Mijn favoriete trein

30 07 2008

is een lege trein.

Advertenties




2500 films!

25 07 2008

Terwijl ik er enkele dagen tussenuit ben, breng ik u wel het heuglijke nieuws dat ik intussen 2500 films heb gezien.  Ja, ik ben een echte lijstjesmens en al bijna 15 jaar houd ik zorgvuldig bij welke films ik al bekeken heb. In februari 2006 waren dat er nog 2000, intussen zijn het er 500 meer.

Voor de cijfervreters en statistici (en vooral voor mezelf) een overzichtje:

– Het gaat natuurlijk om 2500 verschillende films! Als je er ook de films bijtelt die een tweede of derde (of vierde, of vijfde, …) keer bekeken werden, zijn het er bijna 2900. De films die ik het meest gezien heb – jeugdklassiekers natuurlijk – zijn E.T., The Sound of Music, Grease en The Goonies.
Eén van mijn favoriete films, Almost Famous (lees), zag ik intussen echter ook al 6 keer en ik bekijk hem ieder jaar opnieuw.

-876 films zag ik in de bioscoop. Mijn eerste bioscoopfilm was The Aristocats, ergens begin jaren ’80.

-De acteurs waarvan ik al het meeste films zag zijn Robert De Niro (39 films), Meryl Streep (35), Anthony Hopkins (31), Nicolas Cage (30) en Dustin Hoffman (30). Niet bepaald allemaal favoriete acteurs, maar wel volk waar je eigenlijk niet om heen kan. De top 3 is al zo’n 10 jaar onveranderd gebleven. De top 10 wordt vervolledigd door Ed Harris, Johnny Depp, Julia Roberts, Michael Caine en Morgan Freeman. .

Steven Spielberg is nog zo iemand waar je niet omheen kan. Ik zag al 20 van zijn films. Woody Allen staat op 2 met 19 films en Joel Schumacher staat op 3 met 16 films. Dat vind ik niet bepaald representatief voor mijn smaak. Schumacher is een vreselijk slechte regisseur maar hij maakte in de jaren ’80 en ’90 zoveel popuaire films die ik toen natuurlijk allemaal gezien heb. Woody Allen vind ik maar zo-zo, maar aangezien hij al meer dan 40 films gemaakt heeft, is 19 ook niet zo aanzienlijk veel. Veel klassieke cineasten ontbreken op het regisseurslijstje omdat ik nog steeds veel te weinig klassiekers zie.

– 51 films van die 2500 films zijn voor mij 4 sterren waard.

– 173 van die geziene films vind ik 0 sterren waard, of zou ik minder dan 5 op 10 geven.

Charlie Chaplin’s grandioze The Kid uit 1928 is de oudste film die ik gezien heb.

Als het huidige gemiddelde kan behouden worden, zal de 3000ste film zich voor mijn ogen afspelen tegen ongeveer eind 2010 – begin 2011. Als ik dan nog blog, leest u het hier!

– Ik heb op tot op dit moment het meeste films gezien uit het jaar 2005.

– 388 films of zo’n 15.5 % van de 2500 films is niet Brits of Amerikaans. Ik zag daarvan 77 Franse films, 69 Belgische en 35 Spaanse. In totaal zag ik films uit 44 verschillende landen. Dat percentage blijft overigens stijgen.

– In 2006 zag ik 259 films en dat record zie ik me niet meteen verbeteren. Dit jaar zag ik al 123 films. De voorbije maand was de beste (dat gebrek aan zomerweer is toch ergens goed voor), ik zag 31 films. Aangezien ik nu een dikke week in een medialoos landschap vertoef, zal het daar bij blijven.





Je hebt Geena en je hebt …Gina!

22 07 2008

De laatste weken duikt de zoekterm Gina Lisa steeds meer op in het lijstje van termen via dewelke mensen op deze blog terecht komen. ‘Analfabete Marginalen’ dacht ik telkens. Weten jullie nu nóg niet dat je de naam van Geena Lisa niet op die manier spelt? Ze komt nochtans meer dan genoeg op tv.

Daarnaast vroeg ik me af wat de populaire presentatrice dan wel had uitgevoerd dat ze plots zo massaal gegoogled werd. Was haar aura ontsnapt? Kreeg ze eigen talkshow op Vitaya? Was ze plots interessant geworden?

Niets van dit alles, zo blijkt. Die Analfabete Marginalen zijn lang zo analfabeet niet. Gina Lisa bestaat namelijk ook, zo stel ik nu vast. Als ik de P-Magazine eens wat vaker ter hand nam, zou ik misschien geweten hebben dat Gina Lisa Lohfink een Duits model is van wie recent een sekstape is ontdekt en wiens rol op het internet dus een stuk aanzienlijker is.

Heren, aan die sekstape kan ik u niet helpen, maar om uw bezoek aan deze blog niet helemaal voor niets te laten zijn, hier toch een kiekje van de betreffende Gina Lisa. Op alle gebied een verbeterde versie van ons Vlaamse tuttebelleke.





Intermezzo

21 07 2008




85-jarige krijgt 700 cadeaus

19 07 2008

Mijn oudste oma wordt dit weekend 85. Dat wordt rustig gevierd, maar alle betrokkenen delen dezelfde zorg: wat wordt er als geschenk gekocht? Mijn oma is niet van de makkelijkste. Ze heeft geen bijzondere interesses of bezigheden die inspiratie kunnen geven tot een geschenkidee. Ze heeft niets echt nodig. Ze eet liever geen pralines en ze houdt zeker niet van bloemen.

Een terugblik op de laatste 25 jaar waarin ik haar verjaardag bewust heb meegemaakt, leert me dus dat de goede ideeën al geruime tijd op zijn. Ik zie ook dat verjaardagsgeschenken als een caroussel werken. Wat de ene zoon het ene jaar schenkt, geeft een ander haar het jaar daarop. Er moeten dus zo’n 5 aanvaardbare ideeën zijn die elk jaar weer gerecycleerd worden. Er is overigens ook nog een moederdag en een nieuwjaar waarvoor dezelfde problematiek geldt.

5 zonen die voor drie gelegenheden een geschenk kopen, dat zijn 15 cadeautjes. Dit 25 jaar lang (eerder natuurlijk ook al, maar dat past niet binnen mijn waarneming), dat zijn dan 375 geschenkjes. 7 kleinkinderen, die gezien hun gemiddelde leeftijd, waarschijnlijk al zo’n 15 jaar zelf opdraven met een cadeau, dat zijn er nog eens 315. Ons Madeleine kreeg de voorbije 25 jaar dus bijna 700 cadeaus. En dan zijn er nog wel wat andere verwanten die haar ergens een plezier mee hopen te doen.

Een schatting na waarneming, levert volgende stock op:

– 29 paar pantoffels
– 32 paar schoenen
– 31 paar oorbellen
– 67 blouzen, rokken of truien
– een tiental meubelstukken (een schoenenkastje, een tv-kastje, een zeteltje, een tuintafel, een bijzettafeltje, een lamp, een badkamerkastje, nog een tuintafel, een parasol, … ) 
– 25 elektronische toestellen (koelkasten, tv’s, radio’s, koffiezetapparaten, microgolfovens, wekkerradio’s, diepvriezers)
– 24 slaapkleedjes
– 28 dozen pralines (toch proberen hé)
– 53 manden met lekkernijen
– 35 manden met etenswaren (dus apart van de  lekkernijen, met daarin o.a. zo’n 100 pakken koffie)
– 1 boek
– 97 beeldjes, pottekes, vaaskes, schaaltjes, kandelaars, kaarsjes,
– 12 handtassen
– 14 kettinkjes
– 28 stuks toiletbenodigdheden (zeepjes, handdoeken, huidcrèmes, shampoo, badparels, parfum, poedertjes, crèmpjes)

En dit is dan wellicht een flinke onderschatting, want ik kom nog lang niet aan 700.

Het vreemde is dat mijn oma’s huis lang niet uitpuilt. Integendeel, er staat nergens rommel en de opslagkamer is bijna leeg. Een groot deel van deze geschenken wordt immers gewoon weggegeven. Ik krijg bv. regelmatig wat chocolade en koeken in handen gestopt die ze van iemand anders gekregen heeft. Onschuldig hoor, maar het betekent wel dat ze die spullen eigenlijk niet wil. Nochtans zou niemand het moeten wagen met lege handen aan te komen. Dat wordt geenszins geapprecieerd. Toch foetert ze wat af, de dag na haar verjaardag, omdat ze weer een heleboek zinloze dingen heeft gekregen. Dapper stellen dat ze dit jaar eens echt niéts wil, weigert ze koppig. De laatste jaren duiken er steeds meer cadeaubons op. Dan kan ze tenminste haar zin kopen. Maar aangezien ze niets nodig heeft, verblijdt ook dit haar geenszins.

Af en toe waagt iemand (lees: Boris of ik) zich aan een origineel geschenk – waarbij ‘origineel’ betekent dat het nog nooit door iemand anders gegeven werd. Een kussentje met kersenpitten? Aardig toch. Doch nieuwe gewoontes aannemen, is veel gevraagd, dus dat kussentje belandt in een kast. Of bij een buur. Een handig boodschappenwagentje? Uitstekend idee, maar het verlaagt de mogelijkheid tot klagen over het gesleur met boodschappen dus na enkele maanden blijft het achter de deur staan en na een jaar staat het bij het vuilnis. Die wegwerpcamera vond ze wél leuk. Ze kiekte de postbode, de buurvrouw en één van die achterkleinkinderen waarvan ze de naam niet kan uitspreken. Wij lieten de boel ontwikkelen en tegen de volgende gelegenheid kreeg ze een foto-album voor die kiekjes. Zo af en toe bladert ze daar nog een keer in. We kloppen onszelf nog steeds op de schouder omwille van dit idee.

Haar lievelingsgeschenk is echter, zonder twijfel, de nieuwjaarsbrief die ik haar een jaar of 8 geleden schreef. Die ging over de eenzaamheid en het alleen zijn, deed tranen opwellen en werd ingekaderd opgehangen. Toen ze zich vorig jaar liet ontvallen dat de tekst er nu wel al heel lang hing, schreef ik een nieuwe. Wat persoonlijke feitjes, wat smartelijke clichés en wat gerijm, meer is het niet. Fotootje ernaast van Boris en mezelf en de klus was geklaard. Veel moeite, weinig geld, grote dankbaarheid.

Deze tekst ging gepaard met dat ene boek dat ze in die 25 jaar kreeg. De helaasheid der dingen. Omdat het zich in onze streek afspeelt en de Vlaamse tragiek/kolder even herkenbaar als grappig is. Omdat onze oma wel wat momenten in haar leven heeft gehad waarbij zij het ‘meetjen’ was in het verhaal. Omdat ze de Story toch geen 12 keer kan herlezen.

En toch weet ik welk geschenk ze het allerliefste heeft: een bezoekje – oew, dat klink melig. Maar het is zo. Dat mag dan meer dan drie keer per jaar (en voor sommige familieleden is dat nog veel gevraagd) en dat mag ook op andere dagen dan die betreffende feestdagen. Dat mag vooral de zondagnamiddag.

Dus nonkels en tantes, neven en nichten. Laat die pyama’s, sjakossen en koekedozen. Gewoon wat aandacht is genoeg. Er moet zelfs geen papiertje rond.





Met zijn allen naar Singapore

16 07 2008

Ik kom er niet altijd toe zelf alle blogs te bezoeken die ik graag lees, maar ik doe mijn best. Eén blog  – die weliswaar gewoon in mijn blogroll vermeld staat, hier zo rechts – bezoek ik echter veel regelmatiger en wil ik hier nu toch wel een keer bijzondere aandacht geven. Omdat er zo’n bijzondere sfeervolle stukjes opstaan. Omdat iemand die in Singapore woont vaak interessantere verhalen weet te vertellen dat ‘vandaagetenweprinsessen’ en ‘onzekleinekanstappen’. Omdat haar blog nooit in de top 100 opduikt terwijl hij beter is dan de meeste die er wel in staan. Omdat de verslagjes lezen over het leven in Singapore een heel klein beetje aanvoelt als op vakantie gaan. Naar Singajo dus. Nu. En lezen!





Lectuurtip: De Ongewone Lezer

15 07 2008

Het is werkelijk maanden geleden dat ik u nog eens een goeie boekentip kon geven. Nu de vakantie me weer de tijd geeft wat boeken te besnuffelen, komt er eindelijk nog eens een klein juweeltje naar boven.

De ongewone lezer is een flinterdun boekje van de Britse satirische schrijver en bekroonde toneelschrijver Alan Bennett en is eerst en vooral heerlijk geschreven. Zelfs in de Nederlandse vertaling voel je de aangename, typische – ietwat ouderwetse –  Britse woordenschat zijn werk doen. Iedere zin lijkt iets plechtigs uit te stralen en is aldus een waar genot.

Ook het verhaal zelf is om van te smullen. Hoofdpersonage is de Britse koningin Elizabeth. Op een dag belandt zij per ongeluk in een bibliobus, waarop ze zich verplicht voelt een boek uit te lenen. Hare majesteit, die een van de grootste en belangrijkste bibliotheken ter wereld in haar bezit heeft waarin ze nog nooit een voet gezet heeft, wordt zo, na jarenlange oppervlakkigheid en leegte, bevangen door het leesvirus. Binnen de kortste keren ontdekt ze het onbeschrijfelijke genot van een goed boek en gaat ze zich verdiepen in de wereldliteratuur. Dat heeft al snel zijn gevolgen. De koningin verliest haar interesse in haar werk en de literatuur begint haar doen en laten steeds meer te beïnvloeden.

Deze dunne roman – een novelle zeg maar – is humoristisch en lichtvoetig.  Het verhaal gaat snel vooruit en focust zich op één, schitterend gevat, personage. De liefde voor boeken staat echter centraal en is ook zeer herkenbaar. De ongewone lezer is een fijn tussendoortje dat echter lang blijft hangen.





Blokken: de kandidaten

11 07 2008

(wat voorafging: ik nam deel aan Blokken en kijk terug op deze bizarre beleving)

Op een opnamedag van Blokken worden zo’n 5 afleveringen ingeblikt. In het slechtste geval – als iedereen verliest – zijn er dus 10 kandidaten nodig. Allemaal potentiële tegenspelers voor wie ik in verschillende mate vrees. Als gewoonlijk (zie ook mijn deelname aan de preselecties van een vtm-quiz) stel ik me afwachtend op tegenover deze groep mensen om hen te observeren en – uiteraard (gevoelige lezers wezen gewaarschuwd) – flinke vooroordelen te creëren.

Bij het betreden van de ontvangstruimte, vroeg op deze opnamedag, ontwaar ik eerst een groepje Wendy’s. Ze zijn allevier opgemaakt en opgetut, waardoor ik niet meteen kan bepalen wie van hen een deelneemster is en wie supporter. Daarnaast zit een Hollands meisje overduidelijk Hollands te wezen door met een zeer vet accent een luid gesprek te voeren met haar vriendje. Het is het soort dialoog dat eigenlijk bedoeld is voor omhorenden, kent u dat? De inhoud van het gesprek moet voornamelijk dienen om buitenstaanders te imponeren. Helaas, Hollands meisje maakt geen indruk. Wanneer ze ook nog eens nadrukkelijk begint mee te bewegen met een liedje op de radio (gevolgd door het minder beweeglijke vriendje) om aldus haar zelfbewustijn te etaleren, is mijn mening vervolledigd. Ze is spontaan, recht-voor-de-raap, expressief en zelfverzekerd. Kortom: onuitstaanbaar.

Enter Frans, dé klassieke quizkandidaat. Frans daagt op met een krant, die hij de eerste 5 minuten met veel vertoon begint te doorploegen. Alsof hij op het laatste moment nog zoveel mogelijk weetjes en feiten tot zich wil nemen. Maar de krant is een dekmantel, om iets om handen te hebben terwijl hij een gewillig slachtoffer zoekt die zijn verhalen wil aanhoren. Dat zijn bij zulke types – ook bij de Pappenheimers had ik zo’n tegenspeler – altijd dezelfde verhalen: een opsomming van de quizzen waaraan ze al deelgenomen hebben en een uitvoerige uitleg over hoe het komt dat ze die allemaal verloren hebben. Ik – die ook al aan wat quizzen heb deelgenomen en ook steeds een uitleg klaar heb over hoe het komt dat ik (bijna) altijd verlies – houd me op de achtergrond, want ik ken dit soort gezelligaards. Eens ze je menen onderhouden te hebben met anekdotes over belachelijke vtm-spelletjes als Puzzeltijd (een veredeld belspel waar een echte quizzer toch zijn neus voor ophaalt, haha!), komen hun theoriën boven over het hoe en wat van de televisiewereld en wijken ze de rest van de dag niet meer van je zijde. Ik vertoon dan ook geen enkele interesse in de verhalen van Frans – die eigenlijk Marc heet, maar dat is hetzelfde.

Op een bepaald moment – tijdens het middageten – weet Marc/Frans ons niet te boeien met zijn liefde voor het programma Fata Morgana.
‘Ik ben eens gaan kijken naar de opnames, maar dat viel wel tegen! Drie uur lang wordt er gefilmd en daar wordt dan maar 40 minuten van uitgezonden!’
‘Gelukkig maar’ repliceer ik nog voor iemand anders aan tafel iets kan zeggen. Het gezelschap glimlacht eens en Marc/Frans houdt het daarbij. De krant wordt weer bovengehaald tot zich een volgende gelegenheid voordoet om zich te bemoeien. Wat ben ik toch een uitstekend pretbederver.

Terug naar de ochtend. Een jong koppel dient zich aan. Hij draagt een tas met kleren (als je wint en nog een keer mag spelen, moet je andere kleren aantrekken) dus ik ga ervan uit dat hij de kandidaat is. Een zelfzeker type eveneens, waarvan ik vermoed dat hij zich in een quiz wel eens zou kunnen laten gelden. Oogt wat humorloos, is té klassiek gekleed maar verder geen kwaad woord. Hij blijkt een advocaat te zijn uit Knokke. Denk er het uwe van, ik dacht wellicht hetzelfde. Ik maak meteen uit dat ik niet tegen hem wil spelen. Hij ondermijnt mijn zelfvertrouwen, hoezeer ik dat ook betreur.

Dan is er de hippe schoolmeester. Ooit was ik dat type, maar nu hoef ik niks meer te bewijzen. Haar in de gel, vlot gekleed, populaire kerel, woont nog bij mama. Kan een te vrezen tegenstander zijn. Hij wordt gevolgd door een tof koppel dat onlangs in de Pappenheimers te zien was. Zij – Tine – is de kandidate. Sympathieke West-Vlaamse, die al snel verbroedert met de andere West-Vlaamse, Joke. Die heeft een dag eerder al eens gespeeld en won dus al 1000 euro. Zij is op dat moment de Queen of Blokken.

Tenslotte is er Inge, een jong, onschuldig ogend, blond, dartel en heel Limburgs ding in wie ik niet meteen concurrentie zie.

In zijn geheel beschouwd, lijkt dit me mee te vallen, maar schijn bedriegt altijd natuurlijk. Dat maakt niet uit, het gaat erom in welke mate ik me sterker voel door de tegenspelers te onderschatten. En dat doet een mens door in anderen zwakke plekken te zoeken, of die nu correct zijn of niet. In een loting zal worden uitgemaakt in welke volgorde wordt gespeeld. Tine neemt het in de eerste aflevering op tegen Joke. Tine wint en speelt vervolgens ook schoolmeester Peter naar huis. Zijn ego krijgt een knak, vermoed ik. Tine neemt het vervolgens op tegen één van de Wendy’s, die – o, shock! – geneesheer in de reumatologie blijkt te zijn! Maar die studies mogen niet baten, want Tine speelt ook deze tegenspeelster naar huis, wint vervolgens een tv en mag een vierde keer terugkomen. Ik volg al die tijd aandachtig het verloop, want ik ben uiteraard heel benieuwd wie mijn tegenspeler wordt. De loting heeft uitgemaakt dat de advocaat voor mij is, waardoor de kans groot is dat ik het tegen hem moet opnemen. Achter mij komt de Limburgse Inge.

Tijdens de middagpauze blijkt dat het succes van Tine verhindert dat Hollands Meisje – die door de loting als laatste is aangeduid – vandaag nog aan de beurt komt. Ba-len! Want met de trein vanuit Holland is wel drie uur reizen en nu moet Hollands Meisje nog een keer terugkomen (ze krijgt wel een vergoeding)! De West-Vlamingen in het gezelschap blijven daar kalm onder. Ook zij zijn meer dan twee uur onderweg. Hollands Meisje zet er hier dus een punt achter en mag op een andere dag terugkomen.

Dan begint een spannende strijd tussen Tine en Advocaat. Hij blijkt inderdaad een goede quizzer, al vind ik hem lang niet zo vlot als ik vermoedde – zo stel ik mezelf weer wat geruster. Tine wordt er dan eindelijk een keer uitgebonjourd. Maar helaas, Advocaat vindt het zevenletterwoord niet en gaat met lege handen naar huis…

Pas dan weet ik dus zeker dat Inge mijn tegenspeelster wordt. Frans/Marc beseft dan ook al eventjes dat hij vandaag niet meer zal spelen, maar hij blijft gewoon gezellig in de studio rondhangen. Zeer leerzaam immers, en al dat lange wachten is hélemaal niét vervelend. Wie weet vallen er nog doden of wordt Ben Crabbé aangevallen door een geïrriteerd publiekslid. Dan heb je dat toch weer meegemaakt! Om de dag van Frans/Marc compleet te maken, wordt hem gemeld dat hij pas in oktober weer aan de beurt mag komen.

Kijk, of ik nu gewonnen of verloren heb, zo’n waarnemingen vind ik toch altijd de moeite waard. Groepsprocessen zijn zéér boeiend. Mijn eigen rol daarin is afhankelijk van de situatie. In nieuwe groepen, blijf ik sowieso altijd gereserveerd. Als ik met een groep nog verder moet samenwerken, zal ik me zeer sociaal opstellen en zal ik niet aarzelen mezelf te laten kennen. Deze groep – die op het eind van de dag weer uit elkaar valt – hou ik wel een beetje op afstand. Niet dat ik me asociaal opstel, maar ik blijf wel op de achtergrond. Tenzij iemand over Fata Morgana begint natuurlijk.

Boeiend is bv. de perceptie tegenover mensen die aan De Pappenheimers hebben deelgenomen. Dat wordt doorgaans wel leuk bevonden. Tine en haar man werden herkend (hun deelname was nog vrij recent en de echtgenoot had een nogal opvallend uiterlijk), vertelden daar dus wat over en er werd waarderend over dit programma gesproken. Ik laat me dan wel uit mijn kot lokken natuurlijk en meld dan ook maar dat ik al eens deelnam aan De Pappenheimers. Meteen krijg je dan een soort van (vergezochte) hiërarchie. Bovenaan staat Joke, want zij is er al voor de 2e dag. Dan komen alle Pappenheimers, gevolgd door het gepeupel dat eens aan Blokken komt meedoen. Een daaronder nog zij die aan Puzzeltijd deelnamen. Ik geef toe, een zeer subjectieve waarneming hoor. Een mens moet zich ergens mee bezighouden tijdens die lange dag.

Het menselijk ras is een bizarre soort. Dat troept afgeborsteld samen om deel te nemen aan een tv-quiz die op bandwerkachtige wijze wordt opgenomen (de helft van de productieploeg is zelfs eerder naar huis dan de kandidaten!) met de meest diverse motieven. Geld, aandacht, kortstondige roem, de ervaring, het eens meemaken, streling van het ego, zich manifesteren, haantjesgedrag, hopen om ontdekt te worden als watdanook, … Belachelijk en triestig enerzijds, begrijpelijk en grappig anderzijds. Ik wil meer van dit zien. Ik besluit aan alles deelnemen, los van de kans op winst of verlies, met de unieke motivatie het bestuderen van quizkandidaten. Als dat geen onderwerp is voor een sociologische studie…





Blokken: de vragen

10 07 2008

De beleving, de kandidaten, de gênante momenten, het nieuwe decor, de afloop, de emoties en bedenkingen bij mijn deelname aan Blokken… u leest het hier later!

Hier alvast: de vragen – voor zover ik me die nog herinner.

De eerste ronde!

1. Hoeveel muntjes hebben een waarde lager dan 20 cent? (4)
Mijn tegenspeelster (Inge) drukt eerder af, dus ik denk eigenlijk niet verder meer na. Wanneer ze het fout heeft, mag ik alsnog antwoorden zonder eigenlijk even stilgestaan te hebben, en dus antwoord ik snel en dus ook fout…

2. Welke telecom(dinges) haalde het voetbalcontract binnen? (er was wel meer uitleg natuurlijk) (Belgacom).
Ik ben helemaal in de war. Wat is telecom? Het lijkt wel alsof Crabbé Chinees spreekt. Zelfs gewone woorden komen me plots onbekend voor. Inge drukt dus af en antwoordt juist. 

3. Hebben Luikse wafels ronde of vierkante vakjes? (weet niet meer)
Ik hoor het (nogmaals) in Keulen donderen, geen idee wat er eigenlijk precies bedoeld wordt. In mijn hoofd probeer ik wafels en hoeken te combineren tot een beeld dat ik herken, maar het zegt me niets. Mijn tegenstandster drukt eerst af en antwoordt juist. Ik begin niet dwaas gezichten te trekken of zo omdat deze vraag ook dwaas is, maar stel me glimlachend boven dit soort onbenulligheden.

4. Wie schreef (en dan een aantal titels waarvan ik me enkel Kongo herinner): (Jef Geeraerts)
Inge antwoordt fout – wat ik al meteen voorspelde – ik mocht herstellen.

5. Geluidsfragment met de vraag: welke zanger hoor je hier, begeleid door zijn band The Heartbreakers en bekend van deze hits (en dan een aantal titels)?
Noch ik, noch mijn tegenspeelster drukken af. Ik ken de groep en ik ken de liedjes en ik blijk dan ook Tom Petty wel te kennen, maar dit zit dus ver weg. Ben Crabbé is ten zeerste verontwaardigd.

6. In welke film (en dan iets van feiten over deze film, die ik me niet herinner). (Gone with the Wind)
Ik antwoord correct en mag ook de beroemde quote uit deze film ten berde brengen.

7. Wat is de som van de getallen tussen 27 en 30?
Alweer drukt Inge eerst af, maar ze antwoordt fout. Ik heb dus tijd genoeg om het juiste antwoord te bedenken en antwoord dus correct.

8. Wat is het laagst in rang (en dan volgen drie gradaties in het leger waarvan ééntje ‘eerste majoor-sergeant’ is, wat ook het juiste antwoord is)?
Mijn tegenspeelster gokt verkeerd. Ik denk beredeneerd te gokken op wat het juiste antwoord is, maar ik zeg enkel ‘majoor-sergeant’. Dat wordt fout gerekend. Ik had eigenlijk gewoon ‘het derde’ moeten zeggen, verdorie. Ik repliceer wel zeer snel: ‘Da’s flauw!’. Dat is dan mijn miniscule wraak op dat eeuwige gemuggezift. Er is natuurlijk een duidelijk verschil tussen ‘majoor-sergeant’ en ‘1e majoor-sergeant’, maar slechts één van die twee zat in de meerkeuze! Wat ik bedoelde was dus overduidelijk.

9. weet ik niet meer.

10. weet ik dus ook niet meer.

De tweede ronde (die alleen wordt gespeeld).

1. De tip is tv-series en daar zet ik meteen 5 blokjes op in. De vraag begint met ‘In welke serie uit de jaren ’70…’ en meteen denk ik dat ik een flater begaan heb want ik hoopte op iets recent. Gelukkig blijk ik wel te weten waarin de personages Vanrastenhoven en Baconfoit voorkomen (De Collega’s) en dus hoera hoera 5 blokjes.

2. Kunstschaatsen is de tip en omdat het over sport gaat, zeg ik automatisch ‘2 blokjes’. Nochtans kan ik me bij dit thema geen ander antwoord voorstellen dan Kevin Van der Perren en dat blijkt dan ook het juiste antwoord te zijn op een vraag die ik vergeten ben. Even twijfel of ik het juist uitgesproken heb, wat bij de tegenspeelster blijkbaar het geval was, maar het is correct.

3. Volgende tip is Ligging in België. Het duurt weer enkele seconden voor tot me doordringt (ja, ik was er echt niet met mijn hoofd bij) wat er precies bedoeld wordt met deze vraag, maar ik leg wel snel de link met aardrijkskunde, waar ik niet heel goed in ben. Ik kies weer voor 2 blokjes, hoewel ik weet dat 2 het antwoord is op de vraag ‘Hoeveel provinciegrenzen steek je over om van Antwerpen naar De Panne te gaan?’

4. Edelgesteente zegt me ook niet veel en ik kies opnieuw voor 2 blokjes. ‘Welke edelsteen bestaat voor 100% uit koolstof?’ Ik heb geen flauw idee, maar ik redeneer dat het wel een bijzondere steen moet zijn, dus gok ik correct op diamant.

5. Ik heb nog 4 blokjes over voor een onderwerp dat me voorlopig niet te binnen schiet. Alleszins gaf ik een juist antwoord, zodat ik dus 5 op 5 heb (niet slecht hé!), maar mijn blokkenbord is een knoeiboel…

De derde ronde (waarbij je 50 punten verliest als je verkeerd gokt)

1. Tip: okapi.
Hoeveel poten heeft een impala?
Inge drukt alweer zeer snel af en antwoordt correct.

2. Tip: Rain Man.
De tegenspeelster drukt eerst af (dju, het is nochtans een filmvraag en die zijn voor mij!) en de moed zakt me in de schoenen want de vraag is papsimpel: ‘Wie speelt de hoofdrol in Top Gun en Mission: Impossible 2? Maar… het meisje antwoordt: Mel Gibson! Ik mag met veel plezier corrigeren.

3.Tip is modeontwerpers. Wat is de voornaam van modeontwerper Cardin? Inge weet het niet en ik graaf in mijn geheugen want echt een grote beroemdheid is dit nu ook weer niet… Gelukkig schiet ‘Pierre’ me net op tijd te binnen.

4. Deze vraag weet ik niet goed meer, iets met ‘in welke zee’ en het antwoord was ‘Indische Oceaan’. Ik kom er niet aan te pas, want Inge is correct.

5. Beeldfragment. We zien Sarkozy op een persconferentie bekennen dat hij een koppel vormt met Carla Bruni. De vraag – die eigenlijk helemaal niets met het fragment te maken heeft – is: ‘hoe heet de ambtswoning van de Franse president?’. Ik druk eindelijk eerst af maar – o drama! – ik weet het antwoord niet! Inge ook niet, maar ik ben wel 50 punten kwijt! Het antwoord is Elysée, maar ik beken eerlijk dat ik daar nog nooit van gehoord heb (van de Champs Elyssées natuurlijk wel, vooraleer iemand dat hier opwerpt).

6. Geluksbrengers
Welk deel van een konijn breng geluk? Ik druk eerst af en antwoord ‘konijnenpootje’. Dat had eigenlijk ‘poot’ moeten zijn – zou je Crabbé niet wurgen? – maar de o zo milde jury keurt het wel goed. Terecht toch!

7. Tip is Fixkes. Ook hier kan ik maar twee mogelijke antwoorden bedenken, dus ik druk meteen (en ook als eerste) af. Inderdaad, ‘kvraaghetaan’ is het juiste antwoord (Stabroek zou het antwoord op een andere vraag kunnen geweest zijn).

8. ?

9. ?

(ik graag in mijn geheugen om me de vragen te herinneren. Goed mogelijk dat ik ze niet moeten beantwoorden heb, want anders wist ik ze misschien wel nog…)

10. Tip is trema. Inge drukt eerst af en antwoordt correct op de vraag: ‘Op de hoeveelste ‘e’ in het woord ‘bobsleeën’ staat een trema?

(de volgorde van de vragen is uiteraard niet dezelfde)

En de finale?

Uitzending op 20 september…

(aan de mensen die de afloop al kennen: nog even niet verklappen in eventuele reacties, ik maak er graag een mooi artikeltje van..)





Blokperiode

9 07 2008

Studeren moet ik gelukkig niet meer doen, maar morgen neem ik wel deel aan Blokken. Het gevoel is identiek: een sprankel zenuwachtigheid, een tikkeltje ongerustheid, enige tegenzin zelfs. Examenstress, zeg maar.

Ik ga er immers niet van uit dat ik veel kans maak om te winnen. Ik ben wel wat op de hoogte van één en ander, maar van heel wat zaken ook weer niet (geschiedenis en sport zijn mijn zwakke punten) en bovendien hangt zoveel af van je tegenspeler.

Op zich hoeft dat voor mij niet veel uit te maken. Ik doe vooral mee voor de fun, omdat ik van quizjes en spelletjes houdt. Dat ik er iets mee kan winnen, is wel belangrijk, maar niet het doel. Het probleem zit hem er echter in dat anderen blijkbaar wel verwachten dan je goed scoort. M.a.w. als ik morgen verlies, zal ik daar zelf niet mee zitten, maar moet ik wel de reacties van supporters overal te lande aanhoren. Ik kan natuurlijk ook gewoon verzwijgen wanneer ik op tv kom, dan mist minstens de helft van mijn kennissenkring mijn optreden en gaat mijn afgang aan hen voorbij! Wat als ik een filmvraag niet weet of een fout maak bij het hoofdrekenen?

Maar kijk, dat is geen optimistisch uitgangspunt natuurlijk. Mijn tegenspeler kan een gepensioneerde huisvrouw zijn die nog nooit Tetris heeft gespeeld of een twintiger die niet weet wie Edith Piaf of Tony Corsari is (zal je Ben Crabbé horen!).

Maar wat ga ik aantrekken? En zal ik het volhouden Ben Crabbé niet proberen even belachelijk te maken als hij doet bij zoveel kandidaten? De spelregels zijn overigens gewijzigd: vanaf nu mag de winnaar blijven terugkomen, ook na 3 keer spelen. Ik kan beginnen fantaseren dat ik de eerste speler ben die 6 afleveringen na elkaar speelt, maar ik maak mij geen illusies.

U hoort er nog wel van. Of net niet. Brand morgen maar een kaarsje!





Op wereldreis in de cinema (2)

8 07 2008

Vorige week bracht ik zes dagen door op het Europese filmfestival van Brussel. Ik zag er 14 films en dat was na een bijna filmloze periode best deugddoend. Wat het hem vooral deed was dat het om zeer onbekende, niet-Amerikaanse producties ging waarvan ik vooraf vrijwel niets wist. Dat kan tegenvallen (Frans amateur-existentialisme of Japanse stilte stellen je uithoudingsvermogen danig op de proef), maar net ook heel erg meevallen. Of het dan om Spaanse soberte, Russische rauwheid of Zweedse zwartgalligheid gaat, zo’n (grotendeels) Europees dieet is wat elke filmfan af en toe nodig heeft. Om even te herbronnen, of om vast te stellen dat film zoveel meer is dan de bioscopen voor ons selecteren. Om te beseffen dat er zoveel manieren zijn om verhalen te vertellen of de werkelijkheid te vatten. En meteen bezocht ik op één week 10 landen. Is mijn vakantie ook wat waard.

Anderzijds zag ik vandaag twee prachtfilms die net het tegengestelde zijn van al het voorgaande: mainstream Hollywoodproducties zonder risico. Wall-E, de nieuwe Pixaranimatieprent, is een pareltje. Net als voorganger Ratatouille, een hartverwarmende, grandioze triomf die je doet lachen en huilen tegelijk. The Dark Knight, de nieuwe Batmanfilm, is dan weer vakmanschap van de bovenste plank, een intelligente blockbuster met topacteurs en een flinke dosis (popcorn)psychologie.

Het verschil in de wijze waarop film in deze twee situaties beleefd wordt, is enorm. Leve de diversiteit natuurlijk, al is het jammer dat een groot deel van het publiek (én de filmpers) daar zo’n beperkte visie op heeft. Ik bezie het maar eens als een vorming. Nu het vakantie is, leert de meester dus ook nog bij. Maar nu weer even pauze graag – zo’n filmweek is ook slopend! Gelukkig duurt de vakantie nog wel even…





Slecht ingeschat

4 07 2008

Mei:
– Hoe gaat het met de studies?
– Pff, ramp. Ik bak er niets van. Mijn werk is afgekraakt door de jury. En ik had er zo hard aan gewerkt.
– Zie je de examens nog zitten?
– Bwaja zeker. Het zal zwaar worden. Ik weet nu al dat ik niet geslaagd zal zijn voor mijn werk. Dat is ook geen motivatie natuurlijk.

Juni:
– Ah, lang niets gehoord. Ben je aan het blokken? Hoe gaat het?
– Zwaar man, zwaar. Amai, ik zie het niet echt meer zitten. Ik vrees ervoor. Ik blok en ik blok maar de examens zijn echt moeilijk.

Juni (2):
– En, wat denk je?
– ’t Viel echt niet mee. Ik ben zeker van enkele herexamens. Spijtig wel, mijn vakantie verkl**t. Ik ben echt mijn motivatie kwijt. Pff, wat een problemen.

Juli:
– En? Weet je al iets?
– Geslaagd met onderscheiding.
– Ah?

Proficiat, broertje.


(Deus – The Architect)





Dun krantje, veel geleerd

3 07 2008

Als de vakantie me ergens tijd voor biedt, dan is het wel aan het lezen van de krant. Ik spoor deze week elke dag naar Brussel, waar het Europees filmfestival plaatsvindt, en op de trein lees ik mijn krant van voor naar achter.

De vaststellingen die ik na het doorploegen van de (dunne!) krant van vandaag deed:

*Mooie verwoording: ‘het is de eerste regering die van niet-regeren het kernpunt van haar bestaan heeft gemaak’, aldus Yves Desmet. Als je dan nog eens stilstaat bij de interne strubbelingen, momenteel bv tussen Joëlle Milquet en Annemie Turtelboom of de niet-benoemde Brusselse burgemeester die de Gordel afwijzen, besef je dat beroepsernst en constructivisme steeds zeldzamer worden. En ik zou als leerkracht bang moeten zijn om mijn mening te zeggen terwijl onze machtshebbers elkaar gewoon dwarsliggen!? Geert Bourgeois houdt zich intussen bezig met het tellen van Nederlandse liedjes op de VRT-radio’s. Ook zinvol.

*Murat Kapplan (of is het nu toch Kapplan Murat?) is vrijgelaten! Dat had zelfs hijzelf niet verwacht. Ik ben niet op de hoogte van het dossier en ik heb geen idee hoezeer deze gangster oprecht bereid is een nieuw leven te beginnen als brave mens, maar is deze vroege vrijlating toch niet een héél klein beetje alarmerend?

*Evenmin worden de Arabische prinsessen die hun huispersoneel mishandelden, gearresteerd. Men is er bij e Brusselse politie gerust in dat ze niet zullen weglopen. Maar misschien had een ruwe arrestatie, gevolgd door een nacht in de cel, de verwende nesten – al was het maar even – aan het denken kunnen zetten!?

*En dan al dat gezeik over het al dan niet heiligverklaren van Pater Damiaan. Wie ligt daarvan wakker? Maar in Rik Torfs’ verklaring, staat alweer een rake opmerking: ‘Wat Damiaan tegenhoudt is zijn relatie met de kerkelijke overheid, zijn opstandigheid. Gehoorzaamheid wordt vaak impliciet als onverenigbaar beschouwd met kritische zin.‘ Damiaan, mijn held! Er is blijkbaar nog niets veranderd.

*Els Cleemput, de woordvoerster van de federale politie is op non-actief gesteld om bizarre redenen. Mij viel vooral de vermelding op dat deze dame ‘wel eens verwikkeld raakte in conflicten die draaiden rond procedures en hiërarchie.’. Herkénbaar! Nog een bewijs dat mensen die hun mond opentrekken nergens geraken!
Verder is deze zaak echt wel te gek. De secretaresse van de commissaris-generaal zou geen andere vrouw aan de top verdragen hebben en haar baas aangezet hebben tot de detachering van de woordvoerster. In de beschrijving van de carrière van deze secretaresse (die met een diploma lager middelbaar een job versierd heeft die bestemd is voor universitairen) staat ook het relaas van een lagere school in Lessen die regelmatig privileges krijgt van de politie. De krant meldt dan droogweg; ‘Geheel toevallig gaan de kinderen van Sylvie Ricour (die secretaresse dus) naar die school’. Ik vind het frappant dat een overduidelijke illustratie van vriendjespolitiek en machtsmisbruik, oogluikend wordt toegelaten. En daarnaast het zoveelste verhaal van mensen die hun werk goed doen maar toch op een zijspoor worden gezet. Benieuwd hoe dit gaat aflopen.

*Tia Hellebaut is een metafoor. In zowel het artikel over de woordvoerster als het artikel over de staking bij Opel komt de hoogspringster ter sprake. Een miraculeuze promotie wordt in het ene artikel een ‘Tia Hellebautsprong’ genoemd, terwijl de vakbonden het opdrijven van de snelheid van de band in een ander artikel vergelijken met het verwachten van Hellebaut dat ze, als ze over 2 meter kan springen, ook over 2m02 kan springen. Interessant dat deze atlete zo haar stempel op de actualiteit kan drukken.

*Gent dreigt de geïndexeerde lonen van zijn ambtenaren (waaronder dus ook een aantal leerkrachten) niet te zullen kunnen betalen… Moeten we het met nog minder uren stellen? Het volgende schooljaar starten we alleszins met minder uren. Het aantal kinderen met een GOK-statuut (Gelijke OnderwijsKansen, dus kinderen die thuis een andere taal spreken, laaggeschoolde ouders hebben, enz. en daardoor dus mogelijk de school verzwakken zodat er extra uren nodig zijn) op onze school bedraagt 38% – wat al niet niks is – maar dat is blijkbaar nog veel te weinig in vergelijking met andere Gentse scholen. Er zijn er zelfs met bijna 100% GOK-kinderen! Begrip dus, maar ook enige ongerustheid.

*En ik ken ook weer eens een wielrenner!Dat overkomt me gemiddeld maar één keer per jaar. Humo had een boeiend interview met Mark Cavendish en met mijn Blokken-deelname in het vooruitzicht, poogde ik enige interesse hiervoor op te brengen. Ook over hem een artikel in mijn krant, maar opvallend genoeg met vrijwel allemaal dezelfde vragen!

*CD van de week is Soft Power (luister hier) van Gonzales (geen relatie tot José Gonzalez). Toevallig zag ik deze week net een film waarin muziek van deze artiest zat, waardoor ik – geheel tegen mijn gewoontes in – de recensie van deze cd las. Nieuwe artiesten leren kennen, gaat bij mij erg moeilijk, dus ik vind het al een hele prestatie dat ik die naam had onthouden. Weer eens een bewijs dat ik alles van films leer.

Om dus maar een zeer afgezaagde, naïef klinkende zin boven te halen: wat zijn kranten eigenlijk toch leerzaam. Jammer dat ik er niet meer aan toekom…





Filmmaand juni

1 07 2008

Het einde van een schooljaar biedt helaas veel te weinig tijd voor film. Het is dus aanvaardbaar dat ik maar 8 films heb kunnen zien:

77/ Charlie’s Angels: Full Throttle (4): goedkope, onnozele, slechtgemaakt, ongewild lachwekkende brol.
78/ The Happening (7): creepy sfeertje oké, acteerwerk iets minder, verhaal bij momenten goed, in zijn geheel maar net overtuigend.
79/ The Motorcycle Diaries (8): klassiek, maar mooi en meeslepend filmpje.
80/ 3:10 to Yuma (8): sobere, spannende en steengoed geacteerde tragische western.
81/ Le Couperet (8): interessante moraalstudie over een werkloze man die zijn concurrenten vermoordt.
82/ Door to Door (7): een onderhoudende, zij het wat afgelikte, biografische film over een verkoper die het maakt ondanks zijn handicap.
83/ King Arthur (6): Pff… weinig inhoud en des te meer gebrul in deze vervelende actiefilm.
84/ Digging to China (6): doorsnee Amerikaanse prut met een overtuigende Kevin Bacon.

Totaal: 2469

Bekijk hier de lijst van mei.








%d bloggers liken dit: