Analyse van een droom

10 05 2008

Mijn collega Geert – turnleerkracht – heeft een restaurant geopend. Het is een bijzondere plek. De ruimte is amper 20 m² groot, heeft geen ramen, enkel een glazen dak, en is volledig in het wit. Geert staat relaxed aan de toog en bekijkt de ruimte waar slechts 6 mensen kunnen eten. Hij is zelf ook volledig in het wit, draagt grotesk witte sportschoenen en heeft een schort om, hoewel hij zelf niet kookt. Er is ook heel wat zaalpersoneel, zo’n 6 man wel, maar dat zijn allemaal onbekenden. Aan de gelagzaal grenzen twee keukens. In de ene wordt er gekookt voor de klanten, in de andere voor het personeel.

Ik ben vandaag de enige klant. Ik zit er al een tijdje (wat er aan voorafging is allemaal uit mijn geheugen verdwenen) en ben aan het dessert toe. Dat trekt op niets. Als een klein en furieus kind brul ik mijn ontevredenheid uit. Ik ben een heel kwade klant. De pannenkoek op mijn bord ziet er uit als een prop papier en dat verkondig ik ook. De kok van de keuken voor de klanten wordt flink beledigd, maar hij laat zich niet zien. Geert staat rustig glimlachend toe te kijken. Dan verschijnt er uit de tweede keuken een prachtige biscuittaart. Alle personeelsleden krijgen een stukje en beginnen meteen te eten – er is toch niets anders te doen. Mijn woede neemt nog toen. Ik wil ook taart! Ze ziet er lekker uit en mijn pannenkoek niet! Ik brul nog harder en weiger zelfs nog te gaan zitten. Ik sta belachelijkweg recht aan een piepklein tafeltje. Op één of andere manier verbrand ik mijn hand, maar het is niet zo erg. Uit de keuken verschijnt een grote zwarte emmer, tot de rand gevuld met water. Er drijven enkele ijsblokjes in. Ik krijg de opdracht mijn hand daar in te steken. Het water lijkt echter zwart te worden. Ik blijf mijn boosheid maar uitschreeuwen. Er drijft iets in de emmer. Een dweil? Wat vies. Ik foeter maar aan maar steek toch mijn hand in de emmer. Ik haal er mijn drijfnatte sjaal uit. Ik ben verbaasd, want het is zomers weer, ik heb een short aan en toch had ik blijkbaar ook een sjaal bij?

Tijd om af te rekenen. Ik ga naast Geert staan terwijl het personeel op de achtergrond zit te smullen. Ik ben een stuk kalmer nu, want ik ga Geert liggen hebben. Ik ga immers betalen met een cadeaubon, zodat hij eigenlijk niets aan mij verdient. Op arrogante manier verkondig ik: ‘Ik krijg een cadeaucheque’, maar deze zin is dus eigenlijk niet wat ik bedoel. ‘Ha, natuurlijk’, zegt Geert, verrast dat ik blijkbaar zo’n tevreden klant ben dat ik ook nog eens bon mee wil nemen. ‘Voor februari?’ vraagt hij. Dan toon ik mijn gemeenste glimlach en met sardonisch genoegen sluit ik de droom af: Februari? Nu is het december, Geert! In februari ben jij allang failliet! Hahahaha!’ Geert kijkt sip en de droom eindigt.

Het zit een beetje in mijn familie, die bizarre dromen – hoewel misschien iedereen eigenlijk wel van die vreemde dromen heeft. Mijn moeder stond onlangs na een dag zwaar werk in een slagerij, naast Madonna in een discotheek. Ik ben niet geïnteresseerd in droomanalyses, maar ik vind het wel leuk om eens na te gaan waar de elementen uit mijn droom vandaan komen. Een droom is immers een rommeltje van gedachten en belevenissen van de voorafgaande dag of dagen.

Vanwaar dat restaurant? Ik las in de krant las dat steeds meer mensen allerlei hoge eisen gaan stellen als ze ergens gaan eten, zelfs al zitten ze gewoon in een brasserie. Dit naar aanleiding van het programma Mijn restaurant. Ik heb al sinds mijn jeugd een hekel aan het soort mensen dat zich een zekere standing denkt te moeten aanmeten als ze uit eten gaan. Dat gaat dan een spaghetti eten, maar denkt bij Comme chez Cois te zitten. Erger is nog het soort brasserie zoals er in Haaltert wel enige te vinden zijn, die van zichzelf denken dat ze een sterrenrestaurant zijn. In één ervan ben ik net de avond voor de droom gaan eten, dus dat heeft ongetwijfeld ook zijn invloed gehad.

En waarom Geert? Ik zie hem als iemand die zich met het oog op een bijverdienste wel eens op een zaak zou storten. En hij kookt thuis wel af en toe eens. Maar onze andere collega Anneleen vertelde vandaag in de leraarskamer ook dat Geert en ik in haar droom voorgekomen waren. Van daaruit groeide een gesprek over wie in wiens dromen firgureerde. De scenario’s lopen uiteen natuurlijk. Daarnaast speelt ook mee dat, aangezien Tom deze week op bosklas was, Geert en ik zo’n beetje de dienst uitmaakten op school. Er werken wel nog meer mannen op onze school, maar wij zijn toch de haantje-de-voorsten.

 

De pannenkoek: bij ons op school werd een pannenkoekactie georganiseerd door één klas. Achteraf werd iedereen die bijgedragen had, bedankt met een zelfgemaakte medaille. Ik kreeg er ook één van de kinderen, hoewel ik op geen enkele wijze had meegewerkt aan de actie. Maar omdat mijn naam er op stond en er geen andere Svennen op school zijn, nam ik de medaille maar in ontvangst. Een halve dag later vraagt de pannenkoekjuf verbaasd hoe ik aan die medaille kom. De te bedanken Sven bleek een oom te zijn van één van de leerlingen en de medaille kwam hem toe.

De taart: op moederdag haalt mijn oma ieder jaar taart in huis. ’s Avonds word ik dan opgebeld om de overschotjes te komen verslinden. Dit jaar zal dat niet lukken, want ik ben niet in de buurt op die dag. Ik kan wel zeggen dat dat me koud laat, maar onbewuste processen drukken via die droom toch enige spijt uit, wellicht.

Het kinderachtige gedrag: we hadden het gisteren in de klas over melk. Ik vertelde dat volwassenen geen melk meer nodig hebben en het dus niet zo gezond meer is veel melk te drinken. Ik voegde er ook aan toe dat ik nochtans elke dag melk drink bij mijn cornflakes. Leander reageerde verbaasd. ‘Eet jij cornflakes??? Hoe raar! En jij kijkt zo graag naar The Simpsons ook. Soms lijkt het of jij eigenlijk niet volwassen bent!’. Ik vond dat, echt waar, toch een beetje een compliment, al liet ik Leander wel inzien dat veel volwassenen cornflakes eten. Maar zijn opmerking en mijn gedachten daarover hadden volgens mij invloed op de droom.

Mijn bijtende opmerking op het einde van de droom: ik deelde mijn collega Kat gisteren mee dat ze soms wel hard overkomt – bij ons kunnen zulke dingen allemaal gezegd worden – en zei repliceerde dat ik soms ook wel cassant was.  Eerlijk, ik wist niet wat dat precies wou zeggen en ik zocht het op: ‘bits, scherp’ meldde Van Dale me. Ik geef ook toe dat ik dat helemaal niet erg vond. ‘Scherp’, dat kan je ook positief beschouwen…, toch?

De cadeaubon heeft ook een verklaring. In de buurt van de school is een behangwinkel waarvan ik me dagelijks afvraag of er wel nog volk over de vloer komt. In mijn fantasie koop ik als miljonair de winkel leeg om die mensen een plezier te doen (ik deel met mijn moeder de compassie voor mensen wiens zaak niet goed draait), maar dan doe ik die fantasie meteen teniet met zwartgallige gedachten; dat ik b.v. betaal met een cadeaubon, zodat die mensen flink teleurgesteld alles inpakken dat eigenlijk al betaald is en ik dus toch niet de vette klant ben die ik lijk.

En zo vormt zich dus op het eind een nieuw verhaal met allerlei los van elkaar staande elementen. Geen computerprogramma dat dat zo schitterend kan combineren.

Enkele dingen blijven natuurlijk onverklaarbaar: de verblindende witheid van de kamer, de emmer met ijs, de sjaal (het was wel degelijk een sjaal zoals ik er een heb, maar daar is eigenlijk niets bijzonder mee aan de hand), het vele personeel, de twee keukens, … Er ontbreekt jammer genoeg ook een deel van de droom – niets zo frustrerend overigens dan bij het ontwaken de droom te vergeten waarvan je net genoten hebt. Maar het is ook leuk terugkijken op dit soort grappige verhaaltjes.

Benieuwd wat het morgen wordt.


Acties

Information

2 responses

11 05 2008
nel

Ik las deze blog gisterenavond laat en ik droomde ook over een restaurant! De bazin had grote rubberen laarzen aan en is de kachel aan het kuisen, ik ken haar maar ze zegt geen goeiendag tegen mij. Een vriendin van mij is daar ook aan het kuisen, als ze me ziet stopt ze onmiddelijk en vraagt of we een wandeling gaan maken en koffie drinken. Ik vind eigenlijk dat ze eerst haar werk moet afmaken maar ik durf haar daar niet op wijzen.
Moraal van het verhaal: lees geen blogs voor het slapengaan!

18 05 2008
TheO

Fascinerend. Onbegrijpelijk maar fascinerend;
ik droom zelden zo in detail of zo samenhangend.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




%d bloggers op de volgende wijze: