On the Road (2)

24 07 2010

Na een snel en vroeg ontbijt is het tijd om de groep te ontmoeten waarmee ik de komende dagen enkele staten van de VS en Canada zal doorkruisen. Ik weet vooraf enkel dat het een internationaal gezelschap  betreft, maar heb geen idee van leeftijden of aantallen.

De groepsleider is de 24-jarige Peter, een bruingebrande Californiër die al heel wat van de wereld gezien heeft. Hij komt plichtmatig enthousiast over maar is goed voorbereid en straalt vertrouwen uit. De Duitse Sina, een boomlange advocate en haar landgenote Maren, begroeten me vriendelijk. De robuuste Ier Chris blijkt het vierde lid van de groep te zijn dat ouder is dan 30. Dat is fijn. De twee jongste groepsleden zijn de Brit David, die net die dag 21 wordt, en de Zweedse Elin die na twee jaar als au pair gewerkt te hebben in Washington, haar leven in de VS afsluit met deze reis. Iedereen doet zijn best sympathiek over te komen in diverse soorten Engels. Het achtste groepslid komt niet opdagen.

Ik had op meer volk gehoopt, maar nu weet ik niet meteen waarom eigenlijk. Dit lijkt een voldoende heterogene groep om er een aangename reis van te maken. Ons vervoermiddel is een luxueuze mini-van die geschikt is voor 13 personen en dus alle plek biedt om comfortabel te reizen. Peter houdt ons voor dat hij een prima chauffeur is en hoopt dat hij ondanks zijn leeftijd op ons respect kan rekenen.

Onder een al behoorlijke warme zon verlaten we New Jersey. In de auto wordt er luchtig gekletst om de kennismaking uit te  breiden. Peter geeft blijk van veel kennis over zijn eigen land én heel wat Europese landen, maar zijn familieverhalen doen een drang naar conformisme vermoeden, de hoop in het correcte Amerikaanse plaatje te passen. Elin is wat veramerikaniseerd in de twee jaar als nanny waardoor ze haar eigen land nu stilaan te klein is gaan vinden en ze haar toekomst ergens anders hoopt uit te bouwen. Maren is een PR-manager bij een Duits bedrijf en toont zich nieuwsgierig en geïnteresseerd in iedereen. Chris is beslist niet de hooligan waar men hem zou kunnen voor aanzien. Iemand die meer wil zien dan enkel de lokale pub gelukkig. Zijn Ierse accent is bijna grotesk. David noemt zichzelf een computernerd met een passie voor gitaren en formule 1 en hij gebruikt graag moeilijke woorden. Sina is de stilste. Ze zal zich iedere dag een ander kapsel en andere bril aanmeten, zo zal blijken.

We rijden Pensylvania binnen en genieten van een groen maar eentonig landschap. De lunch moet snel gaan vandaag – al zullen we ons later afvragen waarom eigenlijk – en daarvoor is de keten Subway geschikt. Op mijn broodje kalkoen liggen volgens mij twéé kalkoenen, zo dik belegd is het, maar het smaakt heerlijk. De cultuurverschillen leveren al meteen vraagtekens op: waarom eet Chris chips bij zijn broodje? In de VS, maar dus ook in Ierland, is dit niet zozeer een snack als iets dat je bij je boterham eet. Gelukkig vinden Sina en Maren dat even vreemd als ik.

Al snel na de middag zijn we terug de grens met de staat New York overgegaan en belanden we in Ithaca, een universiteitsstadje in bij de grens met Pensylvania. Het dorp ligt op heuvels en oogt eigenlijk wat verlaten. De vele typische Amerikaanse houten huizen komen wat verweerd over en overal groeit onkruid. Dat er geen mens op straat is, is vooral te wijten aan het uiterst warme weer. Het centrum oogt gelukkig wat aantrekkelijker. Tijdens het schooljaar wordt deze stad overspoeld door studenten van de Cornell University en is er dus gelukkig meer dynamiek. De bioscoop met enkel Europese producties lokt dan wellicht meer kijkers.

We logeren in een zeer doordeweeks en typisch motel, dat jammer genoeg geen zwembad heeft zoals de vele hotels die ik op mijn reis langs de Westkust van de VS ben tegengekomen. We verkennen de stad maar lijken door een oven te wandelen. Toch merken we daar slechts korte tijd iets van. Het leven is hier geairconditioneerd. In de auto, het motel, alle winkels en restaurants, is het koel. Dat mag dan wel nu erg van pas komen, ik heb er ook bedenkingen bij. Zoveel mensen op de wereld moeten het klimaat waarin ze leven aanvaarden, hier sluiten ze dat gewoon uit. Maar anderzijds: wij zetten toch ook onze verwarming aan in de winter? Toch genieten wij ook van een bries door een open raam, de regen na een warme dag, een koele woonkamer die de hele dag verduisterd was. Is dat niet wat minder kunstmatig? Met Peter valt daar niet over te discussiëren: airco ís belangrijk.

We maken een kleine uitstap (met de wagen) doorheen het gebied rond de stad. We bevinden ons bij Cayuga Lake, het grootste meer van de Finger Lakes, een adembenemend mooi gebied waar New Yorkers graag hun vakantie doorbrengen. De huizen zijn opmerkelijk mooier en verzorgder en hier en daar zijn er zelfs villa’s die aan het oog ontrokken worden door hoge afsluitingen. Het meer is omringd door heuvels, waardoor je de zeilbootjes vooral van bovenaf ziet. Schitterend!

We parkeren op een groot terrein aan het meer. De parkwachter is erg jong. Chris vraagt zich dan ook af of dit ‘a student walk’ is?

Peter: ‘A Student Walk? Euh… yeah, euh…’
Sven: ‘He’s saying: ‘ a student WORK’.
David: Funny, a Belgian having to translate between an American and an Irish.

Tja, het taaltje van Chris is wennen. Iedere ‘i’ klinkt als ‘o’. ‘Mine’ is ‘moine’ en ‘like’ is ‘loik’. Ook onze culturele verschillen zijn een onuitputbaar onderwerp van gesprek. De Duitsers zijn in de wolken met alle Duitse acteurs die ik ken (toch wel drie), maar Elin is minder thuis in Zweedse cinema. Peter vraagt haar een bekende Zweedse regisseur te noemen. Het lijkt wel het laatste te zijn waarover ze het wil hebben. Na lang nadenken zegt ze ‘Euh, that old guy who’s dead now‘. Ingmar Bergman dus.  We hadden op een moderner antwoord gehoopt, maar anderzijds: hoeveel 22-jarige Belgen zouden een passend antwoord kunnen geven over de cinema uit België?

We wandelen tot nabij de Taughannockwaterval, die we onderweg van bovenaf gezien en gefotografeerd hebben. Het is een zeer smalle maar erg hoge waterval die eindigt in een aantrekkelijk meertje. Enkele mensen zijn aan het zwemmen en ik heb bijna spijt dat ik mijn zwembroek niet bij heb. We laten onze voeten afkoelen en zijn tevreden dat dit wat doodse stadje dan toch iets te bieden heeft. De korte wandeling doorheen een schaduwrijk bos werkt eveneens ontspannend. Een zeer idyllische plek.

Terwijl het langzaam begint te regenen, arriveren we in een wijnhuis  – in het gebied zijn heel wat wijngaarden. Peter heeft ons vooraf gevraagd of we ook bereid zijn wijn te kopen, omdat het wat gênant is enkel te proeven. Maar de barman zegt ons zelf vooraf dat hij er alle begrip voor heeft als we niets kopen aangezien we op doorreis zijn. Onze wagen is nochtans groot genoeg. Voor 2 euro mag je 8 wijnen proeven. De half-zoete zijn het populairst maar wij zijn er toch het minst over te spreken. De droge en half-droge zijn het lekkerst en de wijn van het huis, de Finger Lakes Chablis, een soort Chardonnay, vinden we allemaal het lekkerst. Chris en ik kopen een fles ervan, die helemaal niet duur is. Ik voel me ook enorm aangesproken door de fugde, een uit boter en suiker bestaand dessert dat er overheerlijk uitziet en in tal van variaties bestaat. Jammer genoeg zie ik me dat in deze warmte niet meenemen (de porties zijn beslist te groot om het die avond zelf op te eten).

We eten in het restaurant van de wijnhandel. Een gezellige plek waar bijna geen andere gasten zijn. Ik geniet van een heerlijke Amerikaanse hamburger – en voor wie dat toch niet zou weten: dat is beslist géén McDonaldshamburger, maar een heerlijk en stevig stuk vlees op een bord met groenten. Jammer dat Amerikanen geen tafelcultuur hebben. Hoewel het erg gezellig is en er geen andere gasten zijn, is de rekening er al nadat we amper de laatste hap hebben genomen. Peter lijkt dit heel normaal te vinden en ontzegt ons zo de kans om nog wat te keuvelen. Anderzijds is het voor mijn lichaam nu 2u ’s nachts en het vooruitzicht van een bed is ook niet slecht.

We rijden terug naar ons motel doorheen het groene landschap. Opvallend is dat de grillige – nooit volkomen platte – tuinen van de vele mooie huizen in elkaar en de omringende bossen opgaan zonder afsluitingen of hagen. Het oogt allemaal erg natuurlijk en het moet leuk wonen zijn hier. Dan tekent zich ineens, om het plaatje compleet te maken, een prachtige en vooral een volledige regenboog voor ons af. Ze lijkt het hele, weidse landschap te willen overbruggen. Hoe vaak ziet een mens een regenboog in zijn geheel? Het is een schitterend zicht en een mooi einde van een eerste, aangename dag.

Toch is de dag nog niet om. Peter wil met ons graag een aantal zaken overlopen. We voelen ons niet zozeer kinderachtig behandeld, maar doordat Peter zich op dat moment nadrukkelijk als autoriteit opwerpt, moet ik wel de drang onderdrukken om onnozel dociel te gaan doen. Ik kan zijn gevoel voor humor nog niet inschatten. Daarna roept ons bed maar Elin merkt op dat we de verjaardag van David toch niet zomaar kunnen laten passeren. We bestellen dus wat in de wat troosteloze bar van het motel, maar David wil zelf eigenlijk niets drinken. Peter vertelt me dan dat een Sven bij hen in de organisatie (die vooral met Europeanen werkt) synoniem is voor een moeilijke mens. Zoals in ‘I hope you don’t have a Sven in your group‘ of ‘How to deal with Svens‘. Blijkbaar hebben in het verleden een keer of wat te vaak Svennen tegengewerkt. Bijzonder grappig toeval, of klopt het gewoon? Ik maak Peter duidelijk dat hij mij nog helemaal niet kent en hij beter nog had gewacht vooraleer dit bekend te maken.

Ithaca was niets bijzonder, en we hadden misschien zelfs in één trek kunnen doorrijden naar Niagara, onze bestemming van de volgende dag. Maar anderzijds was het fijn rustig kennen te kunnen maken met elkaar en het land en een gebied te leren kennen waar je echt nog helemaal niets over weet.

Lees hier deel 1


Acties

Information

2 responses

5 08 2010
Michel

Dag Sven,
Een leuk reisverslag ! Ik zie al uit naar het vervolg dat er onwaarschijnlijk nog aankomt. Hoe durven ze ! “I hope you don’t have a SveN in your group”.
Ik zou het inderdaad op een bijzonder grappig toeval houden :)
Tot binnenkort in de wandelgangen.

5 08 2010
blanche

Ah, we kunnen hier mee op reis. Dat is fijn.
Een Sven in de groep. Geldt dat ook voor lastige dames of heten die anders?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




%d bloggers op de volgende wijze: