Acteren moet je leren (2)

26 09 2009

De voorbije weken vielen drie feiten me op in de Vlaamse acteerwereld. Allereerst was er de casting van Koen De Bouw in de volgende film van Erik Van Looy. De twee hebben al drie keer eerder samengewerkt en kunnen het goed met elkaar vinden. Geen probleem. Toch vind ik die casting wat voorspelbaar. Wedden dat Filip Peeters de volgende zal zijn die mag aantreden in De Premier? Dat mogen dan al prima acteurs zijn, is het niet een beetje ongeïnspireerd telkens voor diezelfde koppen te kiezen? Van Looy behoort natuurlijk tot de mainstream en hoeft dus misschien geen risico’s te nemen, maar een creatief denkproces is er wellicht ook niet aan voorafgegaan En dat moet dan voor het eerst zijn dat ik deze brave mens wat afval.

Ook een vermelding waard, zeker in het kader van het oorspronkelijke uitgangspunt van deze rubriek, nl. taalgebruik in Vlaamse fictie, is een citaat van Nathalie Meskens in HUMO: ‘Wij moeten de mensen entertainen en niet opvoeden’, zegt de actrice uit Kaat & Co en Wij van België op de vraag of er verkavelingsvlaams zal gesproken worden in de nieuwe serie David. Ik vind dat een enge visie en een onnozele uitspraak, want Meskens lijkt er van uit te gaan dat je ofwel natuurlijk overkomt op het scherm en dus entertaint ofwel behoorlijk Nederlands spreekt en dus bevoogdende, saaie televisie maakt. Er is blijkbaar niets daartussen. Wie deel 1 las weet al dat ik geen Algemeen Nederlands verwacht van acteurs, maar wel fatsoenlijke articulatie en vooral een grote naturel. Als Meskens slecht spreekt, is ze een slechte actrice, want duidelijk spreken is gewoon haar werk. Het blijft bij veronderstellingen, want ik zag Meskens nog nooit aan het werk en laat haar dus voorlopig achterwege in mijn overzicht.

Tenslotte wist Stefaan Werbrouck in Knack een sterk punt te maken. N.a.v. de kritiek op de accenten van de acteurs in Code 37 en de daaropvolgende kritiek over onverstaanbaarheid in Los Zand, nam hij eveneens de stelling in dat acteurs van hem niet zozeer geforceerd Nederlands moeten spreken, maar hij vraagt zich wel af of het zoveel gevraagd is dat acteurs het accent aanleren dat hun personage verondersteld wordt te hebben. Is het niet precies het werk van een acteur ons te overtuigen dat ze iemand anders zijn? Waarom doen ze dan geen inspanning om een passend accent aan te nemen? Tja, het kunnen niet allemaal Meryl Streeps of Russell Crowes zijn zeker? Mooi gezegd van Werbrouck alleszins.

Dus sprokkel ik nog maar eens 10 Vlaamse acteurs bijeen om even stil te staan bij hun talent:

vlaamseacteurs211. Ianka Fleerackers: nooit meer uit het collectief geheugen te bannen door haar rol als de o zo lieflijke Prinses Prieeltje in Kulderzipken. Daarvoor viel ze mij al op in Niet voor Publicatie. In Louislouise en Flikken zag ik haar dan weer kort nietszeggend wezen. Heeft niet zo’n positief imago, maar ik verdenk haar er van meer dan behoorlijk te kunnen acteren. Verdient beter materiaal om dat eens te bewijzen.

12. Warre Borgmans: een rasacteur die vooral komisch sterk lijkt te wezen maar ook in de meest gevarieerde ernstige rollen altijd goed werk levert. In Nefast voor de Feestvreugde vond ik hem grandioos, zijn bijrol in Het Eiland stond bol van nuances en zijn trompettist in Het Peulengaleis valt niet te overtreffen. Ook bekend als broeder Grimm in datzelfde Kulderzipken en uit Team Spirit, Buitenspel en Zone Stad en momenteel zijn boterham aan het verdienen in David. Wat jammer genoeg geen reden genoeg is om te kijken.

13. Camilia Blereau: ‘Wie?’ vraagt u alweer. Maar al te vaak wordt deze dame vermeld als een onontdekt talent. Is dan ook vooral in gastrollen te zien maar mij blijft zowat elke rol bij van deze actrice. Wordt vaak gecast als kijvend wijf of bazig kenau, maar wie al haar rollen op een rijtje zet, kan niet anders dan haar veelzijdigheid vaststellen. Was al jaren geleden een strenge hoofdredactrice in Niet voor Publicatie, was onlangs erg sterk in De Smaak van De Keyser en verraste tussendoor in Stille Waters. Het grote publiek kent haar vooral uit Lili & Marleen en Kinderen van Dewindt. Moet ook leven en nam dan ook allerlei gastrollen in beschamende series als Spring!, Grappa en Amika aan. Ik wens haar ooit een stevige hoofdrol toe in een succesvol drama.

14. Joke Devynck: Ze mag gezien worden, ze is nog steeds vrij populair na haar hoofdrol in Flikken van 1999 tot 2002 en verscheen ook al in 4 films die ik allemaal gezien heb (Buitenspel, Vle(u)gels, Vermist en Suspect). Op televisie was ze ook nog te zien in Sara en Katarakt. Ik snap niet helemaal waar dat succes aan te danken is want ik hoor steevast dat West-Vlaamse accent en vind haar simpelweg nooit geloofwaardig en soms wat irritant. In Flikken destijds was ze zelfs abominabel. Dat is intussen verbeterd, maar toch overtuigt Devynck me amper. Ik ben benieuwd welke gevolgen dat zal hebben voor de Tom Lanoyeverfilming Het Goddelijke Monster, waarin Devynck de hoofdrol zal spelen.

15. Barbara Sarafian: Sinds Aanrijding in Moscou weer een beetje op de voorgrond en dat is volkomen terecht. Sarafian is een groot talent dat overtuigt in de meest diverse rollen. Kan zeer komisch wezen maar geeft zich ook volledig op het dramatisch vlak. Aanrijding bood haar een van de mooiste vrouwenrollen van de afgelopen jaren en ik durf betwijfelen of veel andere actrices dit tot een goed einde hadden kunnen brengen. Maar veel eerder speelde ze ook met veel overgave een variatie aan rollen in Spike en Kijk eens op de doos van (pdw). Vermeldenswaardig hoogtepunt was ook haar rol in Peter Greenaway’s 8 1/2 Women naast o.a. Amanda Plummer en Toni Collette. Ben fan!

16. Stany Crets: als Nancy moet ik hem eigenlijk niet – ik heb niets tegen dat personage, maar Crets gaat voor mij nét niet genoeg op in zijn rol – maar de man heeft doorheen de jaren (vooral in zijn eigen programma’s) getoond dat hij boordevol personages zit en dat maakt hem een goed acteur die zijn succes zeker verdient. Daarnaast was hij geloofwaardig en/of grappig in Los, Raf & RonnyRecht op Recht en natuurlijk – nu al 13 jaar geleden – Alles Moet Weg.  Ik weet niet of een diepgravende, ernstige rol hem zou liggen – het zou best wel eens kunnen – maar voorlopig kan de man tevreden zijn over zijn eigen carrière. Jammer wel van die enkele magere rollen in ultracommerciële ondingen als Plop in de Wolken of K3 en het ijsprinsesje. Geen snobisme, maar dat kun je moeilijk aanvaardbare fictie noemen.

17. Frank Focketyn: een curieus geval, deze doorgaans zeer grappige acteur. Heeft meegewerkt aan enkele van de meest populaire en beste series van de voorbije jaren – Het Eiland en In de Gloria – en maakt als Pappie uit Man Bijt Hond deel uit van de tv-geschiedenis. Zowat al zijn rollen blijven herbekijkbaar en uiterst grappig. Maar wat zegt dat over het acteertalent van Focketyn? Uiteindelijk weten we allemaal dat Guido Pallemans en al die andere zenuwachtige, gecrispeerde types uit In De Gloria iets te veel op elkaar lijken om te stellen dat Focketijn veelzijdig is. Vooral het rechtduwen van de bril met de wijsvinger heb ik de man net iets te veel zien doen. Toch zie je weinig acteurs in die mate opgaan in een personage en slaagt Focketyn er toch altijd in het karikaturale te overstijgen. Indien niet al te vaak op het scherm, dus best een aangenaam acteur. Wist u dat hij ooit een pastoor speelde in enkele afleveringen van Thuis?

18. Benny Claessens: Oei, wat doet deze kerel me zuchten. Als broer van Bart in Het Geslacht De Pauw viel hij voor mij enkele keren door de mand: hoe sterk zijn rol en de scenario’s ook, het deels geïmproviseerde  gemekker van deze jonge acteur stoorde me echt te vaak. Ik zag hem tweemaal gehandicapt wezen: in de bedenkelijke jeugdfilm Blinker en – héél kort – in Koning van de Wereld en beide keren vond ik zijn prestatie tergend slecht. Zijn gastrol in Witse – aja nu je het zegt, daarin speelde hij alwéér een mentaal gehandicapte – was simpelweg verschrikkelijk. Ik hoef deze figuur niet per se meer op televisie te zien.

19. Robbie Cleiren: zijn bekendheid is omgekeerd evenredig met zijn talent. Cleiren is een prima opgeleide, altijd geloofwaardige en interessante acteur die zijn rollen prima afwisselt. Zie hem vooral aan het werk in de weing geziene films Een ander zijn geluk, Dirty Mind en Linkeroever. Op televisie herinnert u zich hem misschien van Recht op Recht en gastrollen in Witse, Rupel en Sedes & Belli. Lijkt geen drang tot het BV-schap te voelen, wat de perceptie van de ernst waarmee hij zijn vak uitvoert, alleen maar vergroot.

20. Jacky Lafon: Niemand is makkelijker door het slijk te halen dan deze euh… actrice. Haar afgang in de Nationale IQTest was voer voor talloze stand-up comedians en columnisten en haar onverslijtbare rol in het grootste televisiegedrocht ooit gemaakt, Familie, is eigenlijk gewoon lachwekkend. Wat valt er verder nog te spotten met deze platte, veredelde kermisslons op jaren, wiens werk in de de verste verte niets te maken heeft met wat acteren eigenlijk is? Leert haar tekst van buiten en dat is het.

 





Acteren moet je leren

9 09 2009

Sinds Jelle Cleymans zich een weg ettert doorheen de serie Thuis slaag ik er nog meer in dan voorheen, dit leven zoals het helemaal niet is, compleet te negeren. Ergens ook jammer, want het schabouwelijke taalgebruik en de stereotiepe personages konden mij op sommige momenten inspireren tot genietbaar geëmmer hier, maar het was uiteindelijk amper draaglijk geworden.

Momenteel blijkt het taalgebruik in allerlei series echter plots een item. De Standaard pikte het geklaag op diverse internetfora op over het taalgebruik in nieuwe series als Los Zand en Code 37. Man Bijt Hond gaf daar gisteren een leuke draai aan. Ik ben als taalliefhebber wel tevreden met deze nieuwe aandacht – al die pietjes precies in Man Bijt Hond vond ik extreem sympathiek! – , hoewel ik me niet de illusies maak dat er iets zal veranderen. Overigens hoeft het voor mij ook niet van dat steriel Nederlands te worden, hoor.

Maar de Taal van Thuis heeft me dus jaren geërgerd, al die laat ik nu maar even links liggen. Over het schabouwelijke gepruttel in 16+ had ik het twee jaar geleden al. Dus over naar de actualiteit. Het taalgebruik in Los Zand vond ik bij momenten storend: zoals vroeger al gezegd wil ik nog tolerant zijn tegenover verkavelingsvlaams, maar dialect vind ik absoluut not done. In tegenstelling tot velen vond ik de acteurs wél verstaanbaar, maar dat wil niet zeggen dat ik ze met plezier aanhoorde. Enkele van de gesprekken waren beslist tenenkrommend dialectisch en voorzien van een geforceerdee naturel. Terzijde: deze serie wil ik best nog verder bekijken al garandeer ik niet dat ik de eindstreep haal.

Dan was er Code 37, een doorslagje van een kopie van een tweedehands politieserie. In Vlaanderen misschien wat ongezien, maar verder op alle vlakken ongeïnspireerd. En saai, niet te geloven. Maar ter zake: de Antwerpse en Brabantse accenten waarvan sprake in vele media, deden me niet veel. Zoals elders al opgevoerd, hoor je zeker in Gent diverse accenten, dus wat zou dat. Maar hier is meer aan de hand: de taal die de acteurs hanteren leunt zo dicht aan bij dialect, dat het bijzonder irritant wordt. Doet pijn aan de oren.

Ik heb daar wat over nagedacht. Als ik me in het dagelijks leven maar in  beperkte mate erger aan dialect en accenten, waarom zou ik dan in Vlaamse series en films wel verwachten dat men perfect Nederlands spreekt? Mijn conclusie is eigenlijk paradoxaal: ik heb helemaal niets tegen deze manier van spreken. Van nieuwslezers, presentators, omroepers en radiovolk verwacht ik dat uiteraard wel, maar acteurs hebben als opdracht fictie te brengen die aanleunt/gebaseerd is op/lijkt op de werkelijkheid. Dus moeten ze toch klinken zoals gewone mensen?

En dus zit het probleem voor mij helemaal ergens anders: het ligt aan de acteurs. Eén van de dames in Man Bijt Hond vond bv. dat Van Vlees en Bloed verknoeid werd door de dialectwoorden erin. Niets van gemerkt, moet ik zeggen. Als de acteurs overtuigen, maakt het mij eigenlijk niet echt uit wat ze spreken. Koen De Graeve kan zijn Aalsters doorgaans amper verstoppen, en toch hoor ik hem zeer graag bezig in alle soorten rollen. Ik raak er dus steeds meer van overtuigd dat goede acteurs het verschil maken en dat er ook steeds minder zijn helaas. Vlaanderen raakt bedolven onder would-be vedetten, bimbo’s die vanbinnen even blond zijn als vanbuiten en veredelde figuranten die zich allemaal acteur noemen.

Ik heb zelf geen acteerambities, ik snap ook dat het charisma van een acteur meer uitmaakt dan zijn werkelijke talent en dat een goed acteur meer is dan iemand die mooi spreekt. Wat een goed acteur dan wel is, valt moeilijk te omschrijven. Het laat me niet om toch even af te wijken van mijn punt en mijn loep boven het Vlaams acteervolk te houden. Ik beschouw dus even wat willekeurige Vlaamse acteurs om te zien wat er hapert en aanslaat.

 Vlaamseacteurs11. Veerle Baetens: overschat. Gigantisch nog wel. In de vier minuten van Sara die ik ooit meepikte, vond ik haar al amper boven het minimum amateurniveau uitsteken. In Code 37 hanteert ze zeker twee gezichtsuitdrukkingen. In Loft ging ze op in het decor, zo grijs wist ze te zijn. Ik moet haar niet. De verpersoonlijking van het banale. In Vlaanderen ben je dan een ster.

2. Marijke Pinoy:  Een mens met een wel erg beperkt register, waardoor ze al al haar rollen op elkaar laat lijken. Of ze nu de drama queen staat te wezen in De Keyser van de Smaak of moederlijk is in Ben X en Los Zand, ze blijft emoties verwarren met gesticuleren en zeuren. Let ook eens op haar gruwelijke articulatie. Haar jury duty in het gedrocht Moeders en Dochters onthulde bovendien dat ze in werkelijkheid ook gewoon zo is.

3. Maaike Cafmeyer: We love her. Niet? Ze is leuk , ze is grappig… Wacht even. Is ze echt grappig? Of heeft ze gewoon enkele grappige rollen gespeeld? Ze mocht heerlijk stuntelen in Het Geslacht De Pauw. Ze mocht heerlijk bot wezen in Loft. En ze komt beslist sympathiek en charmant over. Maar acteert ze eigenlijk goed? In Aspe zag ik haar nauwelijks aan het werk – niet uit te kijken, deze belegen misdaadprul – maar ik wacht alleszins tot ik eens echt onder de indruk zal zijn. Haar legendarische opdringpoging bij Paul Van Himst als vrouw van Bart De Pauw was echter ijzersterk. Acteren is ook: laten vergeten dat je een actrice bent. Ik geef haar nog heel wat krediet.

4. Jelle Cleymans: een ware verschrikking. Dit is echt wel allesbehalve een acteur. Ik blijf beleefd over zijn smoelwerk, maar dit is echt wel the very poor man’s Leonardo Dicaprio Zac Efron Rupert Grint. Ja, inderdaad, die irritante kerel die Ron speelt in Harry Potter.

5. Adriaan Van den Hoof: geweldig in zowat elke rol die hij speelde in het Peulengaleis en het gerelateerde Nefast voor de Feestvreugde. Memorabel als zieligaard in de sketches uit Man Bijt Hond. Maar beschikt hij over de veelzijdigheid en de diepgang die we van een goed acteur verlangen? Zijn gastrol in Code 37 was alvast heel erg om te lachen. Zonder dat dat de bedoeling was. Misschien komt het ooit goed, maar ik zie hem gewoon geen ernstige rollen vertolken.

6. Marilou Mermans: haar website opent met mijn lofuitingen en die zijn gemeend. Zou een monument moeten zijn in Vlaanderen, maar blijft toch wat onder de radar door gebrek aan grote rollen. Of net door zo op te gaan in haar rollen dat niemand haar herkent in een andere. Grote klasse dus. En dat moet dan opdraven in Familie en Thuis.

7. Frank Aendenboom: Dit is dan wel een momument, dus wat valt er te argumenteren? Dat deze knotwilg uit de Vlaamse filmwereld zo vaak in het dialect geacteerd heeft. En daar nooit iets tegen in te brengen viel want je geloofde iedere minuut. Al mogen ze Lili & Marleen gerust uit zijn cv schrappen.

8. Frank Vercruyssen: iemand uit mijn nabije omgeving deed onlangs een weinig sympathieke indruk op van deze man, maar desondanks weet hij in wat voor rol dan ook, wel steeds te overtuigen. Manneken Pis is nu wel heel lang geleden, De Smaak van de Keyser en (N)iemand toonden zijn talent recentelijk nog. Als Vlaanderen Hollywood was, was dit wellicht Sean Penn of zo. En dan heb ik nog niet eens één van zijn theaterstukken gezien.

9. Eline De Munck: haha. hahahahahahahaha. In het Kruidvat zoeken ze nog iemand.

10. Axel Daeseleire: Jaaaaa, dat Antwerps accent, we weten het. En die typecasting als macho. De man moet ook leven zeker? In zijn begindagen om weg van te lopen (Dief gezien iemand?), maar intussen toch al enkele keren zeer overtuigend geweest en ik heb de indruk dat hij zijn vak ernstig neemt.

Hmm, dit is leuk. Wordt beslist vervolgd.

En nu maar hopen dat al die mensen mij niet bellen omdat ze beledigd zijn.





Drie dingen die ik niet vind

16 06 2009

Dat het stopzetten van FC De Kampioenen te weinig aandacht kreeg in de Vlaamse tv-journaals.

Dat het aannemelijk is dat een verkeerd getatoëerde Kimberley zich niet meer op straat durft te vertonen en haar mismeesterde smoelwerk dan maar in alle kranten en op televisie vertoont. Ze haalde zelfs de wereldpers.

Dat Maaike Neuville erg intelligent overkomt als ze stomverbaasd reageert op de mededeling dat je een Facebook-account kan stopzetten (Villa Vanthilt, ma 15/6).

(voor al die honderden bezoekers die de laatste dagen overigens weer op zoek zijn naar de naaktheid van deze actrice, hier nog maar eens de link naar het filmpje).





Televisionele Waarneming n°551

5 05 2009

Waarde lezer, het ligt niet in mijn bedoeling u hier een dagelijkse samenvatting van Man Bijt Hond te serveren. Maar ook vandaag wist dit programma de mensheid weer schitterend te vatten, met hilarische conversaties in die je zo gek niet zou kunnen bedenken. Is het niet ter uwer vertier, vind ik er zelf wel plezier in er vandaag weer eentje uit te plukken:

Winkelierster: ‘Ik ben een boek aan het lezen van Dante. Kent u dat?
Marina-achtige klant: ‘euh… neeje’
Winkelierster: ‘Ah, leest u geen boeken?
Klant: ‘Feitelijk nie…’
Winkelierster: ‘Ah ja, Dante, dat is literatuur hé!’
Klant (gretig): ‘Maar ik lees vree graag den Dag Allemaal, daar staan vanachter altijd waargebeurde feiten in over ziektes en mensen die vanalles voorgehad hebben. Dat lees ik graag!’
Winkelierster: ‘Ah ja… awel ja, … (stilte) Dat interesseert mij eigenlijk niet hoor. Dante, ja. Maar er zijn ook minder moeilijke boeken hoor! Kent u de Millenniumreeks niet van Stieg Larsson? Zeer goede detectives’.
Tweede klant: ‘Oe nieje, da lezekik allemaal nie. Maar kent ge ‘Aspe’ dan nie? Dat zijn toch ook detectives. Als ik dan een boek zou willen lezen, zou ik dat dan toch pakken…’

Leve de geletterde mens! Maar als ze nog klanten over de vloer willen, zal deze winkelierster haar winkelconveraties wel mogen aanpassen…

Verder drong een man er bij de cameraploeg hevig op aan mee naar zijn huis te komen, om naar zijn watervaraan te komen kijken. Zelden werden ze zo slecht ontvangen, want de vrouw des huizes zag dit helemaal niet zitten. \’Ik ben niet gekleed of geschminckt of iets! En ik ben aan het strijken, zie dat hier liggen!\’ En prompt werd de ploeg aan de deur gezet tot het huis enigszins aan kant was. Mevrouw weigerde verder in beeld te komen.

Wel, ik vind dat leuke televisie. Die iedereen in zijn waarde laat, uiteraard.

Maar nu toch even genoeg over Man Bijt Hond. Of het Verantwoord Tijdverlies begint nog op deze ietwat bizarre blog te lijken, waarop een dame doet alsof ze zelf meespeelt in Thuis, nog zo ’n tv-programma tjokvol fascinerende personages, levensechte dialogen, welklinkende dialecten, grandioze plotwendingen en hartverscheurende emoties!





Televisionele waarneming n°550

4 05 2009

De Man Bijt Hond-ploeg valt binnen in een café met zwarte barvrouw:

- Klant 1: ‘Wij waren dat niet gewoon. In ons dorp woonde enkel een Marokkaan, maar die zag er uit als een Belg’

- Klant 2: ‘Die zwarte is nu voor ons geen zwarte nie meer, maar een persoon!’

Ze krijgt vorm, onze multiculturele samenleving. Maar wat voor vorm?





Viva Verhofstadt

6 04 2009

‘Maar da was nu toch schoon, ons Sarah hare film over Guy Verhofstadt, hebt ge nie gezien op Canvas? En zo schoon verteld, alé, ik wil zeggen, zo duidelijk, want ge zoudt zeggen, diene politiek is ingewikkeld, maar ons Sarah legde dat allemaal zo goed uit. Jaja, een echte journaliste hé?’

verhofstadtIk was best benieuwd naar ‘een jaar uit het leven van Verhofstadt’ in de reeks ‘Puur Persoonlijk’. De jonge documentairemaakster Sarah De Bisschop kwam echter vorige week bij Phara en Lieven al duiding geven en dat deed ze echt ‘met zoiets van, alé, ca va toch’? Mijn behoedzaamheid nam dus aanzienlijk toe toen ik haar aan het woord hoorde. Had Guy Verhofstadt per vergissing een schoolmeisje toestemming gegeven hem voor de voeten gelopen? Zag hij geen gevaar in de naïviteit die ze etaleerde?

Toegegeven, qua sfeer en beeld zat het snor met dit verslag. Inhoudelijk werd Verhofstadt, die ik door zijn lange afwezigheid ietwat mythische proporties was gaan toedichten, voor mij overigens weer geredigeerd tot de snel geërgerde, stijlloze, wat pedante houten klaas die hij eigenlijk is. De observaties waren dus vaak raak en hoewel Verhofstadt continu een masker van jovialiteit droeg en we hem geenszins leerden kennen, was dit portret best boeiend. En toch… Bij elke zin die de Bisschop aan haar beelden toevoegde, kreeg je eigenlijk het gevoel naar een beeldgeworden schoolopstel te kijken. Haar bewoordingen kwamen simplistisch over en je kreeg steeds de indruk dat de kunde waarmee alles in beeld gezet was, puur toeval was.

Had ik weer teveel verwacht? Had ik niet mogen veronderstellen dat als één van onze meest vooraanstaande politici iemand toestaat hem een jaar lang op de huid te zitten, die persoon een schoolvoorbeeld van ernst, journalistieke onderlegdheid, intelligentie en mondigheid zou zijn?

Op de docu volgt overigens ook een boek. Dat De Bisschop niet alleen geschreven heeft. Of moeten we zeggen, niet zelf? Neenee, geen zure veronderstellingen, Sven! Maar waar zitten ze eigenlijk tegenwoordig, al die mensen die ons nog eens écht verstomd doen staan met hun talent?





Kampioenen gaan voor kwaliteit

3 04 2009

En ik had er nog wel zo naar uitgekeken!

Hier alle tekst en uitleg. Géén leedvermaak hoor!





De taal van Thuis (3)

20 03 2009

“Zijde gij bij d’oeren geweest of nie?”

“Ik wil van geen van jullie beiden een nier!”

Lang geleden gruwelde ik met regelmaat om het schabouwelijke taalgebruik in de Thuissoap. Dan maar zoveel mogelijk wegkijken, maar nu ik na een weekje bosklas uitgeput op de zetel neerzak en daarbij bovenstaande flarden scenariowerk van torenhoog niveau opvang, rijst de vraag of deze populaire serie iedere week zo grandioos tussen onbevattelijkheid en absurdisme balanceert. Woont David Lynch in Vlaanderen?





Moest dat?

13 03 2009

Moest dat echt, Nicole en Hugo, dat ridicuul meewillen zijn met jullie tijd of dat uitbuiten van jullie grootste hit door er een idiote Regi-beat op te zetten?

Nee, dat moest niet. Echt niet.

Moest dat echt, Sandrine, beslissen om met omroepen te stoppen, nu je er héél misschien een héél klein beetje begon in te slagen vlot je alles bij elkaar maar onzinnige tekstje uit te kramen?

Ja, Eigenlijk wel.

Moet dat echt, Peter Goossens, die kandidaat-restaurateurs zo afblaffen vanwege desastreuze businessplannen, ondoordachte menu’s, extreem amateurisme en volslagen gebrek aan besef wat het uitbaten van een restaurant inhoudt?

Ja, dat moet absoluut.

En nu kijk ik écht niet meer.





Televisionele waarneming n°549

5 03 2009

- ‘De inirichting laat ik volledig aan Wendy over, die heeft daar vernieuwende ideeën over’

- ‘En Wendy, hoe denk je het restaurant vernieuwend in te richten?

- ‘Door de oude sfeer van het gebouw te bewaren en met een oude archiefkast enzo.’

Welk woord uit het woord ‘vernieuwend’ hebt u niet begrepen, beste Wendy?





Waarover ik niet geblogd heb

10 02 2009

Er ging geen definiërend moment aan vooraf, maar ik heb zo het gevoel dat mijn blogpauze over is - het was sowieso al een enigszins halfslachtige pauze.

Ik had het gewoon wat druk, de laatste weken. Niet erg, enerzijds. Achter bloggen kan bij momenten een zekere druk zitten. Jammer anderzijds, want ik had eigenlijk best wel wat willen schrijven.

Over het drama in Dendermonde misschien? Ik waag me niet aan zuiver beklag. Ik ga geen slachtoffers bewenen. Ik denk ook niet te kunnen oordelen over de dader, zijn familie, zijn motieven. Ik spreek me niet uit over wraak of straf. Maar ik kreeg wel héél snel genoeg van de manier waarop de media het nieuws behandelden. Heel wat kranten en alle tv-journaals putten zich uit in het uitmelken van de dramatiek. Vergezochte getuigen en het onkies focussen op emoties. Ouders die hun kind verloren aangeslagen op de voorpagina, op grote foto’s. (“Zij verloren hun kind”). Een soort van ’show’ op VTM met getuigen en specialisten, omringd door publiek. Povere pogingen tot de opbouw van een ernstig imago inzake berichtgeving. Voor Het Laatste Nieuws geldt zelfs die zielige ambitie niet eens meer. Maar genoeg daarover.

stats2Over de onwaarschijnlijke bezoekcijfers van mijn blog dan?. Dankzij die blonde uit Van Vlees en Bloed, die men zo graag zonder kleren wil zien. Dan blogt een mens net wat minder, krijg je recordaantallen hits.

Over televisie natuurlijk. De kracht van Van Vlees en Bloed. De schoonheid van De Smaak van De Keyser. De lulkoek waarmee het nochthans nog steeds entertainende programma De Slimste Mens ter Wereld gevuld werd. De vragenmakers gaan het steeds meer zoeken bij het platvloerse en sensationele. De finale die ging tussen een politicus met te weinig ernst en een nieuwslezer met te veel ernst. De clownerieën van Torfs vormen verder een nieuw dieptepunt. Afvoeren die man. Intussen viert VTM zijn 20-jarige bestaan. 20 jaar kul. Man Bijt Hond voerde enkele VTM-fans op die niet beter getypeerd konden worden. Jan Verheyen liet zich desondanks overal grote uitspraken ontvallen; het vallen van het ijzeren gordijn had er niets bij.

Over mijn collega’s misschien, een groep heerlijke mensen met in de kern zelfs heel wat dierbaren. Over het feestboek, daar op de Freixenetschool. Over de aard van de conversaties in de leraarskamer.

Over al die baby’s die ik bezoek. Maria-Dolores. Berend. Staf. Allemaal schoon en braaf, hun ouders gloeien van geluk.

Over mijn leerlingen ook. Die stellen het wel, uiteraard. Een Australisch meisje vervoegde ons. Taalbarrières verbrokkelen onder Kinderengels. Joe aur naais en wat is jaur neem. Het sociale proces is boeiend om te zien. Eerst leggen enkele initiatiefnemers beslag op de nieuweling. Daarna wagen de schuchteren hun kans, met meer succes. En dan is er romantiek en liefdesverdriet. Ouders moeten me dat vertellen, een meester merkt daar allemaal niets van, ze lijden in stilte. Die houdt van die maar die is op die. Die weet van niets maar het wordt hem wel kwalijk genomen. Tragisch, vanuit hun perspectief.

Over Boris die zich in Liechtenstein helemaal geeft. Geen slaap, geen ontspanning. Er is enkel de weg naar school en terug. Hoe hou je dat vol? Maar zijn ‘rapport’ slaat ons wel met verstomming. Ooit gaat dat fortuin en faam opleveren, Boris!

Over goeie films (Revolutionary Road, Frost/Nixon), leuke films (Dirty Mind), aanvaardbare maar ietwat teleurstellende films (Valkyrie) en oersaaie films die je ijskoud onverschillig laten (The Curious Case of Benjamin Button).  

Maar goed, over al die zaken heb ik dus niet geblogd. We zien wel wat zich nog aandient ter inspiratie.





Televisionele waarneming n°548

10 01 2009

Jawel beste lezer, ik doe beslist meer dan televisie kijken, maar sta me toe nog maar eens een televisionele waarneming te delen met u. Eens te meer was het Man Bijt Hond dat zijn best deed de gekste menselijke gedragingen te registreren, die me nog maar eens (voor echt wel de duizendste keer) doen beseffen dat In de Gloria lang niet absurd genoeg was. Deze keer maakte een dame haar opwachting die op het werk een beetje gefrustreerd raakte omdat ze de soaps waarover haar collega het had, niet volgde. Dus nam mevrouw die serie op, keek er versneld naar om niet te veel tijd te verliezen én maakte zelfs nota’s over wat er precies gebeurde in de betreffende episode (om die ’s ochtends voor het vertrek naar het werk nog even te raadplegen). Op het werk ontwikkelden zich dan gesprekken à la ‘Ja, dat was nogal iets gisteren op tv!’.  In de ogen van haar collega viel even opperste verbazing waar te nemen – blijkbaar legde de dame in kwestie het er nét iets te dik op in de nabijheid van de camera – en ik grijnsde eens te meer om de alsmaar gekker wordende Vlaming. Kwamen deze week ook aan bod: een schoenenverkoper met een desastreus gevoel voor humor, een dove scheidsrechter en drie veertigers die van hun bejaarde moeder moesten zwijgen aan tafel om het risico op verslikking en de daaropvolgende dood te verkleinen. Curieus, bizar, gek, apart en doodgewoon tegelijk.

Een stuk minder grappig waren de ergerlijke beelden van het handvol criminelen dat bijna juichend de gevangenis mocht verlaten. Flink wat kaakslagen voor hun slachtoffers, wraakroepend moet dat zijn.

U kijkt verder net als ik ook naar het nog steeds entertainende De Slimste Mens ter Wereld? Dan stelde u samen met mij vast dat Goedele Liekens  het echt niet had voor Bart De Wever, dat dat de dag daarop min of meer uitgepraat leek, dat Jelle De Beule véél te serieus was en een cruciale fout maakte in de finale, dat Herman De Croo evenmin zijn misprijzen voor De Wever niet kon verhullen en hij evenmin wist wat De Pil was (‘ah, bestaat er ook één die ze gewoon ‘de pil’ noemen?‘). We merkten vooral op dat Rik Torfs in de aflevering van donderdag vrijwel niet aan bod kwam. Begint de redactie in te zien wat elke kijker denkt?

En voor de werklozen, studenten en gepensioneerden: ja, dat was ik gisteren in die middagherhaling van Blokken. Excuseer dat ik daarvan vooraf geen melding deed alhier, het was me compleet ontgaan. De video kan altijd uitgeleend worden.





Televisie in 2008

3 01 2009

Had ik nog genoteerd op een briefje dat ik bij het opruimen tegenkwam: de feedback van Marcel Vanthilt op de poging van Geena Lisa en haar achtergrondzangeressen om deel te nemen aan het Eurosongfestival: ‘Mijn vrouw heeft ook 3 vriendinnen, en die gaat daarmee winkelen en naar een optreden van Clouseau, maar gaat daarom nog niet deelnemen aan Eurosong.’

Hèhèhè.





Televisionele waarneming n°547

30 12 2008

Man Bijt Hond voerde vandaag een man op die Engels praatte met zijn vrouw omdat zijn inwonende, bejaarde vader steeds meeluisterde en dan alles doorvertelde aan de mensen op straat. De vader zat er een beetje treurig bij want hij verstond geen Engels. Een subtielere manier om hem uit te sluiten, kon er blijkbaar niet bedacht worden. Het delicate gesprek over een kinderwens ging dus aan zijn neus voorbij.

‘We mogen wunder ook wa privacy hebben hé’, zei de man nog. Aan half Vlaanderen.

Maar verder laat dit programma uiteraard iedereen in zijn waarde.





Morgen kijk ik niet

29 12 2008

dewevernaar De Slimste Mens Ter Wereld. Niet dat dit nog steeds erg entertainende programma me begint tegen te steken, maar omdat men er in geslaagd is voor de aflevering van morgen drie volstrekt oninteressante deelnemers samen te brengen.

Op de eerste stoel zit Freek Braeckman te stralen. Onze meest kleurloze, vroegtijdig oud geworden nieuwslezer heeft schijnbaar een hele schare fans in Vlaanderen, maar ik ben daar zeker geen van. Ik heb genoeg van dit meneertje middelmaat. Een sterke quizkandidaat uiteraard, maar nu is het welletjes geweest.

Naast hem werd Bart De Wever in een stoeltje gepropt (let er maar eens op, die kerel past er nauwelijks in!). De vleesgeworden stompzinnigheid, de charme van een kopje koude koffie etalerend, een lege en idiote man die je op zijn best associeert met worsten, carnaval en kaartavonden. Kan er morgen een haardvuur naast hem geplaatst worden? En was hij gedrogeerd of is die sloomheid aangeboren? Dat hij een heel hoog score haalde, is des te opmerkelijker, maar het was dan ook een herkansing.

Op de derde stoel neemt Carry Goossens plaats, een acteur uit een pak successeries waar ik niet naar kijk en waar ik eigenlijk ook niet echt kan opkomen – op het immer aanwezige FC De Kampioenen na natuurlijk. De man doet mij vooral aan belegen kaas denken en op thermossen op plastic tafelkleden. En moppen waar ik niet om moet lachen – wat een zuurpruim ben ik hé?

Uit protest zal ik dus morgen voor de verandering eens niet kijken. 





A Town Unlike Any Other

28 11 2008

Op één wordt vandaag zaterdag een Britse serie uitgezonden die de meerwaardezoeker al geruime tijd geleden op een buitenlandse zender ontdekt heeft. Niettemin wil ik iedereen die ook maar enigszins van goede televisiefictie houdt, aansporen zaterdagavond naar het onweerstaanbare en uitermate entertainende Cranford te kijken, een superieure BBC-serie.

Een groot aantal van de beste Britse acteurs mag opdraven in een niet op één genre vast te pinnen verhaal. In de eerste plaats zullen liefhebbers van Charles Dickens, Jane Austen en het betere soapwerk aan hun trekken komen. Maar Cranford, dat de belevenissen van een aantal bewoners van een klein Brits dorp in de 19 eeuw belicht, zal ook iedereen aanspreken die van sociale drama’s en series met diverse verhaallijnen houdt. Het gaat hier immers om een uitgekiende sociale schets, vol rake en waarheidsgetrouwe observaties.  Onder het vrolijke en fatsoenlijke gekwebbel van de personages, bevechten de meest diverse emoties elkaar. De serie is daardoor extreem verslavend en laat je niet onberoerd. In alle opzichten is dit ook een historische serie, waarin de samenleving van die tijd prachtig geïllustreerd wordt: maatschappelijke verhoudingen, financiën, onderwijs, macht, wetenschap, huwelijk, eer en fatsoen, zijn maar enkele van de thema’s. Zoals je van een BBC-serie mag verwachten gebeurt dat met een meesterlijk oog voor detail en is Cranford dan ook op alle vlakken om van te snoepen. De dialogen alleen al zijn ware pareltjes.

Dat de VRT beslist deze serie op één uit te zenden, vind ik geen probleem, al vraag ik me toch af waarom dit niet op Canvas hoort (in plaats van de hysterische Desperate Housewives bv – wat is eigenlijk nog het profiel van deze zenders?). Dat daar tegenover dan het eveneens genietbare Trial and Retribution geprogrammeerd staat, is zonde, want dat spreekt deels dezelfde doelgroep aan.

Maar goed, Cranford is grandioze televisie. Hoewel het sterk afwijkt van mijn grote favorieten The Sopranos, Six Feet Under, The Wire en Deadwood, is dit een (korte) serie om te koesteren. Voor wie de reeks reeds gezien heeft en naar meer snakt: er volgt ooit nog één dubbele aflevering, een kerstspecial, maar ook daarvoor zullen we eerst op BBC of een Nederlandse zender terecht moeten. Alle anderen gun ik het plezier deze serie te ontdekken.

Vanaf 29/11, om 21u55 op één.





Pasta of pastaniet?

24 11 2008

elsscheppersStel, je doet op televisie mee aan een uitvinderswedstrijd met je zelfbedachte speculoospasta. Je uitvinding wordt flink geprezen, maar de grandioze sliplift gaat met de hoofdprijs lopen. Toch wordt ook je pasta een succes. Vervolgens mag je in diverse media over je uitvinding vertellen en genieten van de roem en rijkdom die de net-niet-overwinning met zich meebracht.

En stel dat een jaar later de zender van plan is opnieuw een reeks van het tv-programma te maken en men vraagt jou als bekendste deelnemer van de eerste reeks om op te draven in de bijhorende promotiespot. Men stelt je daarbij voor je te verkleden in MegaEls en vervolgens ziet heel Vlaanderen je in een rijkelijk van glitters voorziene pakje over het scherm vliegen om bij een doorsnee gezin de pastanood te gaan oplossen. Je staat erbij als iemand in een verkeerd decor en kan je waardigheid net niet redden door ook nog eens slecht te acteren – je bént dan ook geen actrice.

Daar zeg je toch ja op?

(promotiespot De Bedenkers, iedere dag meerdere keren op één)





Pappenheimwee (4)

18 11 2008

Uw geduld wordt beloond, beste lezers. Ik verklap u eindelijk hoe mijn deelname aan De Pappenheimers in 2004 is afgelopen.

alibaba1Waar waren we gebleven? Mijn moeder en ik stonden 100 punten voor. Het zal van de sympathieke maar weinig pientere Peer afhangen of zijn team alsnog de finale haalt. Kent hij het antwoordt niet, dan winnen wij… Maar zelfs het kleinste kind weet het antwoord op de vraag: ‘Wat zei Ali Baba om de grot te openen’. Peer geeft dan ook zeer overtuigd het juiste antwoord. Wij vallen af.

Er wordt afscheid van ons genomen en ik mag nog melden dat ik me in het geheel nergens aan geërgerd heb – wat eigenlijk wel zo is, al blijft die goedgekeurde verspreking van Filip Peeters me toch wat parten spelen. Daarna nemen we plaats tussen onze teleurgestelde supporters om de finale te aanschouwen.

pappenheimers_0044 pappenheimers_0023 pappenheimers_0015

Op dat eigenste moment ben ik niet eens heel teleurgesteld. De sportieve sfeer die het programma uitstraalt, is vrij echt en daardoor is verliezen niet zo heel erg. De glimlach valt niet van mijn gezicht te beitelen. Toch moet gezegd dat onze tegenspelers daar ook toe bijdroegen. Zij speelden hun rol als underdog zo voortreffelijk, dat zelfs wij voor hen zouden supporteren. De finale was hen meer gegund dan Frans en Tim die zich vooraf in de rol van onoverwinnelijken nestelden. Maar wat wellicht nog een veel grotere rol speelt, is de afloop van de finale. Zoals de productie het voorschrijft, laten Peer en Els eerst hun BV zoveel mogelijk correcte antwoorden sprokkelen. Peeters slaagt daar moeiteloos in, maar dan raken ze de pedalen kwijt. Peer geeft het ene foute antwoord na het andere. Het koppel verliest dan ook met glans en, daar moeten we eerlijk in zijn, dat verzacht ook onze pijn. Allemaal met lege handen naar huis na ons rot geamuseerd te hebben, dat kunnen we fair vinden. Niet slecht bedoeld natuurlijk, maar is dit geen aannemelijke menselijke reactie? Onze teleurstelling was wellicht veel groter geweest als onze tegenspelers met enkele duizenden euro’s naar huis zouden gaan.

Onze supporters lijken genoten te hebben en er wordt druk nagepraat. Meester Marc laat horen wat hij allemaal wel wist en mijn oma moet even bekomen. Terwijl wij de spanning doorspoelen, start  – vrij laat op de avond al – nog een opname. Wij kunnen intussen formeel zijn: dit was voor ons een bijzondere, misschien zelfs wat sensationele beleving die zo’n storm aan emoties losmaakt dat we er nog dagenlang op wolkjes van zullen lopen. De productie is blij met de spannende aflevering, we krijgen als troost nog een fles champagne.

pappenheimers_0033Uiteraard wordt er nadien druk geanalyseerd. Wat hadden we moeten weten? Wat waren de flaters? Mijn moeder is wat pessimistisch. Ze heeft de indruk dat haar juiste antwoorden zich beperkt hebben tot vragen over seks, drank, muziek, roddel en nostalgie. Zal heel Vlaanderen haar leren kennen als een dom blondje? Welnee, en wat zou het, als je daar moeiteloos het charisma van een hele resem Missen en tv-omroepsters zit te overtreffen, glimlachend en stralend? Ikzelf geniet nog na van de alertheid ‘Jezus’ te antwoorden op een zeer onwaarschijnlijke vraag. En als spelletjesspeler was dit natuurlijk ook genieten.

Drie maand later

De uitzending valt samen met een quizavond van de jeugdbeweging. Die zal onderbroken worden, zodat op een groot scherm kan gekeken worden. Ik opteer pas na de uitzending langs te komen. Je weet maar nooit  hoe idioot, onnozel, dom of belachelijk je over zal komen (of bent). Dat kun je dan maar beter niet ontdekken met tientallen getuigen. We kijken dus thuis in familiekring, opnieuw vol zenuwen. Maar wat valt dat goed mee! We kijken opnieuw vol tevredenheid terug.

In de weken die volgen, ben ik op school een grote ster. Mijn leerlingen hebben massaal gekeken en veel ouders vertellen me dat ze ook de volgende dagen nog naar de aflevering kijken (‘Welke film wil je zien: Toy Story of Finding Nemo?’ – ‘Meester Sven!’). En hoe gek het ook klinkt, ik word op straat herkend! Eén keer toch…

We krijgen te horen dat Erik Van Looy alles voor ons verbrod heeft. Tja, hij gaf wel enkele foute antwoorden, maar dat deden wij ook. Verder moeten we her en der wel bevestigen dat hij sympathiek was en Tom Lenaerts ook. Dat de slag van Verdun aan bod kwam, bevestigt onze veronderstelling dat een voorbereiding altijd nog wat kan opleveren. Dat winnen niet voor ons is weggelegd, is een andere familiale verzuchting. Dat het vooral een zeer fijne ervaring was, hoeven we niet te verkondigen, want ‘daar koop je niets mee!’. Dat we al onze supporters dankbaar zijn omdat hun aanwezigheid echt deugd deed, komt te sentimenteel over om zomaar te verklaren. Dat er veel over te vertellen valt, hebt u als bloglezer ook gemerkt. Dat het onvergetelijk was, is overduidelijk.

Ik kan nu niet naar De Pappenheimers kijken zonder alles nog eens vaag opnieuw te beleven. Het is en blijft ook een steengoed programma. Ik kan u dus van harte aanbevelen ook een keer (proberen) deel te nemen.





Pappenheimwee (3)

15 11 2008

Wat voorafging: onze deelname aan De Pappenheimers lijkt op te zullen houden na de tweede ronde. We staan laatste, maar één correct antwoord kan alles redden. Het gaat om een muziekvraag, die mijn moeder moet trachten te beantwoorden vóór Axl Peleman

Tom Lenaerts’ ‘lalala’ is amper uitgestorven of mijn moeder heeft al afgedrukt. Uiteraaard, want wat hebben we nog te verliezen? Haar eeuwige liefde voor muziek laat haar niet in de steek: ‘Pour un Flirt’ luidt het zelfverzekerd. Dan valt een ijzingwekkende stilte die uren lijkt te duren. Mijn moeder herinnert zich de vraag – wat is de titel en tevens ook de eerste zin? – ‘Avec toi, je ferais n’importe quoi’ maakt ze af, de woorden die de hele zaal al in het hoofd had. Het antwoord is juist en onze tribune barst los. Een triomfantelijk moment.

axlpelemanEr wordt afscheid genomen van Frans, Tim en Axl, en als kandidaat realiseer je je dan dat dit wel erg vroeg in het spel is. Wat zijn we opgelucht dat het hier voor ons niet ophoudt. Dit is gewéldig leuk. De derde ronde gaat van start en deze keer dienen de kapiteins zelf te bepalen wie welk thema speelt. Soms zijn de titels wat cryptisch aangegeven, dus het is wat gokken. In ons achterhoofd nog steeds de twee vooraf meegedeelde antwoorden, ‘Jezus’ en ‘Mister Manhattan’.

Ik laat mijn moeder het thema ‘cocktails’ spelen, gezien haar grote ervaring in de horeca. Ze doet dat goed, want ze weet wat in caïpirinha zit en herinnert zich de ‘Mister Manhattan’ als bijnaam voor Woody Allen. Het antwoord dat ze niet kent, geeft ze door aan Els, die het ook niet weet.

Het volgende thema is ‘kannibalisme’, dat gespeeld wordt door Filip Peeters. Bij zijn derde vraag, ‘Welke film sluit af met deze woorden van een menseneter: ‘I’m having an old friend for dinner’?', aarzelt hij en zegt dan ‘Hannibal the Cannibal’, wat fout is. Maar Lenaerts, die ik geenszins van partijdigheid verdenk, helpt even: ‘Welke film?’ was de vraag’. Toch zou je kunnen zeggen dat Peeters’ antwoord  eigenlijk een titel is en hij dus fout geantwoord heeft. Hij herstelt zich echter en geeft het correcte antwoord: ‘The Silence of the Lambs’. Is hannibaldat wel geldig? Ik heb mijn bedenkingen, maar anderzijds is dit gelukkig Blokken niet, waarin je antwoord perfect moet zijn. Ik zou trouwens vermoeden dat wij ook hulp zouden krijgen in zo’n geval. Alleen stellen we later wel vast dat het foute antwoord uit de aflevering werd geknipt. Het kan dus niet anders of iemand anders heeft ook gemeend dat hier een schijn van partijdigheid ontstond. Was het de adrenaline die ons belette te reageren? Het spel gaat alleszins door.

Ik geef het thema ‘te duur voor wat het is’ aan onze teamgenoot Erik Van Looy. Ik heb geen idee wat dit inhoudt, maar het blijkt om luxeproducten en dure artikelen te gaan. Van Looy blijkt de koivis niet te kennen, maar geeft verder wel twee goede antwoorden. Zo blijft de stand natuurlijk ongeveer gelijk. Wanneer Els een zeer makkelijke vraag over Beethoven niet kan beantwoorden, geeft ze de vraag door aan Erik, die helaas ook fout antwoord. Jammer, maar we denken er (nog?) niet aan Erik Van Looy een blok aan ons been te noemen. Ook ik geef vervolgens (mijn enige) foute antwoord, door de zender La Deux niet te kennen en mijn moeder verwart Alexander Graham Bell en Thomas Edison. Allemaal gemiste kansen, want het verschil blijft miniem. Dat onze tegenspelers vrijwel niets goed beantwoorden, lijkt niet in hun nadeel te spelen – zo zit het spel nu eenmaal in elkaar.

kelly-pfaffIk neem vervolgens het thema ’shockerende uitspraken’ op mij. Ik stel opnieuw vast dat de vragen alle betekenis lijken te verliezen als je zo geconcentreerd bent. Wanneer de vraag “Wie zei in een Brasschaatse villa: ‘Sam, blijft van mijn trees’?” luidt, raak ik gedesoriënteerd. In die luttele seconden blijk ik zelfs niet meer te weten of Brasschaat nu in België of op de Noordpool ligt. En wie is in godsnaam Sam? Maar leve de Story die mijn oma me elke week voorlegt bij een bezoekje. ‘Kelly Pfaff’ klinkt het net op tijd. 100 euro voorsprong.

“Welke menslievende goeroe uit de oudheid zei: “ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard!’?” is de volgende vraag. Aartsmoeilijk toch? Ik pieker me suf. In die paar seconden race ik door mijn geheugen. Socrates? Buddha? Harry Krishna? Ravi Shankar? Willy Sommers? Ik trek grote ogen en schud mijn hoofd, ‘denk aan de tijd’, klinkt het. Ik voel al onze dierbaren achter me de adem inhouden. Een wanhoopspoging; ‘Jezus!?’ De zaal barst in lachen uit. Ik zat er duidelijk naast, toch een kleine afgang. Maar Lenaerts kijkt doodserieus en kijkt bestraffend naar het publiek. Dit antwoord is… correct! 400 euro voorsprong. Nog 4 vragen, kan het nog mislukken?

De volgende vraag brengt me terug naar een reportage van Panorama, maar die is me niet bekend. Ik geef door aan Peer, in de terechte veronderstelling dat hij dit echt niet weet. De stand verandert niet. Lenaerts vergeet wel het juiste antwoord te geven en dus doorbreek ik even de spanning door er naar te vragen. Zo laat ik me even als de betweter van dienst kennen.

Dan weer serieus, het laatste thema is ‘grotten’. Peer moet spelen, twee goede antwoorden volstaan om zijn ploeg nog te laten winnen. Wij kruisen de vingers. Peer bleek niet van de aandachtigste te zijn, noch etaleert hij een grote algemene kennis. Wat weet hij van grotten?

De grotten van Remouchamps kent hij niet, maar wij jammer genoeg ook niet. Verdomme toch. Maar het kan nog. Nog 2 vragen. Nick Cave blijkt echter een wel zéér makkelijke vraag te zijn en Peer scoort. De moed zakt ons een beetje in de schoenen. Want als Peer de volgende vraag miraculeus genoeg toch goed kan beantwoorden, gaat zijn ploeg naar de finale! Dan klinkt de laatste, alweer veel te makkelijke vraag en nog voor ze helemaal gesteld is, besef je dat het gedaan is. ‘Wat moest Ali Baba zeggen om toegang te krijgen tot de grot?’.

Zegt Peer ‘Oma, wat hebt u grote oren!’?  Gaan wij met duizenden euro’s naar huis? Wordt de aimabele Lenaerts gestenigd door onze supporters? U leest het … morgen!

Lees ook deel 1 en deel 2





Pappenheimwee (2)

13 11 2008

Onder luid gejuich betreden we de studio. De supporters zijn in form, al mogen ze dan hun spandoek niet tonen (wegens hinderlijk in beeld). Maar het gebaar kan tellen. Het is een rare combinatie van glunderende mensen. Collega-leerkrachten en collega-filmproductiemedewerkers naast oma’s en ksa’ers. Bijna iedereen die we er graag bij hadden, is aanwezig (Linda verdwaalde intussen op de Brusselse ring, Michèle zat in Wales en Arne in Bologna, …). Een warme gloed jaagt door mijn aders. Dit moment alleen al is al het wachten waard.

De show gaat van start. Mijn moeder neemt plaats op de middenste stoel, maar het is wel de bedoeling dat ik daar straks zit, kapitein van het team zijnde. De begingeneriek zweept ons op. Het koude zweet staat me in de handen.  Peer en Els mogen zich eerst voorstellen. Peer scoort met zijn naam en zijn beroep – boekenarchitect, wat volgens mij gewoon wou zeggen dat hij layouter of iets dergelijks is, wie weet werkt hij gewoon in een drukkerij, maar je moet jezelf kunnen verkopen natuurlijk  -, zijn vrouw met haar zwangerschap.

DR1014_Eric_CLAPTON 79942Dan zijn Frans en Tim aan de beurt, die zich beiden grote fan verklaren van Eric Clapton en verder uitblinken in braafheid. Laat ons maar snel overgaan naar onszelf. Wij glunderen wat af. Mijn moeder mag eerst verklaren wat ze aan mij zou willen veranderen. ‘Wat milder worden en minder kritisch’ luidt haar aannemelijke antwoord. In het daaropvolgende gesprek mag ik verklaren dat ik me erger aan mensen die in de bioscoop een plaats open laten en later dan vragen op te schuiven, en bij de vraag of mijn leerlingen me ook ergeren, kan ik gevat reageren dat het vooral de ouders zijn die me ergeren. Ik voeg er snel aan toe dat niemand dat persoonlijk mag nemen, maar er wordt al flink gelachen en zo is het ijs gebroken. We gaan van start.

wandaAllereerst worden ons drie antwoorden vooraf meegegeven: ‘Pruimen, Jezus en Mister Manhattan’. Dan vangt de eerste ronde aan, waarin je (snel) moet afdrukken als je denkt dat je medespeler het antwoord weet. De kokers waarin de bekende Vlamingen zitten, komen enkel aan bod als niemand het antwoord weet. Aan hun stem kan je dan raden wie het is. Mijn moeder hoort ‘film’ in de eerste vraag en drukt meteen af. Dankzij A Fish Called Wanda scoren wij meteen 100 punten. Maar ik stel nadien vast wat ik onlangs ook bij de opnames van Blokken meemaakte: de vragen lijken in het ijle te zweven en ondergaan een metamorfose tegen dat ze je gehoorgang bereikt hebben. Plots klinkt alles Chinees en is opperste concentratie nodig.

In de daaropvolgende vragen komen wij niet meteen meer aan bod, tot onze grote paniek. Peer laat zich opmerken door een wandelende tak een wandelend blad te noemen en in één van de kokers blijkt al snel Filip Peeters zijn kenmerkende stemgeluid uit te brengen. Meteen daarop herkennen we ook Erik Van Looy, tot onze verrassing en de sympathieke Antwerpenaar Axl Peleman. Frans en Tim doen het intussen goed, ze weten vooral zaken die ik absoluut niet zou weten. Zo gaat het even door. Peer weet niets, de kokers doen hun werk en wij komen er geheel niet aan te pas. Maar doordat de BV’s het niet zo schitterend doen, verdienen wij toch heel wat punten. Mijn moeder weet gelukkig ook dat Sigrid Spruyt het bed deelt met Raymond van het Groenewoud en dat zorgt ervoor dat we na de eerste ronde op de tweede plaats komen te staan met 300 punten. Vader en zoon staan op 1 (met 500) en Peer en Els hebben nog geen punten.

filippeetersIn de tweede ronde komt er een BV bij. U herinnert zich nog dat wij al bij onze preselecties op Erik Van Looy hoopten, nu was de kans toch wel groot. Peer en Els kiezen Axl Peleman, maar wijzen de verkeerde koker aan en krijgen dus Filip Peeters toegewezen, een knappe quizzer. Van Looy is dus voor ons. Daar zijn we blij mee – hij kan compenseren voor onze ontbrekende sportkennis – maar natuurlijk is hij ook een grote filmkenner en dat ben ikzelf ook. Overlappende kennisvelden lijken me dan weer wat riskant. Gelukkig is één van de thema’s Die Mannschaft, en ik weet zelfs niet wat dat is, dus dat schenken we al graag aan onze BV. In de koker moeten we 9 thema’s onder onszelf verdelen. Dat verloopt best oké, al is het wat beleefd wikken en wegen.

Even later zijn we er uit en nemen we opnieuw plaats aan onze ‘balie’. Ik mag verklaren waarom ik nu in het midden zit nu, en beken dat ik een controlefreak ben. De kapitein mag in de derde ronde immers de thema’s zelf verdelen. Terwijl de kijker intussen al een mooie quiz gezien heeft, lijkt voor ons alles nog te moeten beginnen. De tweede ronde in het bijzonder, is zéér spannend, want één duo valt af.

Ik speel het thema ‘Leuk Lotharingen’. Els geeft al meteen blijk van veel kennis over dit thema door de ‘haring’ in het woord ook effectief als ‘haring’ uit te spreken. Zoveel wist ik er toch al van, maar dat was het dan ook vrees ik. Aardrijkskundige kaarten uit de middelbare school doemen vaag op in mijn achterhoofd, ik zal er maar het beste trachten van te maken, deze ronde staat op weinig punten. Maar wat een geweldige toevalligheid doet zich dan voor. Had ik in de auto nog zuchtend zitten bladeren in mijn moeder’s voorbereiding - een schriftje met lijstjes waaronder belangrijke geschiedkundige momenten - dan wil net dat één feit dat me daarvan is bijgebleven, het antwoord op de eerste vraag zijn. ‘Het verdrag van Verdun’ laat ik schoolmeesterachtig horen. Mijn oude collega Marc, die voor eens zijn stofjas thuis gelaten heeft, zit trots op me  te wezen. het levert ook genoeg adrenaline om deze ronde verder te zetten. Ik weet ook dat de vrouw van Ronald Reagan Nancy heette, wat ook een stad is in de betreffende streek. Het derde antwoord is ‘pruimen’, één van de vooraf gegeven antwoorden, maar niemand  antwoord juist.

Erik Van Looy scoort vervolgens één juist antwoord in het thema ‘meeneemchinees’ (een voetbalvraag!) en Peer en Els blijven op 0 staan. In het thema ‘Misters’ scoren we alledrie één keer, de thema’s voor 100 euro zijn daarmee uitgespeeld. Jaja, beste lezers, misschien doe ik u een plezier al deze details te besparen, maar ik kijk graag eens grondig terug op deze belevenis, ik schrijf dit tenslotte ook voor mezelf. In het thema ‘Piraten’ scoort Erik niét en beginnen Frans en Tim, tot hun eigen genoegen, serieus aan kop te komen. Wat zich deze namiddag bij de repetities afspeelde, lijkt zich te gaan herhalen. Ik voel me wat onzekerder worden en allerlei dramatische scenario’s nemen vorm aan in mijn gedachten. Achter ons kronkelt mijn grootmoeder van de spanning en moet men collega Marc intomen om niet elk antwoord veel te luid te fluisteren.

In het thema ‘woorden op -is en -ak’ kom ik niet aan bod. Ik begrijp niets van de opdracht, in de veronderstelling dat je steeds 2 woorden moet antwoorden op elke vraag… Niet dus, en ik zorg ervoor dat we plots… laatste komen te staan. De moed zakt ons in de schoenen. Alle lof aan mijn moeder echter, die in het thema ‘Liefdestechnieken’ twee keer weet te scoren. We zitten weer in de race, al blijft het héél nipt.

hulkTen slotte spelen we voor 300 euro. Erik speelt Die Mannschaft, maar levert ons niets op. Onze achterstand wordt weer groter. Ook in het thema ‘Groenblijvers’ lukt het niet echt, al kent mijn moeder gelukkig wel Lou Ferrigno, de Hulk. Toch ziet het er niet goed uit voor ons. Nog één thema te spelen, wij staan laatste met 1800 punten, Frans en Tim hebben 2000 en Els en Peer, die eigenlijk nauwelijks een goed antwoord gegeven hebben, staan aan kop met 2200. Op dat moment zag je ons wellicht figuurlijk een beetje leeg lopen. Dit was ons rampscenario, dat zich nu aan het voltrekken is. Als eerste afvallen. Een vernedering en een afgang. Tientallen jaren doemdenken in onze familie focussen zich op dit ene moment: wat zouden wij nu een kans maken in deze quiz. Het geld zegt ons al lang niets meer, dit is gewoon zo prettig en spannend dat we absoluut niét naar huis willen.

Het laatste thema is ‘Liedjes met La La’, een muziekronde waarbij Lenaerts een deuntje zingt en daar een vraag bij stelt. Mijn moeder pijnigt haar geheugen, maar komt niet op de titel Daydream van de Wallace Collection. De anderen gelukkig ook niet. Terwijl mijn lichaam alvast een rigor mortis aanneemt, wordt de tweede vraag gesteld. Peer herkent meteen het Smurfenlied en meteen belandt hij met zijn eega rechtstreeks in de derde ronde. Nu wordt het alles of niets. Tim en Frans in de finale of Gerda en Sven? We voelen onze supporters collectief de adem inhouden. Een muziekvraag, en dat tegen Axl Peleman??? … 

Lenaerts: ‘Wat is de titel en tevens ook de eerste zin van dit nummer? Lalalalalala, lalalalalalala, lalalalalalala, lalalaaaa’.

Herkent mijn moeder tijdig Luc Steeno’s Hij speelde accordeon? Wordt Meester Marc de zaal uitgezet? Valt mijn oma in zwijm? Niets van dit alles. Wat dan wel, u leest het morgen.

Lees hier deel 1