Acteren moet je leren (2)

26 09 2009

De voorbije weken vielen drie feiten me op in de Vlaamse acteerwereld. Allereerst was er de casting van Koen De Bouw in de volgende film van Erik Van Looy. De twee hebben al drie keer eerder samengewerkt en kunnen het goed met elkaar vinden. Geen probleem. Toch vind ik die casting wat voorspelbaar. Wedden dat Filip Peeters de volgende zal zijn die mag aantreden in De Premier? Dat mogen dan al prima acteurs zijn, is het niet een beetje ongeïnspireerd telkens voor diezelfde koppen te kiezen? Van Looy behoort natuurlijk tot de mainstream en hoeft dus misschien geen risico’s te nemen, maar een creatief denkproces is er wellicht ook niet aan voorafgegaan En dat moet dan voor het eerst zijn dat ik deze brave mens wat afval.

Ook een vermelding waard, zeker in het kader van het oorspronkelijke uitgangspunt van deze rubriek, nl. taalgebruik in Vlaamse fictie, is een citaat van Nathalie Meskens in HUMO: ‘Wij moeten de mensen entertainen en niet opvoeden’, zegt de actrice uit Kaat & Co en Wij van België op de vraag of er verkavelingsvlaams zal gesproken worden in de nieuwe serie David. Ik vind dat een enge visie en een onnozele uitspraak, want Meskens lijkt er van uit te gaan dat je ofwel natuurlijk overkomt op het scherm en dus entertaint ofwel behoorlijk Nederlands spreekt en dus bevoogdende, saaie televisie maakt. Er is blijkbaar niets daartussen. Wie deel 1 las weet al dat ik geen Algemeen Nederlands verwacht van acteurs, maar wel fatsoenlijke articulatie en vooral een grote naturel. Als Meskens slecht spreekt, is ze een slechte actrice, want duidelijk spreken is gewoon haar werk. Het blijft bij veronderstellingen, want ik zag Meskens nog nooit aan het werk en laat haar dus voorlopig achterwege in mijn overzicht.

Tenslotte wist Stefaan Werbrouck in Knack een sterk punt te maken. N.a.v. de kritiek op de accenten van de acteurs in Code 37 en de daaropvolgende kritiek over onverstaanbaarheid in Los Zand, nam hij eveneens de stelling in dat acteurs van hem niet zozeer geforceerd Nederlands moeten spreken, maar hij vraagt zich wel af of het zoveel gevraagd is dat acteurs het accent aanleren dat hun personage verondersteld wordt te hebben. Is het niet precies het werk van een acteur ons te overtuigen dat ze iemand anders zijn? Waarom doen ze dan geen inspanning om een passend accent aan te nemen? Tja, het kunnen niet allemaal Meryl Streeps of Russell Crowes zijn zeker? Mooi gezegd van Werbrouck alleszins.

Dus sprokkel ik nog maar eens 10 Vlaamse acteurs bijeen om even stil te staan bij hun talent:

vlaamseacteurs211. Ianka Fleerackers: nooit meer uit het collectief geheugen te bannen door haar rol als de o zo lieflijke Prinses Prieeltje in Kulderzipken. Daarvoor viel ze mij al op in Niet voor Publicatie. In Louislouise en Flikken zag ik haar dan weer kort nietszeggend wezen. Heeft niet zo’n positief imago, maar ik verdenk haar er van meer dan behoorlijk te kunnen acteren. Verdient beter materiaal om dat eens te bewijzen.

12. Warre Borgmans: een rasacteur die vooral komisch sterk lijkt te wezen maar ook in de meest gevarieerde ernstige rollen altijd goed werk levert. In Nefast voor de Feestvreugde vond ik hem grandioos, zijn bijrol in Het Eiland stond bol van nuances en zijn trompettist in Het Peulengaleis valt niet te overtreffen. Ook bekend als broeder Grimm in datzelfde Kulderzipken en uit Team Spirit, Buitenspel en Zone Stad en momenteel zijn boterham aan het verdienen in David. Wat jammer genoeg geen reden genoeg is om te kijken.

13. Camilia Blereau: ‘Wie?’ vraagt u alweer. Maar al te vaak wordt deze dame vermeld als een onontdekt talent. Is dan ook vooral in gastrollen te zien maar mij blijft zowat elke rol bij van deze actrice. Wordt vaak gecast als kijvend wijf of bazig kenau, maar wie al haar rollen op een rijtje zet, kan niet anders dan haar veelzijdigheid vaststellen. Was al jaren geleden een strenge hoofdredactrice in Niet voor Publicatie, was onlangs erg sterk in De Smaak van De Keyser en verraste tussendoor in Stille Waters. Het grote publiek kent haar vooral uit Lili & Marleen en Kinderen van Dewindt. Moet ook leven en nam dan ook allerlei gastrollen in beschamende series als Spring!, Grappa en Amika aan. Ik wens haar ooit een stevige hoofdrol toe in een succesvol drama.

14. Joke Devynck: Ze mag gezien worden, ze is nog steeds vrij populair na haar hoofdrol in Flikken van 1999 tot 2002 en verscheen ook al in 4 films die ik allemaal gezien heb (Buitenspel, Vle(u)gels, Vermist en Suspect). Op televisie was ze ook nog te zien in Sara en Katarakt. Ik snap niet helemaal waar dat succes aan te danken is want ik hoor steevast dat West-Vlaamse accent en vind haar simpelweg nooit geloofwaardig en soms wat irritant. In Flikken destijds was ze zelfs abominabel. Dat is intussen verbeterd, maar toch overtuigt Devynck me amper. Ik ben benieuwd welke gevolgen dat zal hebben voor de Tom Lanoyeverfilming Het Goddelijke Monster, waarin Devynck de hoofdrol zal spelen.

15. Barbara Sarafian: Sinds Aanrijding in Moscou weer een beetje op de voorgrond en dat is volkomen terecht. Sarafian is een groot talent dat overtuigt in de meest diverse rollen. Kan zeer komisch wezen maar geeft zich ook volledig op het dramatisch vlak. Aanrijding bood haar een van de mooiste vrouwenrollen van de afgelopen jaren en ik durf betwijfelen of veel andere actrices dit tot een goed einde hadden kunnen brengen. Maar veel eerder speelde ze ook met veel overgave een variatie aan rollen in Spike en Kijk eens op de doos van (pdw). Vermeldenswaardig hoogtepunt was ook haar rol in Peter Greenaway’s 8 1/2 Women naast o.a. Amanda Plummer en Toni Collette. Ben fan!

16. Stany Crets: als Nancy moet ik hem eigenlijk niet – ik heb niets tegen dat personage, maar Crets gaat voor mij nét niet genoeg op in zijn rol – maar de man heeft doorheen de jaren (vooral in zijn eigen programma’s) getoond dat hij boordevol personages zit en dat maakt hem een goed acteur die zijn succes zeker verdient. Daarnaast was hij geloofwaardig en/of grappig in Los, Raf & RonnyRecht op Recht en natuurlijk – nu al 13 jaar geleden – Alles Moet Weg.  Ik weet niet of een diepgravende, ernstige rol hem zou liggen – het zou best wel eens kunnen – maar voorlopig kan de man tevreden zijn over zijn eigen carrière. Jammer wel van die enkele magere rollen in ultracommerciële ondingen als Plop in de Wolken of K3 en het ijsprinsesje. Geen snobisme, maar dat kun je moeilijk aanvaardbare fictie noemen.

17. Frank Focketyn: een curieus geval, deze doorgaans zeer grappige acteur. Heeft meegewerkt aan enkele van de meest populaire en beste series van de voorbije jaren – Het Eiland en In de Gloria – en maakt als Pappie uit Man Bijt Hond deel uit van de tv-geschiedenis. Zowat al zijn rollen blijven herbekijkbaar en uiterst grappig. Maar wat zegt dat over het acteertalent van Focketyn? Uiteindelijk weten we allemaal dat Guido Pallemans en al die andere zenuwachtige, gecrispeerde types uit In De Gloria iets te veel op elkaar lijken om te stellen dat Focketijn veelzijdig is. Vooral het rechtduwen van de bril met de wijsvinger heb ik de man net iets te veel zien doen. Toch zie je weinig acteurs in die mate opgaan in een personage en slaagt Focketyn er toch altijd in het karikaturale te overstijgen. Indien niet al te vaak op het scherm, dus best een aangenaam acteur. Wist u dat hij ooit een pastoor speelde in enkele afleveringen van Thuis?

18. Benny Claessens: Oei, wat doet deze kerel me zuchten. Als broer van Bart in Het Geslacht De Pauw viel hij voor mij enkele keren door de mand: hoe sterk zijn rol en de scenario’s ook, het deels geïmproviseerde  gemekker van deze jonge acteur stoorde me echt te vaak. Ik zag hem tweemaal gehandicapt wezen: in de bedenkelijke jeugdfilm Blinker en – héél kort – in Koning van de Wereld en beide keren vond ik zijn prestatie tergend slecht. Zijn gastrol in Witse – aja nu je het zegt, daarin speelde hij alwéér een mentaal gehandicapte – was simpelweg verschrikkelijk. Ik hoef deze figuur niet per se meer op televisie te zien.

19. Robbie Cleiren: zijn bekendheid is omgekeerd evenredig met zijn talent. Cleiren is een prima opgeleide, altijd geloofwaardige en interessante acteur die zijn rollen prima afwisselt. Zie hem vooral aan het werk in de weing geziene films Een ander zijn geluk, Dirty Mind en Linkeroever. Op televisie herinnert u zich hem misschien van Recht op Recht en gastrollen in Witse, Rupel en Sedes & Belli. Lijkt geen drang tot het BV-schap te voelen, wat de perceptie van de ernst waarmee hij zijn vak uitvoert, alleen maar vergroot.

20. Jacky Lafon: Niemand is makkelijker door het slijk te halen dan deze euh… actrice. Haar afgang in de Nationale IQTest was voer voor talloze stand-up comedians en columnisten en haar onverslijtbare rol in het grootste televisiegedrocht ooit gemaakt, Familie, is eigenlijk gewoon lachwekkend. Wat valt er verder nog te spotten met deze platte, veredelde kermisslons op jaren, wiens werk in de de verste verte niets te maken heeft met wat acteren eigenlijk is? Leert haar tekst van buiten en dat is het.

 





Sven eet een ander zijn bord goed leeg

17 09 2009

Als ik ergens niet goed in ben, dan doe ik het meestal niet. Of ik blijf het toch niet doen. Ik blog  nu al jaren dus ergens moet ik wel heel tevreden over mezelf zijn. Mensen die me menen te kennen door het lezen van mijn blog, verdenken me wel vaker van pretentie en superioriteit, dus dit kan er nog wel bij.

Ja, dit is nog eens een stukje waarin ik mijn tevredenheid over mijn blog etaleer. Omdat het de laatste weken weer erg goed gaat, wat drive, schrijflust en bezoekers betreft. Ik moet dus voor eens en altijd maar eens concluderen dat ik blog omdat ik graag schrijf. Ik denk ook dat ik intussen aardig schrijf (hoewel niet altijd even aardig) en zo nu en dan vind ik zelfs dat ik werkelijk een prachtig stukje op de wereld heb losgelaten. Nu en dan zo eens. Het vlot formuleren en op een rijtje zetten van mijn gedachtestroom, vind ik zeer bevredigend.

foksuk1Wat die bezoekers betreft, ik hou dat in de gaten. Vind ik het belangrijk? Mwja, want een publiek is leuk. Maar mocht die functie niet beschikbaar zijn, zou ik nog steeds bloggen, dus dat relativeert het toch weer wat.

Mijn tweede uitgangspunt is wellicht iets kwijt willen. Ik veronderstel daarmee de essentie gevat te hebben van het bloggen, al zullen andere daar per se een andere uitleg willen aan geven. Maar mijn conclusie is dus: men blogt ofwel uit liefhebberij voor het schrijven ofwel omdat men iets interessants te vertellen hebben. Iets mag zelfs minder interessant zijn als het leuk geformuleerd is.

Het punt is dat sommige bloggers in geen van de twee goed zijn. Ze schrijven zonder enige franje of zelfs maar een minimum aan kennis van de Nederlandse taal én daarbij hoort dan nog eens een volkomen vervelend gezaag over boodschappen doen, garagepoorten verven of fietsbanden verwisselen. Ze braken blogjes uit zonder enige essentie of conclusie. Af en toe peil ik eens of hun blog geëvolueerd is, maar vaak is het zelfs nog erger geworden. Ik laat die mensen maar doen, maar… ik heb er wel een duidelijke mening over.

Onlangs poneerde ik die mening bij een melancholische aangelegde blogger die van taal en diepgang houdt. U leest mijn letterlijke boodschap zelfs hier. Men zou kunnen stellen dat we het eens waren, hoewel de definitie van prietpraat en leegte zeer subjectief is. Wie weet behoort het Verantwoord Tijdverlies zelf wel tot de geviseerde blogs? Al komt de auteur daarvoor net te vaak langs.

Onze (al dan niet gedeelde) mening zat iemand dwars. Dat heb je met meningen. Die iemand dacht zelfs dat we het over hem hadden!  Omdat hij ook over ditjes en datjes blogde. En dus werden er citaten geplaatst, waarop dan reacties volgden van mensen die de geciteerden van pretentie en pseudo-intellectualisme beschuldigden. Dat vind ik allemaal niet zo erg, hoor, hoewel dit stukje misschien het tegengestelde doet vermoeden. Want een intelligent mens negeert zulke kletspraatjes. Mijn schrijfdrang overheerst echter en dus kies ik niet voor de slimste oplossing maar degene die mij het meest gemoedrust biedt.

En dus, beste Menck, vraag ik me af waarom u het geciteerde op uw eigen blog betrekt? Ik wist zelfs niet dat u nog een blog had, want wie kan dat nog bijhouden in uw geval? En dan nog, u schrijft best aangenaam op dat Kielzog - stel ik opnieuw vast nu ik uw herontdekte blog doorneem. Prettig leesvoer bij momenten. Waarom zou ik het dan over u hebben gehad? Overigens lijkt u vergeten te zijn dat uw laatst bij mij bekende blog zelfs opgenomen werd in mijn blogroll. En die is met zorg geselecteerd hoor.

Nee, laat me nu maar niemand persoonlijk gaan kwetsen door hier concreet te noemen wat voor blogs ik dan wel bedoel. Dat is immers de kwestie niet. U en enkele lezers lijken me gewoon mijn mening kwalijk te nemen. Soit, dat heet dan een meningsverschil. Maar ik vind dat ik het volste recht heb een aantal blogs slecht te noemen. Ik val die mensen niet lastig op hun blog, plaats geen vervelende reacties en verwijs niet smalend of ironisch naar hun nietszeggende gekrabbel.

Ik heb ook nergens gesteld dat mijn blog beter is. Wel dat ik mijn eigen blog goed vind. Ik ben bescheiden, maar niet vals bescheiden. Toch vinden sommigen dat van pretentie getuigen. Ja, ik sabel neer, hoewel ik vaag blijf over het mikpunt. Maar stel ik me daardoor verheven op? Wie iets slecht of onnozel vindt, geeft daarmee iets weer over zijn eigen norm, maar betekent dat automatisch ook dat die norm boven de andere gesteld wordt?

Let op, ik ga niet op mijn woorden terugkomen. Meer zelfs, hier nog eens duidelijk geformuleerd: ik kan soms simpelweg niet begrijpen dat mensen hun schrijfsels gepubliceerd willen zien als zelfs een kleuter ziet dat ze er niets van bakken. Hebben die mensen dan het recht niet zich te uiten, dingen van zich af te schrijven? Tja, interessante vraag stel ik hier. Ik hoef dat immers niet allemaal te lezen en blijheid vrijheid en andere clichés. Het brengt me bij een oud zeer: mag je iets slecht vinden waar je zelf geen last van hebt? Ik kijk niet naar Familie, maar dat wil niet zeggen dat ik vind dat zoiets gruwelijk slecht moet uitgezonden worden. Ik lees zekere blogs niet, maar juich hun bestaan evenmin toe. Ik blijf dus bij mijn standpunt en als dat enkele van die slaapverwekkers aanzet tot een heel klein beetje introspectie, gekoppeld aan een poging om eens een woordenboek te gebruiken of eens wat structuur in een tekst te gieten, heb ik daar toch iets mee bereikt.

I rest my case, bijna. Want in de reacties op eerder vermelde blog lees ik nog twee heel dwaze uitspraken. Zapnimf, die absoluut niet tot de geviseerde blogs behoort maar wiens gewrongen proza en ondraaglijk lichtvoetige gezap echt niet mijn ding zijn, stelt dat bepaalde blogcritici aanvoeren dat je je problemen moet op het net zwieren om niet oppervlakkig genoemd te worden. Die interpretatie is geheel voor haar rekening natuurlijk, al is overduidelijk wie ze daar botweg mee bedoelt. Ik vraag me ook opnieuw af wat het dan eigenlijk over haar zegt als ze zich geviseeerd voelt door het citaat. De dame zegt ook: ‘Zelf vind ik het veel fijner om iemands persoonlijke gebeurtenissen te volgen dan te weten wat iemand over die bepaalde film vond (duh… ik zag die prent ook en ik kan nog echt wel mijn eigen mening vormen) Voor een gefundeerde kijk op een onderwerp pak ik de krant vast. Volk genoeg dat ervoor opgeleid is. Waarmee ik niet bedoel dat ik op dene of gene neerkijk, ieder zijn meug voor mijn part.’ Dat vind ik een verbazingwekkend enge gedachte. Omdat ik zelf filmrecensies schrijf? Nee, omdat ik van iemand die in het onderwijs staat eigenlijk verwacht dat ze toch wel wat kritischer is. Er zijn best heel wat blogs die feiten even goed of zelfs beter verwoorden of analyseren dan veel journalisten, zeker tegenwoordig. Je kan er alleen maar iets van opsteken, al ben je het oneens met de schrijver. Ze spreekt ook zichzelf tegen: die recensies worden immers ook geschreven door volk dat er voor opgeleid is. Zonder te willen uitwijden over het zinvolle van recensies (van film of andere): wie kennis van zaken heeft, weet het echt wel beter dan een leek.

Drijf ik het nu niet wat ver door deze waarschijnlijk brave dame op haar woorden te pakken? Tja, dat doet zij natuurlijk evenzeer. Bovendien is haar onderonsje met Menck gewoon laag.

Ook met een zekere Dick Richie ben ik het gedeeltelijk oneens. Hij haalt uit naar sociaal geëngageerde en kritische blogs. Zonder mezelf daartoe te rekenen, verontwaardigt die oogklepmentaliteit me zeer. Wentel u gerust in de talloze wissewasjes en beuzelarijen van zekere bloggers, maar – al zullen ze geen revoluties te weeg brengen – doe toch ook eens een poging die enkele blogs  te waarderen die één en ander uit onze zieker wordende samenleving  onder de loep nemen.

Ik heb me hier weer even te pletter geschreven, me realiserend dat het allang niet meer interessant is voor de argeloze lezer. Sorry hoor, dit was dan maar vooral een stukje voor mezelf. En voor die enkele oververhitte bloggers. Ik had dat ook parodiërend kunnen doen, zoals hier, maar daarvoor zet ik te graag de puntjes op de i. En bij deze staan ze er stevig. Bedankt voor het lezen!





Acteren moet je leren

9 09 2009

Sinds Jelle Cleymans zich een weg ettert doorheen de serie Thuis slaag ik er nog meer in dan voorheen, dit leven zoals het helemaal niet is, compleet te negeren. Ergens ook jammer, want het schabouwelijke taalgebruik en de stereotiepe personages konden mij op sommige momenten inspireren tot genietbaar geëmmer hier, maar het was uiteindelijk amper draaglijk geworden.

Momenteel blijkt het taalgebruik in allerlei series echter plots een item. De Standaard pikte het geklaag op diverse internetfora op over het taalgebruik in nieuwe series als Los Zand en Code 37. Man Bijt Hond gaf daar gisteren een leuke draai aan. Ik ben als taalliefhebber wel tevreden met deze nieuwe aandacht – al die pietjes precies in Man Bijt Hond vond ik extreem sympathiek! – , hoewel ik me niet de illusies maak dat er iets zal veranderen. Overigens hoeft het voor mij ook niet van dat steriel Nederlands te worden, hoor.

Maar de Taal van Thuis heeft me dus jaren geërgerd, al die laat ik nu maar even links liggen. Over het schabouwelijke gepruttel in 16+ had ik het twee jaar geleden al. Dus over naar de actualiteit. Het taalgebruik in Los Zand vond ik bij momenten storend: zoals vroeger al gezegd wil ik nog tolerant zijn tegenover verkavelingsvlaams, maar dialect vind ik absoluut not done. In tegenstelling tot velen vond ik de acteurs wél verstaanbaar, maar dat wil niet zeggen dat ik ze met plezier aanhoorde. Enkele van de gesprekken waren beslist tenenkrommend dialectisch en voorzien van een geforceerdee naturel. Terzijde: deze serie wil ik best nog verder bekijken al garandeer ik niet dat ik de eindstreep haal.

Dan was er Code 37, een doorslagje van een kopie van een tweedehands politieserie. In Vlaanderen misschien wat ongezien, maar verder op alle vlakken ongeïnspireerd. En saai, niet te geloven. Maar ter zake: de Antwerpse en Brabantse accenten waarvan sprake in vele media, deden me niet veel. Zoals elders al opgevoerd, hoor je zeker in Gent diverse accenten, dus wat zou dat. Maar hier is meer aan de hand: de taal die de acteurs hanteren leunt zo dicht aan bij dialect, dat het bijzonder irritant wordt. Doet pijn aan de oren.

Ik heb daar wat over nagedacht. Als ik me in het dagelijks leven maar in  beperkte mate erger aan dialect en accenten, waarom zou ik dan in Vlaamse series en films wel verwachten dat men perfect Nederlands spreekt? Mijn conclusie is eigenlijk paradoxaal: ik heb helemaal niets tegen deze manier van spreken. Van nieuwslezers, presentators, omroepers en radiovolk verwacht ik dat uiteraard wel, maar acteurs hebben als opdracht fictie te brengen die aanleunt/gebaseerd is op/lijkt op de werkelijkheid. Dus moeten ze toch klinken zoals gewone mensen?

En dus zit het probleem voor mij helemaal ergens anders: het ligt aan de acteurs. Eén van de dames in Man Bijt Hond vond bv. dat Van Vlees en Bloed verknoeid werd door de dialectwoorden erin. Niets van gemerkt, moet ik zeggen. Als de acteurs overtuigen, maakt het mij eigenlijk niet echt uit wat ze spreken. Koen De Graeve kan zijn Aalsters doorgaans amper verstoppen, en toch hoor ik hem zeer graag bezig in alle soorten rollen. Ik raak er dus steeds meer van overtuigd dat goede acteurs het verschil maken en dat er ook steeds minder zijn helaas. Vlaanderen raakt bedolven onder would-be vedetten, bimbo’s die vanbinnen even blond zijn als vanbuiten en veredelde figuranten die zich allemaal acteur noemen.

Ik heb zelf geen acteerambities, ik snap ook dat het charisma van een acteur meer uitmaakt dan zijn werkelijke talent en dat een goed acteur meer is dan iemand die mooi spreekt. Wat een goed acteur dan wel is, valt moeilijk te omschrijven. Het laat me niet om toch even af te wijken van mijn punt en mijn loep boven het Vlaams acteervolk te houden. Ik beschouw dus even wat willekeurige Vlaamse acteurs om te zien wat er hapert en aanslaat.

 Vlaamseacteurs11. Veerle Baetens: overschat. Gigantisch nog wel. In de vier minuten van Sara die ik ooit meepikte, vond ik haar al amper boven het minimum amateurniveau uitsteken. In Code 37 hanteert ze zeker twee gezichtsuitdrukkingen. In Loft ging ze op in het decor, zo grijs wist ze te zijn. Ik moet haar niet. De verpersoonlijking van het banale. In Vlaanderen ben je dan een ster.

2. Marijke Pinoy:  Een mens met een wel erg beperkt register, waardoor ze al al haar rollen op elkaar laat lijken. Of ze nu de drama queen staat te wezen in De Keyser van de Smaak of moederlijk is in Ben X en Los Zand, ze blijft emoties verwarren met gesticuleren en zeuren. Let ook eens op haar gruwelijke articulatie. Haar jury duty in het gedrocht Moeders en Dochters onthulde bovendien dat ze in werkelijkheid ook gewoon zo is.

3. Maaike Cafmeyer: We love her. Niet? Ze is leuk , ze is grappig… Wacht even. Is ze echt grappig? Of heeft ze gewoon enkele grappige rollen gespeeld? Ze mocht heerlijk stuntelen in Het Geslacht De Pauw. Ze mocht heerlijk bot wezen in Loft. En ze komt beslist sympathiek en charmant over. Maar acteert ze eigenlijk goed? In Aspe zag ik haar nauwelijks aan het werk – niet uit te kijken, deze belegen misdaadprul – maar ik wacht alleszins tot ik eens echt onder de indruk zal zijn. Haar legendarische opdringpoging bij Paul Van Himst als vrouw van Bart De Pauw was echter ijzersterk. Acteren is ook: laten vergeten dat je een actrice bent. Ik geef haar nog heel wat krediet.

4. Jelle Cleymans: een ware verschrikking. Dit is echt wel allesbehalve een acteur. Ik blijf beleefd over zijn smoelwerk, maar dit is echt wel the very poor man’s Leonardo Dicaprio Zac Efron Rupert Grint. Ja, inderdaad, die irritante kerel die Ron speelt in Harry Potter.

5. Adriaan Van den Hoof: geweldig in zowat elke rol die hij speelde in het Peulengaleis en het gerelateerde Nefast voor de Feestvreugde. Memorabel als zieligaard in de sketches uit Man Bijt Hond. Maar beschikt hij over de veelzijdigheid en de diepgang die we van een goed acteur verlangen? Zijn gastrol in Code 37 was alvast heel erg om te lachen. Zonder dat dat de bedoeling was. Misschien komt het ooit goed, maar ik zie hem gewoon geen ernstige rollen vertolken.

6. Marilou Mermans: haar website opent met mijn lofuitingen en die zijn gemeend. Zou een monument moeten zijn in Vlaanderen, maar blijft toch wat onder de radar door gebrek aan grote rollen. Of net door zo op te gaan in haar rollen dat niemand haar herkent in een andere. Grote klasse dus. En dat moet dan opdraven in Familie en Thuis.

7. Frank Aendenboom: Dit is dan wel een momument, dus wat valt er te argumenteren? Dat deze knotwilg uit de Vlaamse filmwereld zo vaak in het dialect geacteerd heeft. En daar nooit iets tegen in te brengen viel want je geloofde iedere minuut. Al mogen ze Lili & Marleen gerust uit zijn cv schrappen.

8. Frank Vercruyssen: iemand uit mijn nabije omgeving deed onlangs een weinig sympathieke indruk op van deze man, maar desondanks weet hij in wat voor rol dan ook, wel steeds te overtuigen. Manneken Pis is nu wel heel lang geleden, De Smaak van de Keyser en (N)iemand toonden zijn talent recentelijk nog. Als Vlaanderen Hollywood was, was dit wellicht Sean Penn of zo. En dan heb ik nog niet eens één van zijn theaterstukken gezien.

9. Eline De Munck: haha. hahahahahahahaha. In het Kruidvat zoeken ze nog iemand.

10. Axel Daeseleire: Jaaaaa, dat Antwerps accent, we weten het. En die typecasting als macho. De man moet ook leven zeker? In zijn begindagen om weg van te lopen (Dief gezien iemand?), maar intussen toch al enkele keren zeer overtuigend geweest en ik heb de indruk dat hij zijn vak ernstig neemt.

Hmm, dit is leuk. Wordt beslist vervolgd.

En nu maar hopen dat al die mensen mij niet bellen omdat ze beledigd zijn.





Dit was het nieuws

11 08 2009

9 bejaarden komen om in een brand. De grootste ramp sinds de gasontploffing in Ghislengien, werd er gezegd. Hoort u er nog iemand over reppen? Was dat geen snel voorbijrazende tragiek?  9 senioren of 9 baby’s, het is wat anders. Bepalen wij dat of de media?

In Jette treft men twee lichamen aan in een huis, die er al vijf jaar lagen. Er wordt terecht afgevraagd waarom het zo lang geduurd heeft vooraleer iemand dat merkte. Maar ik stel me andere vragen, die ik in de media niet zie beantwoord worden. Zijn deze twee mensen dan precies gelijk gestorven? Zo ja, waarom wordt dat dan in geen enkel artikel verdacht gevonden? Indien nee, waarom heeft de laatst levende dan de buitenwereld niet op de hoogte gebracht van de dood van de ander? Ik vind de berichtgeving hierover vrij beperkt.

Een muziekleraar misbruikt meerdere minderjarige leerlingen. Ik hoef daar niet zozeer meer over te weten, maar zijn deze schokkende feiten niet meer waard dan een korte vermelding op pagina 4? Of lees ik de verkeerde krant?

Tijdens de maand juli liepen 537 kinderen verloren aan de kust. Dat zijn er 17 per dag. Begin nu maar met die chipimplantaten.

Eén woord van 4 letters, dat was al wat het sms’je bevatte dat de voorzitter van het Hof van Cassatie stuurde naar rechter Christine Schuurmans, m.b.t. het Fortisdossier. ‘Fait’ stond er. Ik vind dat wel opmerkelijk, zo’n minieme boodschap die zo’n zware gevolgen heeft. Hoe vaak zou die man al niet gewenst hebben dat hij dat niet gestuurd had?

Prachtig verhaal, in De Morgen van het voorbije weekend. De 8-jarige Thomas Klein heeft geen onderbenen maar wel stalen, sikkelvormige kunstbenen waarmee die alles kan behalve stilstaan. Een heel treffend relaas, ben blij dat er ook goed nieuws te rapen valt.

De Pfaffs worden beschuldigd van fraude. Hun advocaat noemt de kans reëel dat zijn cliënten voor de correctionele rechtbank zullen verschijnen, want ‘heel wat onderzoekers hebben veel tijd in de zaak gestoken, ze gaan dat niet zomaar laten vallen.’ Wat is dat voor veronderstelling? Dat het gerecht meegaander is als een zaak niet te veel van hun tijd heeft opgeëist? Bizar.

De cijfers van de krantenverkoop van het tweede kwartaal, wijzen me nog maar eens op de realiteit: Het Laatste Nieuws wordt iedere dag 281 508 keer verkocht. Een mens zou voor minder misantroop worden. Moet het nog verbazen dat de mensheid bij momenten zo simpel is?

Er wordt nog maar eens gemeld dat Jan Verheyen echt ongelooflijk hard aan het werken is aan Dossier K. Blijkbaar moet het dus voor het eerst zijn dat Verheyen eens echt alles moet geven. Dat verklaart zijn abominabele oeuvre alleszins, maar het is toch frappant dat die man dat vermeldenswaardig vindt. Niet alle jobs gaan vanzelf toch?

Moet ik mij doodschamen of niet? Voor het eerst verneem ik dat er in België ooit een ministaatje was, Neutraal Moresnet, afgeschaft in 1919. Daar had ik nog nooit van gehoord. Overdrijf ik het belang ervan, heb ik nooit goed opgelet of is dit echt een weiniggekend feit?

Zo, komkommertijd of niet, ik vind het nieuws wel wat hebben tegenwoordig.





Televisionele Waarneming n°551

5 05 2009

Waarde lezer, het ligt niet in mijn bedoeling u hier een dagelijkse samenvatting van Man Bijt Hond te serveren. Maar ook vandaag wist dit programma de mensheid weer schitterend te vatten, met hilarische conversaties in die je zo gek niet zou kunnen bedenken. Is het niet ter uwer vertier, vind ik er zelf wel plezier in er vandaag weer eentje uit te plukken:

Winkelierster: ‘Ik ben een boek aan het lezen van Dante. Kent u dat?
Marina-achtige klant: ‘euh… neeje’
Winkelierster: ‘Ah, leest u geen boeken?
Klant: ‘Feitelijk nie…’
Winkelierster: ‘Ah ja, Dante, dat is literatuur hé!’
Klant (gretig): ‘Maar ik lees vree graag den Dag Allemaal, daar staan vanachter altijd waargebeurde feiten in over ziektes en mensen die vanalles voorgehad hebben. Dat lees ik graag!’
Winkelierster: ‘Ah ja… awel ja, … (stilte) Dat interesseert mij eigenlijk niet hoor. Dante, ja. Maar er zijn ook minder moeilijke boeken hoor! Kent u de Millenniumreeks niet van Stieg Larsson? Zeer goede detectives’.
Tweede klant: ‘Oe nieje, da lezekik allemaal nie. Maar kent ge ‘Aspe’ dan nie? Dat zijn toch ook detectives. Als ik dan een boek zou willen lezen, zou ik dat dan toch pakken…’

Leve de geletterde mens! Maar als ze nog klanten over de vloer willen, zal deze winkelierster haar winkelconveraties wel mogen aanpassen…

Verder drong een man er bij de cameraploeg hevig op aan mee naar zijn huis te komen, om naar zijn watervaraan te komen kijken. Zelden werden ze zo slecht ontvangen, want de vrouw des huizes zag dit helemaal niet zitten. \’Ik ben niet gekleed of geschminckt of iets! En ik ben aan het strijken, zie dat hier liggen!\’ En prompt werd de ploeg aan de deur gezet tot het huis enigszins aan kant was. Mevrouw weigerde verder in beeld te komen.

Wel, ik vind dat leuke televisie. Die iedereen in zijn waarde laat, uiteraard.

Maar nu toch even genoeg over Man Bijt Hond. Of het Verantwoord Tijdverlies begint nog op deze ietwat bizarre blog te lijken, waarop een dame doet alsof ze zelf meespeelt in Thuis, nog zo ’n tv-programma tjokvol fascinerende personages, levensechte dialogen, welklinkende dialecten, grandioze plotwendingen en hartverscheurende emoties!





Televisionele waarneming n°550

4 05 2009

De Man Bijt Hond-ploeg valt binnen in een café met zwarte barvrouw:

- Klant 1: ‘Wij waren dat niet gewoon. In ons dorp woonde enkel een Marokkaan, maar die zag er uit als een Belg’

- Klant 2: ‘Die zwarte is nu voor ons geen zwarte nie meer, maar een persoon!’

Ze krijgt vorm, onze multiculturele samenleving. Maar wat voor vorm?





Teamweekend

30 03 2009

Zondagochtend:

V: Eén croissant en één ontbijtkoek per persoon!
Sven: Jamaar, ik heb eigenlijk liever twee croissants en geen ontbijtkoek.
V: Neenee, het aantal is precies afgemeten.
H: Niet moeilijk doen hé Sven.
Sven: Enfin, niet iedereen zal er twee eten hoor. Je zal er toch over hebben. Er zijn zelfs mensen die er geen eten. T. met zijn speciaal ontgiftingsdieet bijvoorbeeld.
V: Nee, afblijven. Er zijn nog mensen die slapen en die moeten straks ook ontbijt hebben!
Sven: Jamaar, wie tot 11 uur in zijn nest blijft, moet zich maar tevreden stellen met een beperktere keuze.
H: Dat is nu altijd hetzelfde met u, zo uw zin willen doordrijven.
Sven (grijnst): Ja, en weet je wat? Dat lukt bijna altijd.
V: Is het nu zo moeilijk u aan deze regel te houden?
Sven: Dat is een reflex: ik ga automatisch in tegen de dingen die opgelegd worden, denk ik. Ik argumenteer en ik wil mijn zin krijgen omdat ik er van overtuigd ben dat ik daarmee de regelneverij tegenga.
H (zucht): Hoe is dat toch mogelijk???
V (ferm): Eén croissant per persoon en stopt nu met zagen!
S: Jamaar er zal dan wel iemand twee koeken eten hoor, ik wil niemand zijn eten afnemen. Kijk, die ene croissant heeft me geweldig gesmaakt en ik kan het daar gerust bij laten. Maar jullie zetten me net aan om door te gaan. Niet alles moet zo strikt geregeld worden toch?
H & V: Zwijgt!!!!

Een andere collega komt nietsvermoedend aangeslenterd: ”Ha Sven, moete gij mijne croissant hebben? Ik zal dan wel twee koeken eten’.

Collectief gezucht en binnensmonds gefoeter rondom mij. Ik grijns eens te meer en bijt gretig in mijn croissant.

********************************************************************************

Maandagmiddag, uitpakken van het keukenmateriaal:

- ‘Wat zit er in diene zak hier?’
- ‘Ah, nog nen hoop croissants en koffiekoeken die over waren.’





De taal van Thuis (3)

20 03 2009

“Zijde gij bij d’oeren geweest of nie?”

“Ik wil van geen van jullie beiden een nier!”

Lang geleden gruwelde ik met regelmaat om het schabouwelijke taalgebruik in de Thuissoap. Dan maar zoveel mogelijk wegkijken, maar nu ik na een weekje bosklas uitgeput op de zetel neerzak en daarbij bovenstaande flarden scenariowerk van torenhoog niveau opvang, rijst de vraag of deze populaire serie iedere week zo grandioos tussen onbevattelijkheid en absurdisme balanceert. Woont David Lynch in Vlaanderen?





Het leed van de baliebediende

15 03 2009

img_32061Op het colloquium ‘De Moderne School’, georganiseerd door de stad Gent:

(vrolijke, stralende verschijning aan de infobalie):

- ‘Goeiedag meneer, bent u ingeschreven?’

-’ Jazeker, mijn naam is Sven De Schutter.’

- ‘Even kijken… hierzo! Alsjeblieft meneer, uw naamkaartje, en kijk eens in welke sierlijke letters!’

-’Jaja, maar de familienaam staat wel eerst en dat is eigenlijk niet correct.’

 

Nog nooit iemand zijn glimlach zo snel zien verliezen.

(Sven De Schutter, beschikbaar voor al uw enthousiasmetemperingen…)





Vlotjes elektronisch

5 03 2009

Schrijf je in via ons online loket! zeggen ze dan. Rap dat dat gaat.

vnz

Wat een onzinnig gedoe toch. Een mens maakt dan tijd om zich (op vraag van de organisatie zelf) elektronisch aan te melden en raakt niet verder dan een registratie. Een brief zal me binnen enkele dagen dus de kans geven me verder in te schrijven. Wat er precies in de brief zal staan is een groot vraagteken. Misschien een telefoonnummer waar ik moet naar bellen om dan een code te krijgen die ik moet door sms’en, waarop ik dan een wachtwoord krijg dat … ?

Ik denk dat het voor mij dan maar niet meer hoeft, meneer ziekenfonds.





Televisionele waarneming n°549

5 03 2009

- ‘De inirichting laat ik volledig aan Wendy over, die heeft daar vernieuwende ideeën over’

- ‘En Wendy, hoe denk je het restaurant vernieuwend in te richten?

- ‘Door de oude sfeer van het gebouw te bewaren en met een oude archiefkast enzo.’

Welk woord uit het woord ‘vernieuwend’ hebt u niet begrepen, beste Wendy?





58 = 85?

2 03 2009

In mijn geboortedorp is de kans groot dat je mensen aantreft die vroegtijdig oud zijn. Normen en waarden worden overgenomen van de ouders en men kiest overwegend voor een (al te) klassieke levensstijl, volhardend in de veronderstelling dat de 21e eeuw nog niet is aangebroken. Het gemeentebestuur berust hier met plezier in. Dat wordt ook nu weer aangetoond.

Op de voorpagina van het Haaltertse infomagazine wordt volop promotie gemaakt voor een animatienamiddag voor 55-plussers. Ik verwacht doorgaans geen grote culturele evenementen in Haaltert, en ik kan me er bij neerleggen dat het ideaalbeeld van amusement voor ingedommelde bejaarden bestaat uit het optrommelen van vergane BV’s . Maar ik vraag me toch af hoe men in Haaltert iemand van 55 beschouwt.

animatie

Dat men er doorgaans van uit gaat dat iedereen boven een bepaalde leeftijdsgrens dezelfde muzieksmaak aanneemt (‘naar Vlaamse schlagers zult gij luisteren!’) laat ik maar even buiten beschouwing. Meer zelfs, we hanteren deze veralgemenende veronderstelling als basis voor het in vraag stellen van deze animatienamiddag: is dit animatie voor 55-plussers of 85-plussers? Ik bevind me nog op een miljoen jaar afstand van de beoogde doelgroep, maar mijn ouders en andere familieleden vallen binnen enkele jaren wel in deze leeftijdscategorie (of ze zitten er al). Sommige lezers hier ook. En hoe verschillend ze ook zijn in muzikale ontwikkeling of achtergrond, ik kan me van geen van deze mensen voorstellen dat ze zich ook maar een fractie aangesproken voelen om deze namiddag bij te wonen. En dan laat ik geheel buiten beschouwing of een optreden van Yves Segers of Samantha sowieso wel iemand aanspreekt, dat is een kwestie van smaak natuurlijk (voor sommigen is het wellicht een persoonlijke hel). Terzijde: ik herinner me dat de zangeres Samantha in een rolstoel zit, maar die Yves Segers kun je intussen blijkbaar ook zowat voortrollen.

De vraag is dus hoe men er bij gekomen is dit initiatief open te stellen voor zulke jonge mensen. Mogelijk is het aantal aanwezigen tussen 55 en 60 zeer beperkt (dat hoop ik althans!), maar dan nog kan ik er niet bij dat dit het beeld is dat men heeft van 55-plussers. Hoe komt men trouwens bij deze leeftijdsbepaling en in hoeverre zal men deze doelgroep blijven uitbreiden? Is 58 hetzelfde als 85? En hoewel het begrip ’senior’ nergens ter sprake komt, vanaf wanneer ben je dat? Alleszins, dit gaat toch te ver. Mag het niet alleen iets meer niveau zijn, maar vooral doordachter? Zet er geen leeftijd op en wie zich aangesproken voelt (of die dan oud of jong is), zal wel komen. Of neem anders minstens 60 als grens. Of maak ik nu precies dezelfde fout?

Toch geïnteresseerd? Hier alle info.





Wat hebben we vandaag geleerd?

18 02 2009

Pedagogische studiedag rond muzische vorming (beter bekend als plastische opvoeding):

Zeg niet:

‘Zet er een prentjen bij, da vinden de kinderen plezant’,

maar wel:

 ‘voeg er een visuele prikkel aan toe, dat stimuleert het divergent denken’.

Geslaagde dag alleszins.





Televisionele waarneming n°548

10 01 2009

Jawel beste lezer, ik doe beslist meer dan televisie kijken, maar sta me toe nog maar eens een televisionele waarneming te delen met u. Eens te meer was het Man Bijt Hond dat zijn best deed de gekste menselijke gedragingen te registreren, die me nog maar eens (voor echt wel de duizendste keer) doen beseffen dat In de Gloria lang niet absurd genoeg was. Deze keer maakte een dame haar opwachting die op het werk een beetje gefrustreerd raakte omdat ze de soaps waarover haar collega het had, niet volgde. Dus nam mevrouw die serie op, keek er versneld naar om niet te veel tijd te verliezen én maakte zelfs nota’s over wat er precies gebeurde in de betreffende episode (om die ’s ochtends voor het vertrek naar het werk nog even te raadplegen). Op het werk ontwikkelden zich dan gesprekken à la ‘Ja, dat was nogal iets gisteren op tv!’.  In de ogen van haar collega viel even opperste verbazing waar te nemen – blijkbaar legde de dame in kwestie het er nét iets te dik op in de nabijheid van de camera – en ik grijnsde eens te meer om de alsmaar gekker wordende Vlaming. Kwamen deze week ook aan bod: een schoenenverkoper met een desastreus gevoel voor humor, een dove scheidsrechter en drie veertigers die van hun bejaarde moeder moesten zwijgen aan tafel om het risico op verslikking en de daaropvolgende dood te verkleinen. Curieus, bizar, gek, apart en doodgewoon tegelijk.

Een stuk minder grappig waren de ergerlijke beelden van het handvol criminelen dat bijna juichend de gevangenis mocht verlaten. Flink wat kaakslagen voor hun slachtoffers, wraakroepend moet dat zijn.

U kijkt verder net als ik ook naar het nog steeds entertainende De Slimste Mens ter Wereld? Dan stelde u samen met mij vast dat Goedele Liekens  het echt niet had voor Bart De Wever, dat dat de dag daarop min of meer uitgepraat leek, dat Jelle De Beule véél te serieus was en een cruciale fout maakte in de finale, dat Herman De Croo evenmin zijn misprijzen voor De Wever niet kon verhullen en hij evenmin wist wat De Pil was (‘ah, bestaat er ook één die ze gewoon ‘de pil’ noemen?‘). We merkten vooral op dat Rik Torfs in de aflevering van donderdag vrijwel niet aan bod kwam. Begint de redactie in te zien wat elke kijker denkt?

En voor de werklozen, studenten en gepensioneerden: ja, dat was ik gisteren in die middagherhaling van Blokken. Excuseer dat ik daarvan vooraf geen melding deed alhier, het was me compleet ontgaan. De video kan altijd uitgeleend worden.





Televisionele waarneming n°547

30 12 2008

Man Bijt Hond voerde vandaag een man op die Engels praatte met zijn vrouw omdat zijn inwonende, bejaarde vader steeds meeluisterde en dan alles doorvertelde aan de mensen op straat. De vader zat er een beetje treurig bij want hij verstond geen Engels. Een subtielere manier om hem uit te sluiten, kon er blijkbaar niet bedacht worden. Het delicate gesprek over een kinderwens ging dus aan zijn neus voorbij.

‘We mogen wunder ook wa privacy hebben hé’, zei de man nog. Aan half Vlaanderen.

Maar verder laat dit programma uiteraard iedereen in zijn waarde.





Deze bericht lezen-u?

7 12 2008

Op de kantoor van site van film Cinebel:

- Julie, jij niet vergeet d’annoncer het wedstrijd?

- Doet jij het? Ik Nederlandais niet goede.

- Ja, is inderdaadt moeilijke. Wij gaan het samen maken?

- Ensemble être nous fort!cinebel2





Brief uit de gevangenis

2 12 2008

gevangenis-bruggeTwee weken geleden al berichtte De Morgen over de AIBV, de superbeveiligde afdeling voor topcriminelen in de Brugse gevangenis. Douglas De Coninck – is dit de énige Vlaamse journalist die nog écht onderzoek doet?  -correspondeerde een tijd met Ashraf Sekkaki, een topgangster die er opgesloten zit.

Zijn verhaal is fascinerend, omdat we eigenlijk niet zouden verwachten dat er in België nog zo’n mensonwaardig gevangenisbeleid bestaat. De verwijzing in het artikel naar de gevangenis op Guantanamo Bay is niet slecht gekozen. Sekkaki beschrijft tot in de details de wrede omstandigheden van zijn gevangenschap.

Ik maak me wel wat bedenkingen bij het lezen van dit artikel. Allerlei argumenten uit de discussie over het gevangeniswezen, komen bij me op. Volstaa vrijheidsberoving niet als straf, met het daarbijhorende ontbreken van allerlei zaken die het leven aangenaam maken? Maar het creëren van extra stress, het tergen, het psychologisch martelen zoals het in het artikel beschreven staat, lijken me zinloos, zelfs gevaarlijk.

Maar anderzijds is het logisch dat ik als lezer meega in het  verhaal van De Coninck, dat is de bedoeling van het artikel. Ik hoor dus geen argumenten van slachtoffers, specialisten en deskundigen. Ik weet zelfs niet of alles wat in het artikel beschreven staat, waar is. Ik aarzel dus me uit te spreken over deze toestand.

Het is me daar dan ook niet om te doen. Veel frappanter aan het artikel vind ik dat Sekkaki overkomt als een taalvaardig man (het artikel werd geïllustreerd met foto’s van zijn brieven). Dat verbaast me niet alleen omdat hij allochtoon is – ik stel elke dag vast hoe groot de taalachterstand is bij deze groep zonder daarom in hokjes te willen denken – , ook omdat hij een gangster is en daarvan verwachten we nu eenmaal niet meteen dat ze goed opgeleid zijn. Het verband tussen opleidingsniveau en de kans op normvervaging, enzovoort.

Sekkaki schrijft niet alleen vlot Nederlands, hij drukt zich ook correct en met een zekere allure uit. In een tijd waarin een groot deel van de bevolking het schrijven van een gewone brief al als een zware opgave beschouwt, vind ik dat des te opmerkelijker. Een citaat: ‘De bewakers en de gevangen vinden elkaar in hun verslaving en wederzijdse haat. Ik lijk op hen. Net als zij heb ik haatgevoelens, een beklemming net onder mijn middenrif die krimpt en groeit als een tumor.’ Dat is wel wat anders dan Aspe. Die kerel zou verdorie een blog moeten beginnen.





Sneeuwbal teruggekaatst

26 11 2008

Haaltertse winterimpressies, klinkt de titel van een mailtje dat je moeder op een sneeuwachtige zondag stuurt. Met als bijlage een gezellig kiekje van een winterse, ondergesneeuwde tuin.

Gentse winterimpressies, stuur je terug, met als bijlage een uitzicht op een ondergesneeuwd stadspark.

Krijg je dit terug uit Liechtenstein:

liechtenstein

Oké,  Boris, jij wint.





Feestboek

10 11 2008

Nog geen half jaar geleden drukte ik hier mijn afkeer uit tegenover al die opdringerige sociale netwerken. Ik had het toen vooral gemunt op al die onbekenden die zich via mijn mailbox opdrongen, maar ook wel over de zinloosheid van dit gedoe.

facebookIntussen… ben ik een fervent Facebooker, om weliswaar vast te stellen dat veel van mijn argumenten klopten (het is oppervlakkig, het is niet meer dan wat verstrooiing, het vraagt tijd en energie), maar andere ook niet. Zo stelde ik ook dat een virtueel contact nooit een concrete ontmoeting kan vervangen. Dat is nog steeds zo, alleen kom je op Facebook ook in contact met mensen met wie je eigenlijk nooit een concrete ontmoeting hebt, maar die je toch min of meer kent, apprecieert en het contact mee wil onderhouden. Dat versterkt toch in enige mate de sociale band, zonder dat dat schijn hoeft genoemd te worden. Mensen doen mededelingen op hun Facebook (net zoals ik mededelingen doe op mijn blog en mensen hierheen komen om te weten hoe het met me is – uw Facebookprofiel is dus eigenlijk ook een soort blog), plaatsen foto’s van hun doen en laten en hun vrienden mogen meekijken. Voor wie dit maar niets vindt: u bepaalt zelf wie die foto’s ziet en is dat eigenlijk niet hetzelfde als vrienden thuis uw fotoalbum laten inkijken? Natuurlijk.

Belangrijk is ook dat ik stilaan wél meer mensen ken die zich hiermee bezig houden, en pas dan wordt het leuk natuurlijk. Nu zelfs mijn collega’s meedoen (‘Wat is dat juist, dat Feestboek?’) en ik het gevoel krijg dat deze netwerken aan bekendheid winnen, voel je je een stuk minder onnozel (hoewel het allemaal héél onnozel blijft hoor!). Ik heb de laatste weken ook mensen teruggevonden van wie ik altijd bedacht dat ik ze nog wel eens wou horen of zien. Op dit moment dringt de kracht van dit medium even tot me door. Die klasgenoten uit het klein college negeer ik – dat is echt verleden tijd en wie zijn die mensen eigenlijk? – maar in de lerarenopleiding was die band met de klasgenoten toch sterker. Ook een aantal mensen waarvan ik in mijn Alfabet der Mensen stel dat ik niet weet hoe het nu met ze gaat, heb ik teruggevonden. En dat is simpelweg aangenaam.

Een argument dat een stuk moeilijker te omzeilen valt: ‘Het handjevol echt bewonderenswaardige mensen dat ik ken, houdt zich overigens ook niet met zulke prullen bezig!’ stelde ik. Tja, daar sta je dan. Ben ik weer een stap verder van het soort menselijk ideaalbeeld dat ik heel stiekem nastreef? Iemand die zich met Ernstige Zaken bezighoudt, doet niet aan Facebooken. Of aan bloggen, wat dat betreft. Kijk, het was dus toch al te laat om een übermensch te worden. Een aap op Facebook blijft een aap, Nietzsche zou me gelijk geven.  Ik zal wel op een andere manier trachten mee te bouwen aan de menselijke ontwikkeling.

Ik voeg overigens lang niet iedereen toe die zich aanbiedt. Ik overweeg heel goed wie ik aanvaard in mijn netwerk. Niet dat het allemaal zo erg privé is – op deze blog staat eigenlijk veel meer over me – maar omdat ik toch een zekere band wil met die mensen. Ik verzet me aldus ook tegen de neiging om zomaar iedereen die je nog maar vaagweg kent, aan te klikken om zo je ‘aantal vrienden’ op te krikken. In een artikel over de voor- en nadelen van Facebook, wordt gesteld dat 10% van de mensen (vooral vrouwen) vatbaar is voor verslaving en dus meer en meer vriendschappen wil verwerven, in de veronderstelling dat dit een teken is van succes en welzijn. Dat klopt. Niet dat succes bedoel ik, maar dat veronderstellen. Iemand liet zich onlangs grijnzend ontvallen dat ze ‘meer dan 200 vrienden had, en hoeveel jij?’ En nee, dit was geen 5-jarige. Op die momenten besef je dat sommigen de relativering missen om hiermee om te gaan en Facebook vooral bij jongere of onstabiele mensen een vals gevoel van maatschappelijke aanvaarding geeft. Daarom mag ook niemand me kwalijk nemen als ik niet in ga op hun vriendschapsverzoek. Niet dat ik daarmee een afwijzende boodschap wil overbrengen, maar gewoon omdat ik op Facebook zeker niet socialer uit de hoek wil komen dan ik ben. Want dan zitten we weer bij die schijn.

Misschien sta ik hier allemaal veel te veel bij stil en - o, gruwel – neem ik dit véél te ernstig. Ik ben dan ook enigszins onder de invloed. Maar onbewust benijd ik de dappere, stabiele mensen toch een beetje die hier helemaal niet willen aan meedoen. Dapper van jullie.

Facebook in het echt?





Grotemensenklap

6 11 2008

Als tussendoortje…

kinkycosy1

(NIX)