Dominant aanwezig

28 09 2007

Ik vergader graag. Ja, echt. Het is zo’n gelegenheid waarop je je mening mag zeggen zonder dat iemand kan reageren dat er niet naar gevraagd wordt. Bovendien heeft een vergadering doorgaans het doel de efficiëntie, organisatie en zinvolheid van een bepaalde werking te garanderen en al zeg ik het zelf, daar ben ik goed in.

In de loop der jaren heb ik de eisen wvergadering2.jpgaaraan een vergadering voor mezelf moet voldoen, verfijnd en gepreciseerd en in de mate van het mogelijke probeer ik vergaderingen mee vorm te geven zonder mijn boekje te buiten te gaan. Vorig jaar pas heb ik mezelf er eindelijk toe gedwongen altijd mijn hand op te steken als ik iets wil zeggen, wat ik in het verleden wel eens onnodig vond. Ik zag een vergadering eerder als een groepsgesprek en in een gesprek vraag je toch ook niet de toelating om te spreken. Maar nu snap ik wel hoe ergerlijk dat kan zijn. Daarnaast vind ik vergaderen met mensen die ik ken en graag heb, ook nog eens gezellig. Welke andere activiteiten bestaan er immers waarbij echt àlle betrokkenen aanwezig zijn? Ok, omdat een vergadering in sommige gevallen verplicht is weliswaar en omdat iedereen graag op de hoogte is. Niet iedereen is dus volledig vrijwillig aanwezig, maar ze zijn er toch maar. En dat vind ik leuk. Met een hapje en een drankje erbij eventueel.

En dus zit ik te genieten en te glunderen op de vergadering. Ik ben in mijn schik en kan het dan niet nalaten grapjes te maken. Ik schrik soms van mijn eigen alertheid. Ik krijg de mensen om de tafel wel eens aan het lachen, omwille van mijn goede timing of rake opmerkingen, wat in het dagelijks leven veel minder vaak voorkomt. Ik zeg daarnaast ook graag mijn mening,  neem graag het woord en stel vaak tevreden vast dat ik een vlotte babbel heb. Dat is geen onbescheidenheid hoor, maar een mens moet zijn talenten kennen en praten is één van de mijne. Een vergadering biedt me elke keer weer een kans daarop te oefenen.

Het resultaat is dat ik duidelijk aanwezig ben op een vergadering. Een collega die vorig jaar in ouderschapsverlof was en dus nog nooit samen met mij om de tafel had gezeten, merkte na de eerste vergadering van dit jaar vriendelijk op dat ik me blijkbaar graag liet horen. Afgelopen week werd nog iets gelijkaardigs gezegd. Woensdag vond er een pedagogische studiedag plaats en ik had daar wel zin in. Net voor het officiële gedeelte zou beginnen, zaten we al om de tafel wat te kletsen. Ik had in de eerste vijf minuten van mijn aanwezigheid al meteen enkele blijkbaar spitsvondige of radicale opmerkingen gemaakt en stond dus weeral eens in het centrum van de belangstelling. Gewild of ongewild is moeilijk te zeggen. Soms is het sterker dan mezelf. Eén van mijn collega’s maakte me er toen lachend attent op dat ik toch wel meteen de ruimte vul als ik ergens binnenkom (ook in de leraarskamer val ik niet te negeren). Een minuut of twee later zat ik net te schaterlachen om een opmerking van iemand anders (of misschien wel om mezelf), toen een volgende collega binnenkwam. ‘Zie je wel dat het Sven is die ik al van ver hoorde lachen!’ grapte ze. 

Ik vind dat niet erg. Ik ken mezelf en vind die karaktereigenschap niet storend. Nu en dan streef ik zelfs naar zulke opmerkingen. Maar natuurlijk hoed ik me voor overdrijving. Ik ben me er van bewust dat er zo nu en dan wel eens iemand aan tafel zit die mij arrogant, luid, pietluttig, onbeleefd, grof, zeurderig, opdringerig, irritant of druk vindt. Ik hoop dat in veel gevallen te compenseren door de vergadering ernstig te nemen en vooruit te helpen. Op een vergadering die me niet interesseert, zou ik me immers in het geheel niet laten opmerken. Zo denk ik te vermijden dat ik mensen echt tegen me in het harnas jaag. Het is me alleszins nog niet overkomen dat iemand me na een vergadering boos aankijkt of links laat liggen. Niet dat iedereen me zo aardig moet vinden, maar we moeten nu ook niet streven naar onrust.

Ik ben dus in bepaalde situaties een dominante aanwezigheid. Beroepshalve moet dat ook. Ik zou daar trots op kunnen zijn of net stellen dat ik daar heb leren mee leven. Soms wou ik dat me kon bedwingen, andere momenten is dat net het effect dat ik wil bereiken. Maar alles liever dan op een vergadering compleet onopgemerkt te blijven. Als je er toch bent, kan je maar beter een indruk nalaten.


Acties

Information

4 responses

29 09 2007
TheO

!! Ik wou dat ik zo’n gemotiveerde vergaderaar was. Blijkbaar zit ik altijd te vergaderen met de verkeerde mensen!

29 09 2007
nel

Dit doet me wel héél erg denken aan je moeder rond de familietafel… (op vergaderingen maak ik haar niet mee)

29 09 2007
gerda

Een zeer sterke familietrek, ergens “dominant” aanwezig zijn….

Weet nog steeds niet of ik dit, net als Sven, nu moet erg vinden of niet…

Nel, een vergadering bij ons wil je niet mee maken (dat heet trouwens een “meeting”)…
maar misschien tegen je verwachting toe, heb ik dit jaar meer en meer leren zwijgen…..

1 10 2007
nel

Het is niet zozeer dominant aanwezig zijn waarin ik de gelijkenis zag,maar vooral : genieten, glunderen, grapjes maken, liefst met een hapje en drankje,rake opmerkingen, graag zijn mening zeggen, graag aan het woord komen, vlotte babbel, duidelijk aanwezig…
Of wordt dit dominant gevonden op een ‘meeting’?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s




%d bloggers liken dit: