On the Road (7)

30 07 2010

Na een uitputtende dag in Montréal, verzamelen we om 19u om te gaan eten. Peter heeft een Italiaan uitgekozen, Ferrari. Voor David, die deze reis al enkele keren grenzen verlegd heeft, is het de eerste keer dat hij bij een Italiaan gaat eten! We worden zeer vriendelijk en joviaal ontvangen. Het is er niet zo druk en we genieten in alle rust. Intussen beschrijven we elkaar onze dag en tonen we foto’s. Chris, die net als altijd ook een voorgerecht bestelt, lijkt alles wel te lusten. Elin krijgt, ook als gewoonlijk, haar bord niet leeg. Chris en ik delen de rest van haar spaghetti.

Iedereen lijkt zich bijzonder ontspannen te voelen. Voor het eerst sinds lang blijven we best lang aan tafel zitten. We vertellen Peter over onze Europese eet- en vooral tafelculuur. In de VS heb je amper je laatste hap doorgeslikt of de rekening is er al. We kiezen dan uiteraard ook een dessert. Elin, Sina en ik willen tiramisu, waar Chris nog nooit van gehoord heeft. Maar zijn smaakpapillen kunnen alles aan, dus hij bestelt er nieuwsgierig ook één. ‘Enkel koffie lust ik niet’ zegt hij. Oei, dat hadden we vergeten in onze beschrijving van wat tiramisu precies is… Het dessert bevalt Chris dan ook niet en hij schrokt het naar binnen om er zo snel mogelijk vanaf te zijn.

We besluiten alles door te spoelen en de vriendschappelijke sfeer verder te zetten in een pub. We kiezen voor Sir Winston Churchill, waar er een groot terras aan de straatkant is. Wat de Britse staatsman met deze stad te maken heeft, weten we niet meteen, maar het blijkt wel een van de oudste bars van de stad te zijn. Het is ook een bijzonder groot complex, met diverse bars en dansvloeren, maar binnen zit er nauwelijks iemand. De vernieuwde inrichting vind ik toch nogal stijlloos, zoals de meeste bars in dit deel van de wereld, heb ik de indruk.

De serveersters blijken allemaal identiek, op de haarkleur na: barbiepopjes met een taille waar men met twee handen om heen zou kunnen en een wat naïeve blik in de ogen. Ze hebben zich allemaal in een strak, mouwloos en ultrakort jurkje gewurmd en Peter stelt zich vragen bij het aanwervingsbeleid van deze pub. Kan iemand met een (miniem) maatje meer hier werk krijgen? Dit leidt tot allerlei grappige opmerkingen en we moeten besluiten dat we de poppetjes een klein beetje uitlachen. Ik maak voor de gelegenheid een cartoon en Chris blijkt met zijn makkelijk te stereotyperen uiterlijk een makkelijk slachtoffer daarvoor. De sfeer is zo  optimaal dat ik de rekening voor mij neem (nadat Elin & Chris ons een dag eerder allemaal een shot voorschotelden in Le Sainte Elisabeth). Dat kost me 45 dollar of 33 euro, wat bevestigt dat vooral het cafébezoek in de VS en Canada duurder is dan in ons land. De biertjes zijn weliswaar óók groter.

We wandelen laat op  de avond terug naar onze auberge, allemaal toe aan een goede nachtrust. De volgende ochtend hoeven we pas om 10u klaar te staan. We zijn een goed uur aan het rijden als Peter met het oog op de grensovergang beseft dat hij in alle drukte – hij is verantwoordelijk voor het onderhoud van de wagen, parking, benzine, aanhangwagen – domweg zijn eigen bagage vergeten is. We rijden dus nog maar eens terug en nemen zo een tweede keer afscheid van het gezellige Montréal.

Elin & Peter

Ik heb het nog niet  gehad over de muziek in de wagen. Dat was een iets minder prettig aspect van het reizen in groep. David was de eerste die zijn mp3-speler aansloot en ons trakteerde op zijn muziek. Dat bleek in de eerste plaats vooral gitaarmuziek te zijn – David is een echte gitaarfreak – waaronder beslist te veel Metallica. Gelukkig besefte Peter toen al na een liedje of 3 dat dit niet aan iedereen besteed was. In de dagen daarop bepaalde vooral Peter waar we naar luisterden: country, typische Amerikaanse mainstream à la Springsteen, Neil Young – degelijke artiesten maar toch weinig gevarieerd en enigszins traditioneel – , véél sportpraat op Amerikaanse radiozenders en nog maar eens country. Gelukkig stond de radio soms ook uit. Vandaag laat Elin ons horen wat haar mp3-speler bevat en dat blijken toch ook vooral Amerikanen te zijn, zoals Beyoncé, Timberlake en mindere goden. Luisterbaar soms, maar toch laat het mij vooral beseffen dat ik een veel meer Europese smaak heb: ik luister liever naar Belgische en Britse artiesten en als het dan Amerikanen zijn dan zijn ze iets alternatiever dan de mainstream. Peter heeft als Amerikaan nog nooit gehoord van Feist, die we aangekondigd zien staan voor een optreden in de buurt.

