festival verloopt ook erg smooth. Geen storingen of late beginners, geen vertaalproblemen of foute zaalnummers. Enkel jammer dat de Studio Skoop zo krap is. Maar dat las u hier al. Ik vernam overigens uit rechtstreekse bron dat Katleen Turner zo’n sympathieke vrouw is.

De essentie is natuurlijk film: ik weet intussen wat uit te kiezen. De sectie ‘World Preview’ biedt me te weinig nieuws. Ieder jaar weer die sociaal geëngageerde drama’s uit Uruguay of Roemenië, ik heb het wel gehad. In ‘A Look Apart’ vind je meer vernieuwende en originelere films. Ik voel me ook nog altijd aangesproken door de films die van een ‘X-plore Zone’ label worden voorzien: een eigenzinnige selectie films voor jongeren, waar vaak erg goeie films in zitten. In de competitie tref ik toch nog te vaak al te ernstige oudemensenfilms aan, loodzwaar soms. Maar ik heb wel nog geen enkele echt slechte film gezien, en dat is sommige jaren wel anders. Wel ben ik voor het eerst de zaal buitengestapt bij een film die nog maar een half uur bezig was. Geen tijdverlies meer. Wel jammer dat mijn totaal toch lager zal liggen dan anders.

Voor de geïnteresseerden nog snel de beste films die ik gezie heb op een rijtje: The Assassination of Jesse James, Klass, This Is England en Eastern Promises.





Drie West-Vlaamse bakvissen gingen eens naar het filmfestival

12 10 2007

Drie West-Vlaamse bakvissen wilden wel eens naar het filmfestival. Ze vertrokken natuurlijk veel te laat want ze hadden geen idee dat je op een filmfestival best een beetje tijdig aanwezig bent. In de Studio Skoop aangekomen, sloten ze netjes aan in de rij en begonnen aan een reeks kletspraatjes. Ze merkten niet op dat achter hen nog heel wat mensen kwamen staan, waaronder een reeds half uitgeputte filmfanaat die ook wat te laat was aangekomen omdat hij van een andere voorstelling kwam. De bakvissen hadden elkaar zoveel hoogstnoodzakelijke kletskoek te vertellen dat ze eigenlijk niet goed doorschoven en er gaten in de rij kwamen. De filmfanaat achter hen beet op zijn tanden en verwenste hen in het Oost-Vlaams (’stomme goeln’)

Toen kwam de rij in beweging, maar intussen waren links ervan een aantal figuren opgedoken die deden alsof ze niet doorhadden dat ze moesten aanschuiven en die dus probeerden in de reeds bestaande rij in te voegen. Wat natuurlijk probleemloos lukte want de drie bakvissen, die nog steeds praat van zeer hoog niveau uitsloegen, schoven maar heel traag door en gaven elke voorsteker dus ruim de kans. Tot steeds groter wordend ongenoegen van de filmfanaat achter hen, die intussen niet alleen de bakvissen naar de maan wenste, maar ook alle voorstekers.

Toen de rij aan snelheid won en de flessenhals in bereik kwam (een cruciale plek), begon de filmfanaat lichtjes te dringen in de hoop dat de bakvissen begrepen dat er van hen verwacht werd dat ze net als elke andere cinefiele volwassene om hen heen, moesten bewegen. Liefst in de goede richting. Helaas. Erger nog, bakvis één bleef zelfs staan voor de affiche van een compleet niets ter zake doende film, alsof ze zich tot levensdoel had gesteld de mensheid om haar heen te ergeren. Het aantal voorgestokenen moest intussen al meer dan tien zijn. De filmfanaat kon uit het gezucht achter zich opmaken dat ook de massa achter hem dit niet ontgaan was. Maar door de lengte van de filmfanaat werden de ware schuldigen, zijnde drie dwaze troela’s die onwetendheid tot een kunst trachtten te verheffen, aan het oog onttrokken, waardoor de filmfanaat, intussen stilaan een kookpunt bereikend, zich in het nauw gedreven voelde en maar één oplossing kon bedenken: zelf voorsteken.

En dus drong de filmfanaat brutaal en gezien zijn lengte niet onzacht naar voor, manoeuvreerde zich tussen de bakvissen, daarbij een uitweg banend voor alle wachtenden achter hem, om dan - eindelijk - de bioscoopzaal te kunnen bereiken. Opluchting maakte zich van hem meester, de schaamte om de verwerpelijkheid van zijn daad - voorsteken is ongelooflijk onbeleefd! - doorslikkend. Maar nog een snelle blik achter hem, leerde de filmfanaat dat de drie bakvissen zich zelfs op dat moment niet realiseerden wat er eigenlijk aan de hand was. De filmfanaat wenste hen stiekem een overvolle zaal toe waarbij de vissenschool zou genoodzaakt worden zich te verspreiden.

Tien minuten later - de filmfanaat zat al goed en wel neer, zijn zenuwen langzaam onder controle brengend - kwamen de bakvissen dezelfde filmzaal binnengezwommen. Het aantal vrije zitjes was minimaal en de filmfanaat stiet een innerlijke kreet van triomf uit. Doch, een bakvis zou geen bakvis zijn moest ze zich niet domweg door het leven slaan alsof het een makkie is. En dus kregen de bakvissen een hele rij goedhartige en stipte mensen zo ver allemaal van plaats te verwisselen, zodat het bakvistrio alsnog één mosselbank kan vormen (weliswaar héél dicht bij het scherm, héhéhéhé).

Eerstdaags vindt u een petitie on line om West-Vlaamse bakvissen de toegang tot filmfestivals - en bij uitbreiding maar meteen alle bioscopen - te ontzeggen.





Starstruck (2): Ontmoeting met een filmster

7 10 2007

Sommige filmsterren lijken larger than life. In vele gevallen lijken filmsterren me zo onbereikbaar dat ik zelfs twijfel of ze wel echt bestaan. Ik dacht vroeger dan ook dat een ontmoeting met een filmster een ongelooflijk moment moest zijn. Dat op de foto gaan staan met Nicolas Cage of Susan Sarandon onvergetelijk moest zijn. Als kind verzamelde ik ook de adressen van agentschappen in Hollywood die je kon schrijven om handtekeningen te vragen - wat ik nooit gedaan heb. Maar alleszins dacht ik dat een krabbel van Winona Ryder of Dustin Hoffman een te koesteren schat moest zijn.  

Maar enkele jaren geleden was Morgan Freeman te gast op het Gentse filmfestival. Ik stond nerveus te wezen in het publiek, toen hij arriveerde, op amper enkele meters. Dit was nu een superster! Een bekende acteur! Een Oscarwinnaar! Een echte celebrity! Ik wachtte met spanning af hoe mijn lichaam en geest zouden reageren. Zou ik in zwijm vallen of de man om de hals vliegen? Zou ik beginnen joelen of starstruck geraken en geen woord meer kunnen uitbrengen? Welnee. Twee minuten later was Freeman binnen en de wereld draaide nog steeds. Tot zover mijn eerste aanschouwing van een filmster.

Ik was meteen een stuk geruster. Dat was dan weer een zorg minder. Zou ik geen levenslange frustratie meedragen omdat ik geen filmsterren kon ontmoeten. Maar in de daaropvolgende jaren bleef er een zekere idolatie aanwezig. Sommige van mijn favoriete sterren had ik toch graag wel een keertje van dichtbij willen aanschouwen, al zou dat geen wereldschokkend moment betekenen. Eén ster in het bijzonder domineerde mijn droom: Kristin Scott Thomas, de ongelooflijk mooie, elegante, stijlvolle en charismatische Britse actrice uit o.a. 4 Weddings and a Funeral, The English Patient, The Horse Whisperer en Gosford Park.

4weddings.jpg englisgpatient.jpg horsewhisperer.jpg kristinscottthomas2.jpg kst1.jpg

kst2.jpg

Van zoveel geweldige actrices zowat mijn absolute favoriet. Net iets bereikbaarder - ze woont in Parijs - en niet beroemd genoeg om à la Angelina Jolie ten prooi te vallen aan papparazzi. Wie weet waar haar carrière haar nog zou brengen?

En dan gebeurt het.  Anderhalve maand geleden belandt een bericht in mijn mailbox. ‘Kristin Scott Thomas op het Filmfestival van Namen’. Alsof iemand ergens had beslist dat ik eindelijk eens van mijn dagdroom moest verlost worden en ik maar meteen getrakteerd mocht worden op de hoofdprijs. Want evengoed was het Minnie Driver of Julia Ormond geweest, om maar twee andere Britse actrices te noemen wiens Hollywoodcarrière op een laag pitje staat. Ook fijn, maar of het me naar Namen zou krijgen?

Kristin Scott Thomas dus wel. Ze zou een acte de présence geven van anderhalf uur, waarbij ze door een festivalmedewerker geïnterviewd zou worden voor een publiek. Leek me al de moeite. En dus trok ik op een zonnige oktoberdag naar Namen. Zonder enige verwachting eigenlijk. Wie weet zou ze wel komen opdagen? Misschien was er wel vijfhonderd man en kreeg ik haar alleen maar vanop honderd meter afstand te zien. Of ze stapte na tien minuten al op. Bovendien leek het me al bij al nog altijd onrealistisch. Een grote actrice, die geschitterd heeft naast Robert Redford, Sean Penn, Tom Cruise, Harrison Ford, Hugh Grant en zelfs Prince. Die gewerkt heeft met Roman Polanski, Robert Altman, Brian DePalma, … En die zou in Namen enkele fans als mezelf komen groeten?

Ja dus. Ja, ja, ja. Ik heb Kristin Scott Thomas ‘ontmoet’. Om vijf over drie schreed ze binnen, zo stralend als maar mogelijk. Wat aarzelend, een zekere gespeelde timiditeit etalerend die haar nog charmanter maakte. En daar ging ze zitten, op amper twee meter van me vandaan (ik zat op de eerste rij!) en bood ze me de kans om anderhalf uur lang ongegeneerd naar haar te staren. Ze was echt. Ze bestond. Ze zat voor me, die ster die ik al in zoveel films al aan het werk had gezien. En ze voldeed volkomen aan het beeld dat ik door de jaren heen van haar had gevormd, al leek ze verrassend genoeg jonger dan in haar recentste films (ze is 47). Ze was glamoureus en verfijnd, aristocratisch en lieflijk. Ik luisterde naar elk woord, bestudeerde elk handgebaar, keek naar haar afwisselend koud-passionele blik, merkte elke trek op die haar roodgestifte lippen maakten. Vreemd om te merken dat ze een bizarre neus heeft. En dat dicht onder haar albasten huid twee aders over haar gezicht liepen die je op film eigenlijk nooit zag. Dat ze er dus eigenlijk gewoon menselijk uitzag.

dscn5204.JPG kristin.jpg

Om twintig over vier verliet ze ons. Ze gaf handtekeningen en foto’s, maar dat interesseerde me eigenlijk niet. De handtekening is een onbetekenende krabbel en hoe belangrijk moet je jezelf wel vinden om te denken dat zo iemand met jou op de foto wil? Wat doe je overigens met die foto? Bomagewijs op je bureau plaatsen om anderen te impressioneren? Nee, laat maar. Voor mij volstond de ervaring. Die wilde ik achteraf met enige relativering toedekken. Ik heb niet met haar gesproken. Zo beroemd is ze niet. Ze deed gewoon haar werk. Het zou mijn leven niet veranderen. Maar deze argumentatie had geen effect. Dit was ondanks de trivialiteit van het gebeuren, een geweldig moment.  

kristin2.jpg dscn5203.JPG dscn5195.JPG

(Voor wie haar echt niet kent: naast de bovenvermeldde films speelde ze o.a. ook in Random Hearts, Up at the Villa, Life as a House, Richard III, Keeping Mum, Man to Man, Arsène Lupin, Angels & Insects, Bitter Moon en de mini-series A Handful of Dust en Body & Soul.)

Lees hier Starstruck (1).





Zorro in Zwalm

27 08 2007

De aanwezigheid van Boris’ kunstcollectief HAP volstond om onze familie op een zondagnamiddag de fiets op te krijgen om de Zwalmstreek te verkennen, waar in het kader van de tentoonstelling Kunst & Zwalm een aantal werken te bekijken waren in het Zwalmse landschap. Het werd een dag die op zijn minst bewogen te noemen valt en eens te meer een bewijs dat een samenzijn van al die eigenwijze en dramatisch onderlegde mensen steevast tot chaos leidt.

dscn4669.jpg

Bij het vertrek in Haaltert werden eerst de gepensioneerden verdeeld. Willy in wagen 1, Marie-Louise in wagen 2. Weinig kans op snelwegvrees voor Ria, want Zwalm bereik je het makkelijkst via binnenwegen. Een dutje voor de als vanouds onuitgeslapen Thomas. Nel in sportieve outfit en voorzien van energiedrankjes om de fietstocht aan te kunnen.

Zes fietsers dus, gevolgd door een wagen met de lichtjes immobiele Gerda als chauffeur en de senioren als passagiers. Al na één halte ontstond er discussie over de te volgen weg. In een vlaag van zinsverbijstering had de organisatie immers beslist géén bewegwijzering aan te brengen, met als doel hier het dwaze idee van een dolgedraaide artiest mee te ondersteunen. Als je dan een plannetje met fouten op in handen gedrukt krijgt, kan dat alleen maar mislopen. Toevallige voorbijgangers troffen dus een groepje fietsers aan die samengetroept stonden aan een autoraampje waarachter een behoorlijk luidruchtige bejaarde zijn mening gaf over de te volgen route.

Er werd een consensus bereikt (lees: iemands mening genegeerd), maar na nog een stop of twee werd eens te meer de verkeerde richting uitgegaan. Mea culpa. Schoolmeesters die de leiding in handen willen nemen, nooit een goed idee blijkbaar. Nel en Ria, verrast door de ‘bergen’, dienden intussen al hun leeftijd en bijhorende rammelende conditie, te erkennen. Het zag er niet naar uit dat zijaan dit tempo onze eindbestemming zouden halen. Peter en Thomas waren toen al uit het zicht verdwenen. De gsm liet zich dan ook onophoudelijk horen. Waar zijn jullie en waar zijn wij? Een verdeelde familie, letterlijk. Boris had er intussen flink de smoor in. Met deze familie kon je nu nooit eens iets normaal doen. Terwijl ik net dacht dat er al normale mensen genoeg waren.

Uiteindelijk, twee uur later - Nel en Ria hadden de fietsen al teruggebracht en Marie-Louise kloeg vanop de achterbank van de auto over het gebrek aan plezier - stonden we dan toch klaar om getuige te zijn van het schouwspel dat HAP dit keer had bedacht. Johan was aangekomen en maakte aldus samen met ons deel uit van het kunstwerk. Immers, het wachten en dus tengevolge ook de kijker zelf, maakten deel uit van de performance. Er ontstaat immers een harmonieus collectief van mensen die met zijn allen naar de horizon staan te staren en daar zit al een deel van de kracht van dit werk.

Om 6 uur precies (voor de geïnteresseerden: ieder uur tussen 2 en 6 in het weekend) verscheen Zorro aan de horizon. Met zijn paard stoof hij door de velden, zijn mantel wapperend in de wind, met zijn uitrusting een schitterend herkenbaar profiel vormend tegen de wolkenpracht die als achtergrond diende. Een steigering die het romantische beeld nog eens benadrukte en toen stoof hij weer weg. Amper vijf minuten lang maar we stonden er allemaal betoverd bij. In de ban van de speelse avontuurlijkheid waarmee HAP ons dit keer weer liet nadenken over betekenissen en beelden of over paarden en Zorro’s.

dscn4672.jpg

Of over aardappelen. De performance kreeg immers een vervolg. De door Zorro bereden strook aardappelveld, was immers ontdaan van zijn begroeing, zodat wie dat wou ook nog een zak echte Zorro-potatoes kon kopen en op die manier de kunstenaars nog steunde ook. Onze dag eindigde dus in schoonheid, daar waren we het deze keer nu wel over eens. Het obligate familiediner, inclusief zeegebakjes, sloot deze lichtjes hysterische dag af.

dscn4654.jpg

zorro22.jpg





USA: dag 21 & 22

31 07 2007

Op een onmenselijk vroeg uur hijsen we ons uit het iets te kleine bed in de verder excellente jeugdhostel in Santa Monica (Los Angeles). Het is feitelijk nog midden in de nacht, maar de vele uren die we op het vliegtuig zullen moeten doorbrengen, zijn een troostend vooruitzicht. Voor een ontbijt is geen tijd of gelegenheid. Om half zes zijn we op weg naar LAX, de luchthaven van Los Angeles. De laatste rit door deze wereldstad wordt verstoord door een discussie over de juiste weg. Maar na het inleveren van de al bij al niet al te zeer afgeleefde auto bij het verhuurbedrijf, staan we om zeven uur toch tijdig in de rij om de bagage in te leveren. Bizar genoeg weegt mijn rugzak nu meer dan in het heengaan, terwijl ik vrijwel niets extra heb gekocht. Zweet en zand?

Om half tien gaan we aan boord richting New York. Ik geniet onderweg nog maar eens van een filmpje. Banaal, maar momenteel snak ik naar cinema, dus ik slik alles. Behalve het eten dan, dat alweer van bedenkelijke kwaliteit is. We landen om drie uur, maar mogen we onze klok meteen drie uur vooruitdraaien. Vrijwel meteen reizen we verder. Om half acht vertrekt immers de nachtvlucht naar Brussel. Aan boord wordt het me iets te moede. Alsof er ironie mee gemoeid is, tref ik aan boord een massa Vlamingen aan die me wel erg snel ontnuchteren. Degelijke katholieke gezinnen, een Leuvens meisjeskoor dat op dit moment uit werkelijk afstotelijke en domme bakvissen lijkt te bestaan, gepensioneerden die in Blankenberge een verkeerde afrit namen, Antwerps gekwek en Kortrijks geneuzel, … ik verafschuw mijn eigen volk zoals ik nog nooit eerder heb gedaan. Wat zijn ze banaal en eng. Onbewust moet het reizen door een reusachtig en gevarieerd land als de Verenigde Staten - waarbij je dan nog eens een massa andere nationaliteiten tegenkomt - mij enigszins hebben bevrijd van die Vlaamse kettingen, maar nu worden ze meedogenloos hard aangetrokken. Op de stewardess na spreekt niemand nog Engels en het gezanik van de Vlaamse vracht, in trainingen en T-shirts die hun vakantiestops benadrukken, benauwt me.

Ik hoopte op nog een film, maar de povere geluidskwaliteit van dit Belgische vliegtuig verhindert dat. Slapen in een vliegtuigstoel lukt moeilijk als je bijna twee meter groot bent. Dan maar wat sudoku’s invullen (dank u, Knack, voor het vakantieboekje vol puzzels). Maar we zijn vlug in België. De terugreis lijkt altijd korter (en dat is ze eigenlijk ook, want we hebben de luchtstroom mee) (wat klinkt het gek dat de natuur uiteindelijk nog invloed blijft hebben op een indrukwekkende uitvinding als het vliegtuig - dit even terzijde).

Wanneer we in Brussel landen, ben ik weer goedgehumeurd. De reis heeft lang genoeg geduurd. We zijn intussen nog een dag verder, want de tweede vlucht heeft zes uur geduurd en de kleine wijzer mag nog zes rondjes doen. Ik ben moe, maar nu ik enkele duizenden kilometers meer van deze aardbol heb gezien, voel ik een zekere tevredenheid. Ik vraag me af welke vorm dit gevoel de komende dagen aan zal nemen. Voldoening? Euforie? Een zakelijk ‘dat hebben we weer gehad’? Wat zal deze reis uiteindelijk losgemaakt hebben? Ik denk ook aan alles waar ik aan gehecht ben in het dagelijks leven. Ik kijk uit naar de routine en de sleur, vreemd genoeg. Wil dat zeggen dat de batterijen opgeladen zijn, ondanks het feit dat ik eigenlijk eerder een vakantie dan een reis nodig had? Alleszins is thuiskomen blijkbaar nog prettiger dan vertrekken.

In de komende dagen zullen alle verslagen nog worden verbeterd en aangevuld!  





USA: dag 18

29 07 2007

Niet veel tijd meer gehad om te schrijven. In de Grand Canyon bezochten we het recent gebouwde uitkijkplatform The Skywalk. Daar kan ik een uitgebreid rapport over schrijven, wanneer ik terug ben.

Intussen San Diego bezocht, mooie stad. En nu alweer in Los Angeles, waar we maandagochtend het vliegtuig nemen naar huis.

Voor de souvenirhopers: ze verkopen hier echt alleen maar brol.





USA: dag 15

25 07 2007

De Grand Canyon is grand. Genoeg natuur gezien nu. Maar het blijft wel onvoorstelbaar hoe uitgestrekt al deze parken wel zijn.

Ook de motels steken tegen. Ze zijn allemaal hetzelfde.

Morgen een hele dag rijden en dan weer stadsverhalen.

Meest ergerlijke woord op dit moment: Gift Shop.





USA: dag 14

24 07 2007

Ik heb trek in bloemkool met witte saus.

Bryce Canyon is schitterend. Flink gestapt. De eerste regenbui meegemaakt hier.





USA: dag 12

22 07 2007

Heel vroeg opgestaan om voor de hevige warmte het Zion natuurpark te bezoeken. Staptochtje van 9 kilometer en weer het zwembad in. Rustige dag.

Intussen lees ik over de op stapel staande huis- en tuinwerkzaamheden in het ouderlijk huis. Een onbegrijpelijke reactie over tenen van Boris. Clijsters en haar huwelijk, noodweer in Belgie, lieve mailtjes van leerlingen uit het verleden (je krijgt snel antwoord, Wouter!), uitnodigingen voor barbecues. Ja hoor, ik mis het dagelijks leven eigenlijk wel.





USA: dag 11

21 07 2007

Toch vrij onverwacht aan internet geraakt. We hebben Las Vegas verlaten en hebben intussen iets meegemaakt dat een nachtmerrie had kunnen worden: een lekke band in het midden van een bloedhete woestijn. Geen gsm-bereik. De reserveband maar niet kunnen vinden. De reserveband vinden na het slopen van de halve auto en het uitstrooien van al onze bagage. De reserveband niet los krijgen. Allemaal staan puffen in 40 graden, Maar eigenlijk was na een half uur alles opgelost en belanden we dan toch in prachtige Zion natuurpark. We logeren in een vredig dorpje dat midden in het park ligt. De trektocht is voor morgen. Zwembad in en nadien heerlijk dineren in een plaatselijk toprestaurant. Bizar: het is hier heet maar de gazonnen zien hier fris groen. Leve de sprinkler. Het dorp is omringd door ruwe, rode bergtoppen. Fascinerend.





USA: dag 10

20 07 2007

We zijn in Las Vegas. Zo nep en lachwekkend en kitscherig als we dachten. Je kijkt je ogen uit. Dit is een speeltuin voor volwassenen. Maar ook hier; heet heet heet. 40 grqden ongeveer. Je vraagt je af hoe hier het dagelijks leven verloopt. Waanzinnig ook hoe in het midden van het grote niets zomaar een stad ligt. Triestig ook: als het leven je hier laat belanden, raak je hier niet makkelijk weg denk ik.

Straks zwemmen en gokken. Ik realiseer me dat deze vakantie me soms wat te actief is. Ik geniet immers vooral van de rustmomenten en de zwembaden. Maar ik ben blij jullie nog even op de hoogte gebracht te hebben. De volgende zes dagen trekken we naar nog meer natuurparken (oa Grand Canyon) . Veel groetjes.





USA: dag 9

20 07 2007

Alweer op om 6u! Slecht voor het humeur. Vandaag trekken we door Death Valley en dat is geen orettig vooruitzicht want dit is de warmste plek van de USA. We zullen bovendien meer dan 8u in de auto zitten en je kan je airco niet continu laten draaien of de motor raakt oververhit.. Existentiele vragen dringen zich op: waarom ben ik hier?

Na 4u in een hete wagen, lunchen we in een dorp waarvan je je afvraagt wie er wil wonen. We rijden vervolgens nog enkele uren en rijden dan Death Valley binnen. Het landschap is steeds minder groen geworden tot er enkel nog dorre struikjes en stenen overblijven. Fascinerend, maar vooral uitputtend. We houden halt in Badwater, het laagste punt van de USA. Het is er verstikkend heet (47 graden). Er staat weliswaar eem hevige wind, maar die is al even heet. Stel je maar eens voor dat er continu een reusachtige haardroger op je gericht staat! Dit valt niet lang uit te houden, maar het is wel een onvergetelijke ervaring. Vreemd genoeg verbrand ik niet.

Dan trekken we naar Zabriskie Point, een uitkijkpunt dat je de illusie geeft op een andere planeet beland te zijn. Uren in de omtrek alleen maar rotsen en stenen.

Op Dante s View (qwerty!) is het `slechts` 30 graden, en dat is plots heel draaglijk. De wind blijft hevig. Dit is de grote leegte. Hier is niets. Een nutteloos deel van onze aardbol. Onvoorstelbaar. Na twee uur rijden is het landschap nog precies hetzelfde. De temperatuur blijft rond de 40 graden schommelen.

Maar.. ons volgende motel heeft ook een zwembad! Hoewel de zon al lang onder is, blijft het erg warm, dus we kunnen nog een uurtje plonzen. Bovendien mogen we morgen minstens tot 8u slapen en dat is een leuk vooruitzicht.