ABBA – uit de muziekverzameling van Elin uiteraard – begeleidt ons naar de grens met de VS.  Na een snelle picknick op een parking, waarbij Peter nog wat houtblokken uit de aanhangwagen gooit wegens verboden mee over de grens te nemen, houden we lichtjes gespannen halt aan de douane. Het onthaal is erg vriendelijk en er zijn geen problemen. Net als toen we Canada binnen reden, blijken de ervaringen van Peter niet te kloppen met wat we nu beleven. We ontdekken ook dat Chris eigenlijk Christopher heet. Hij vertelt ons dat men in Ierland tot halfweg de jaren ’80 verplicht was een Bijbelse naam te kiezen voor kinderen.

Omdat we vandaag veel tijd hebben, houden we halt aan brouwerij Magic Hat. Deze ontstond in de hoogdagen van de hippiecultuur en de huidige bedrijfscultuur is nog steeds erg easy-going en lichtjes subversief. Een geleid bezoek ligt ons minder, we snuisteren wat in de shop en proeven van het bier. Belichting en kleur van de shop neigen nogal naar het psychedelische, maar enkele aankondigingen en de uitleg bij het brouwproces getuigen wel van een gezond gevoel voor humor.

Onze volgende stop in het groene en heuvelachtige Vermont heeft te maken met een haast iconisch Amerikaans merk: de ijsfabriek van Ben & Jerry’s. Dit maatschappijvriendelijk bedrijf, dat toch wel érg lekker ijs op de markt brengt, werd eind jaren ’70 opgericht en kent intussen succes over de hele wereld. Uiteraard is een guided tour, in de VS zowat vanzelfsprekend. Het fabrieksgebouw is erg klein en vandaag wordt er zelfs niet gewerkt, maar er is veel volk. We moeten 40 minuten wachten voor we kunnen deelnemen aan een tour. Een shop en enkele nevenattracties houden ons intussen bezig. Iedere 10 minuten worden zo’n 40 mensen rondgeleid. Ik zie er vooral een illustratie van de extreme onnozelheid van de doorsnee Amerikaan. De jeugdige gids dreunt zijn lesje mechanisch af en moet toch tal  van grappig bedoelde opmerkingen, flauwe moppen en ergerlijke kreetjes van bewondering bij ieder detail verdragen. Na 20 minuten  staan we alweer buiten, dus erg veel hebben we niet geleerd over ijs, des te meer zijn we gehersenspoeld: Ben & Jerry’s zijn de beste. Nu heb ik natuurlijk al enorm genoten van dit lekkere en naar het schijnt vetarme ijs, maar in België vind je het nauwelijks. Enkel in bioscopen en videotheken vind je deze veel te dure lekkernij, maar dan enkel in vergezochte smaken. Ik leer in de fabriek hoe dat komt: de 5  soorten die je bij ons kan kopen, staan bovenaan in de top 20 van populairste smaken. Het zijn geenszins standaardsmaken en ze hebben gegarandeerd abstracte namen als Funky Cookie Crazy Donut Monkey Fairly Vanilla, wat bij ons geen mens kan onthouden. Ik denk dat Ben & Jerry’s geen goede marktonderzoekers heeft en veel kansen laat liggen, want als ze meer gangbare smaken als simpelweg chocolade bij ons in de winkel op de hoek zouden aanbieden, zou die volgens mij, als fervent ijsjeseter, goed verkopen.

We krijgen een proevertje op het einde van de tour en de Amerikanen kunnen zich nauwelijks bedwingen. Nog meer erg onnozel gegrap volgt en wanneer de smaak van die dag dan nog chocolade met munt betreft, een afschuwelijke combinatie, wil  ik echt naar buiten om me aan het kraampje een reusachtig ijsje naar mijn zin te kopen. Peter ziet het anders: we kopen hier ijs als dessert voor onze zelfgemaakte maaltijd vanavond, maar ik hang de Sven uit: ik kies niét samen met de anderen 4 smaken uit die iedereen aanstaan, ik wil mijn ijsje nú en voel een kleine ergernis opborrelen: wil men mij hier verbieden een ijsje te kopen? Ik keer de groep de rug toe en schuif aan voor een eigen ijsje.

Ik verpest met dit akkefietje geenszins de sfeer hoor. Wat volgt, zal onze meest aangename avond van de reis blijken. Maar dat is voor de volgende keer!


Acties

Information

One response

18 08 2010
I.K.

Ben & Jerry’s verkopen ze hier ook in sommige nachtwinkels.
Dus nog duurder.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




%d bloggers op de volgende wijze: