Don’t Mess with Sven

31 10 2011

Ik zat in een propvolle bioscoop en om één of andere reden had ik twee volle plastic zakken bij me. In de ene zaten persoonlijke nota’s, mijn agenda en notities uit de les e.d. In de andere zaten bibliotheekboeken of mogelijk ook pas gekochte boeken. Romans, strips en non-fictie.

De rijen stoelen in de cinema stonden zo dicht mogelijk op elkaar, alsof de suggestie van een kermisattractie werd opgeroepen waarin je maar beter zo vast mogelijk zat. Bovendien zat de zaal helemaal vol. Het was een bescheiden zaal en er was amper een niveauverschil tussen de rijen. Je zat er werkelijk opgepropt. Toch leek me dat als fervent cinemabezoeker niet te storen. Ik zat enkel wat verveeld met die zakken, die ik onder mijn stoel legde.

Het ontging me volkomen welke film het was. Na afloop snelde ik de overvolle zaal uit. In de lobby van de bioscoop, die enige ouderwetse grandeur uitstraalde, met dik mosterdgroen tapijt en goudgelakte balustrades aan de trappen, ging ik even op de grond zitten om te ontspannen. Na een tijdje drong het tot me door dat ik slechts één van de twee zakken had meegenomen.

Ik snelde terug naar de zaal, die al weer helemaal gevuld was met mensen voor de volgende voorstelling. Ik vroeg paniekerig aan de mensen die op mijn oude plek zaten, of er toevallig een zak onder het zitje lag. Het kostte de mensen een zware inspanning om onder hun stoel te kijken – de rij ervoor stond immers veel te dicht om je zover te kunnen bukken – maar ze moesten me teleurstellen: er lag niets meer.

Teleurgesteld droop ik af. Ik vergat nóóit iets. Dat had ik altijd aan mijn broer overgelaten. Ik bleek nog niet te beseffen welke zak ik kwijt was en vroeg me meteen ook af welke ik het ergst vond kwijt te zijn. Het ging om de zak met boeken. Met spijt dacht ik aan de ongelezen spullen en het geld die ze gekost hadden – of, als het bibliotheekboeken waren, die ze me nog zouden kosten.

Ik bedacht dat ik de mensen die naast me zaten, misschien nog zou herkennen – want die hadden ongetwijfeld de zak meegenomen. Intussen stond ik buiten aan de bioscoop, op een meters brede en erg hoge trap waar mensen na de film gingen zitten. Er was echter al heel wat tijd verloren gegaan en ik had geen preciese herinnering aan het koppel naast mij. Ik nam dan maar plaats op de trap – ik had sterk de indruk dat dit een postmodern ritueel was dat bij het bioscoopbezoek hoorde, want de trappen zaten vol en er was duidelijk iets in me dat me weerhield al naar huis te gaan. Het was een sfeervolle avond.

Ik maakte een praatje met andere filmliefhebbers – waren dat Stijn en Hanne? – en vertelde wat er gebeurd was. Terwijl ik mijn relaas deed, scande ik nog tevergeefs de massa om me heen. En toen kon ik mijn ogen niet geloven! Op amper drie meter van me vandaan zat een vrouw, in gesprek met iemand die ik meteen als haar man herkende, en nog enkele anderen. Tegen haar borst, amper verborgen onder haar jas, drukte ze mijn plastic zak!

Ik aarzelde geen moment, onderbrak mijn geklaag, en stapte kordaat, haast agressief op de vrouw af. Ze herkende me een fractie van een seconde te laat als de werkelijke eigenaar van de zak, en de blik in haar ogen bevestigde dat mijn indruk correct was: dit was een dief. Haar pogingen om de zak tegen zich aan te drukken en weerstand te bieden, waren vruchteloos. Ik sleurde de zak uit haar handen en draaide de protesterende vrouw en haar verbaasde gezelschap meteen de rug toe, met een sterk overwinningsgevoel.

Amper had ik me tevreden weer aangesloten bij mijn groepje, waar geen woord gezegd werd over het voorval en het gesprek gewoon verder ging waar het zonet abrupt gestopt was. Maar we werden al meteen gestoord: achter me stond de vrouw en ze sprak me aan, zich druk makend over het feit dat ik haar zelf gestolen zak terug had genomen. Ik draaide me geïrriteerd om en gaf de vrouw een flinke vuistslag in het gezicht. The End.

En zo kende deze droom een uitzonderlijk  einde. Dat heb je als het vakantie is en je mag uitslapen.

En excuseer beste lezers, als ik u bij gebrek aan waargebeurde spannende belevenissen moet vervelen met nachtelijke fictie, maar sla dergelijke artikels volgende keer dan gerust over. Ik vond het een leuk avontuur.

Advertenties




Een Nieuw-Guinees uit Le Havre

29 10 2011

Ik wandelde door een bescheiden winkelstraat van een klein Nederland dorp. Ik stapte zonder enige reden binnen in een fotowinkel. Het was best een grote zaak en er waren redelijk wat mensen. Je kon er foto’s laten inkaderen en fototoestellen kopen enzo. Er waren diverse personeelsleden aan het werk.

Het was duidelijk dat ik nog lang niet aan de beurt was (het was me ook geheel niet duidelijk wat ik eigenlijk wou kopen of vragen) dus keek ik nog maar wat rond. Een uitgestalde foto trok mijn aandacht. Men had hem centraal gesteld in de zaak en er hing een boodschap bij. Op de foto zag je een tweepersoonsbed, vanuit de lucht gezien. Rondom het bed was alles weggefotoshopt, waardoor het bed een soort hemelse uitstraling kreeg. Hij was ook fel belicht, zodat je eigenlijk vooral veel wit zag. Op het dekbed stond het gezicht van een vrouw, pover getrukeerd in zwart-wit zodat het leek dat het dekbed haar beeltenis droeg. De vrouw lachte vriendelijk. Ik staarde naar de foto en besefte dat die vrouw mijn moeder was.

Het duurde even voor het bizarre toeval van deze situatie tot me doordrong. Ik las uiteindelijk de tekst bij de foto. ‘Dit is winnende foto van onze fotowedstrijd‘. Dat vond ik onnozel, want het was allemaal erg amateuristische, alsof een kind op zijn computer wat geëxperimenteerd had met overlappende foto’s. Er stond ook een foto bij van de fotograaf, een oudere kale man. In een tekstballon bij zijn foto stond: ‘Ik won 150 gulden met deze foto. Maar o jee, ik weet niet wie deze dame is. Wie kan me helpen?‘.

Ik ging naar de toonbank en richtte me tot twee van de erg vriendelijke mensen achter de kassa. ‘Daar op die foto, dat is mijn moeder!‘ zei ik, nog half onder de indruk en ook wel met het gevoel alsof ik in een komische serie zat, want hoe kon iemand met zo’n slechte foto nu een wedstrijd winnen? De dames achter de toonbank en nog enkele andere toegesnelde personeelsleden van wat nu eigenlijk een familiezaak bleek te zijn, vonden dat natuurlijk erg leuk, maar gaven verder weinig blijk verrast te zijn. Alsof het gewoon een kwestie van tijd geweest was dat iemand zich meldde.

Weet je wat nou het bijzondere is‘, vroeg één van de dames, duidelijk de moeder van de familie. ‘De foto is gemaakt door een Nieuw-Guinees uit Le Havre. Uit Le Havre dan nog wel! Net zoals in dat liedje van twee blaadjes op het water!‘ De andere dames kirden van vrolijkheid. Ik knikte wezenloos en deed alsof ik wist over welk liedje het hier ging. ‘Maar hoe komt die man aan de beeltenis van mijn moeder?’ vroeg ik, terwijl men achter de toonbank allerlei administratieve handelingen ondernam die deel uitmaakten van de procedure waarin ik me nu blijkbaar bevond. ‘O’, zei één van hen achteloos, ‘die komt van de Reyerslaan!’.

Toen werd ik wakker met het gevoel alsof ik zonet in een vreemde film had meegespeeld. Uitermate bizarre dromen, het zit onze familie, maar bij mij zijn ze voorlopig zeldzaam. Deze wou ik vanwege zijn hoge absurditeitsgehalte toch met u delen…





The End (3)

23 10 2011

Had ik de voorbije 12 dagen aan één stuk door moeten werken, ik was al lang onderuit gegaan. Maar twaalf dagen filmfestival gingen me dan blijkbaar wel af, al overvalt me vandaag een loden gevoel van uitputting waarvan ik liefst van al een dag of twee zou recupereren.

Het zit er weer op. Mijn twaalfde Gentse filmfestival. Op filmgebied een waar genot. Ik zag, net als ieder jaar, zo’n 30 films en daar zat amper iets minderwaardig tussen. Niet dat het programma dit jaar zo veel sterker was, wel mijn vermogen om te vooraf te bepalen wat voor films me liggen. Ik zag twee Noorse films, een Deense , twaalf Amerikaanse, drie Belgische, vijf Britse, een Nederlandse, een Franse, een Zuid-Koreaanse, een Zuid-Afrikaanse, een Oostenrijkse, een Argentijnse, een Russische en een Zweedse film. Als gewoonlijk een mooie variatie aan stijlen en verhalen en geen enkele daarvan was echt slecht, al waren sommige eerder flauw.

Ik heb de zaal één keer verlaten, iets wat ik in mijn hele leven hooguit een keer of twee gedaan heb. Het Indische Gandu was niet zozeer slecht als wel nietszeggend en leek me op dat moment pure tijdverspilling.

De langste film was Mildred Pierce, in feite een mini-serie die vijf duur duurde – exclusief pauzes. Ik had op die tijd wel drie andere films kunnen zien maar heb er geen spijt van deze superieure productie op een groot scherm te zien. Stikkapot na afloop, maar wel genoten.

Irritaties… minder en minder, zo blijkt. Filmstudenten blijven hardnekkig lulkoek verkopen om zichzelf en anderen te imponeren en hebben ook niet altijd meer door dat je in stilte van films hoort te genieten. Maar ik heb daar al bij al weinig last van gehad. Waar is de tijd dat ik mijn medefilmkijker opriep zich aan deze regels te houden?

Tussen het filmkijken ging ik ook nog werken. Dat is slopend, maar ik kan nu eenmaal geen vakantie krijgen. Een behoorlijke maaltijd heb ik amper gezien, maar ik kon zonder moeite ook de chips en popcorn laten liggen. Water en fruit vormden mijn voornaamste voedingsmiddelen. Enkel op mijn verjaardag trakteerde Michèle me op ijspralines.

Meer dan anders nog beleefde ik dit festival als in een roes, waarbij het donker van de zaal hypnotiserend werkt en de festivalbar weer als centraal ontmoetingspunt fungeerde. Mijn crew bestond uit medefilmfanaten, mensen die mee in die roes stappen, en met wie je de beleving deelt die niet aan buitenstaander te beschrijven valt. Mensen die al even graag over films praten terwijl de conversaties vaak net over allesbehalve film gaan. Haast meer nog dan de films, maken deze mensen het filmfestival tot een hoogtepunt van dit jaar.

Stijn zag in Paul Giamatti zijn film-alter-ego terwijl ik een John Krasinski in hem zag. Hij ontpopte zich daarnaast tot adviseur van zekere websites met taalfouten, hield de spanning erin met een geschenkenmysterie en diende me scherp van repliek als ik te cynisch was – lesje geleerd. Werd naar eigen aanvoelen nooit snel bediend in de bar, beklaagde zijn lot als betalende festivalbezoekers tegenover al zijn geaccrediteerde vrienden en koos er de juiste film uit om zijn moeder mee naartoe te nemen. Netwerkte vooral voor anderen omdat hij ondanks zijn zelfbeklag-imago begaan is met zijn medemensen en aldus een vriend van de bovenste plank blijkt te zijn.

Hanne vocht al die tijd tegen de slaap, fixeerde zich op de bedden in films en vond de combinatie werk/festival ook wel stresserend. Zette me aan tot het eten van een gezonde, vegetarische burger, geruggesteund door Nic Balthazar, en dat heb ik me niet beklaagd. Had geen reden nodig om in de bar te blijven plakken, want de rit naar huis beloofde vooral kou – en al die fietslichtjes vastklikken nam zoveel tijd in beslag. Ze was goed gezelschap dat altijd iets wist over de anderen en dit ook doorvertelde – behalve als het geheim was. Vraag haar niet wat ze van The Rum Diary vond. Zat ook niét te wachten op mails van haar huisbazin.

Roos liet me als streekgenoot toe zo nu en dan toe een Haaltertse uitdrukking in de conversatie te wurmen. Leerde me over kleine velokes, taupe minnekes en dingen waar een mens zich eens mee wil laten trekken. Verkoos de duurdere drankjes op de kaart maar wilde daar dan zelf voor betalen. Is net als Stijn begaan met het sociaal welzijn van de mensheid om haar heen en hoopt dat iedereen zich betrokken voelt. Zou een formidabele actrice zijn die met één minimale gezichtsspierbeweging al meesterlijk haar bedenkingen toont. Wil niet gezien worden met marginale sigarettenmerken.

Gilles was een betrouwbare plaatsbewaarder, al was Stijn een slechte invloed. Zijn beslissing met een taxi naar huis te gaan, kon op applaus rekenen. Hoorde je niet klagen over slaaptekort, gemiste films, kou in de bar of parvenu’s en bleek aldus de meest positieve in het gezelschap.

Bert nam zijn emoties na de film mee naar de bar maar kon op andere dagen luchtige onderwerpen aan als SOA’s of grenzen binnen een relatie. Begroet zijn vrienden oprecht hartelijk en al is hij niet geneigd dezelfde films goed te vinden als ik, kom ik hem graag tegen.

Elke heeft me als  junior executive logistics information artistic business operational manager van het Gentse festival niét aangewezen toen ik als geaccrediteerde eigenlijk de zaal moest verlaten. Dank u Elke en excuses als je ook maar iets van al mijn opmerkingen als kritiek op uw werk hebt beschouwd (maar het was daar toch wel koud!). Lacht aanstekelijk, ook als de film flauw is en heeft nu haar rust zeker verdiend.

Jan nam zijn job serieus en vertelde ons dus niets over de kleine kantjes van Octavia Spencer. Net niet genoeg tegengekomen, want zijn fascinatie voor allerlei rare onderwerpen maakt van hem een interessante mens. De zware jongens zijn dus honden. Bekloeg het gebrek aan enthousiasme voor Hongaarse cineasten.

Voor Alexander mochten het gerust aan één stuk door kostuumdrama’s met Judi Dench zijn, al is de aanwezigheid van een knappe hoofdrolspeler ook al voldoende. Kon wegens het braaf vervullen van engagementen en verantwoordelijkheden niet het onderste uit de kan halen, maar liet zich als nieuwkomer graag overvallen door de weelde aan films, ook al kon men op de persdienst geen van zijn vragen beantwoorden.

Bedankt allemaal!

En nu slapen, uitzieken, herademen, afwassen… en eens naar de film.

The End





Generatie Gruwel

13 10 2011

Mijn leerlingen blijken meer dan verzot te zijn op de Happy Tree Friends, waarvan er een hele serie korte filmpjes te vinden zijn. De hoofdpersonages komen in elk filmpje op de meest bloederige en gruwelijke wijze aan hun einde.

Ik vind dat allemaal bijzonder ziek, shockerend, grof en walgelijk!

 

 

En vooral heel erg grappig.

 

 





Keep on rollin’

12 10 2011

In de zomer van 2005 bezocht ik New York en daar hoorde beslist ook een wandeling door Central Park bij. Een opvallende plek daar is een piste waarop gerolschaatst wordt op muziek en waar dagelijkse skaters en rollers samenkomen om zich onder bewonderende blikken van toeristen uit te leven.

Een van de opmerkelijke figuren die ik daar bezig zag was deze dame, een senior haast, die zich met veel bravoure al rollend voortbewoog en zich als een eerder atypische deelneemster manifesteerde – in wat sowieso wel een allegaartje van mensen was. Ze gaf  nieuwe dimensies aan het begrip ‘opvallen’ en stal dus echt de show. De bril, de polsbandjes, het jurkje, … overdachte details die het plaatje compleet maakten.

Onlangs trok ook mijn schoonzus-in-wording naar New York en Central Park stond zeker ook op haar programma. Afgelopen weekend bekeek ik haar foto’s… en daar zat deze tussen.

  Dat vonden wij nu toeval, zie.





De zoekende mens (5)

8 10 2011

Het is alweer enkele maanden geleden dat ik even stilstond bij de vreemde, bizarre of grappige zoektermen die mensen naar deze blog leiden.

Beeld u de anonieme internetgebruiker in die met vragen zit rond:

  • tom coninck zijn lengte
  • rusland poeperkesdag
  • hoertje snoopy te antwerpen
  • een koe melken met je mond
  • mooie nederlandse secretaresse met bril
  • niet beschikbare heilige
  • de moord op pastoors
  • tumor op je kont
  • angst voor designmeubels

Wie die mensen zijn, ik wil het vaak niet weten. Maar het fascineert me wat gaande is in de geesten van sommige mensen.

Mensen zoeken ook informatie over:

  • conny ocmw ledeberg
  • klacht kruidvat ledeberg
  • broeders van liefde sekte
  • algemene vorming van personen
  • de film over breien in clubverband

En wat hopen mensen te zien te krijgen als ze deze zoektermen intypen?

  • stoffige nerd
  • opgehangen neger
  • denkende cavia
  • strontvervelend bezoek

Interessant vond ik deze:

  • onwetendheid is geen argument.
  • ontvangst west-vlaanderen door getatoeeerde lady
  • gefascineerd door degelijke gebouwen


Zoals u wel weet stel ik me ook altijd vragen bij de schijnbare onkunde om effectief zaken op te zoeken. Veel mensen blijven het internet als een soort alwetende robot beschouwen die hun vragen, onder welke vorm dan ook gesteld, keurig kan beantwoorden. Van sleutelbegrippen heeft men nog nooit gehoord.

  • haar muziek wordt bij een bekend parfumclip afgespeeld
  • hoe laat een tekenaar snelheid zien?
  • wie staat er achter de deelnemers van Komen Eten?
  • waar is de politie het dichtste bij?
  • convert to english: dit is mijn neefje dat zeggen meer mensen hij lijkt ook meer op mij sinds hij krullen kreeg.

En dan ongetwijfeld verontwaardiging bij gebrek aan een antwoord…

De spellingsprijs gaat deze keer naar: inde gloori zingen voor pensionerring

 

 

De vorige Zoekende Mens vindt u hier.





Pim Pam Pet

7 10 2011

In de klas:

‘Een lichaamsdeel met een … F!’

Tiebe: ‘Fukjoevinger!’

Geldig antwoord, toch?





Het verschil is het kwaliteit

5 10 2011

De buurt waar ik werk valt niet bepaald de meest florissante te noemen. Dat de scholingsgraad van de bewoners niet fameus is, wordt soms echter weinig subtiel geïllustreerd.

En Frituur Dampoort verbouwd. Het interieur gesloopd, alles geverft, nieuw meubilair geïnstalleert. Kortom: men vernieuwd.

Men zou nog kunnen hopen dat er een dubbel punt ontbreekd (“Vernieuwd: het interieur”), maar dit spandoek volgd gewoon het niveau van de bediening: belabbert. Hoe vernieuwt het interieur zal zijn, zal ik overigens nooit te weten komen. Die belediging op mijn frieten die laatste keer, smaakte niet echt.

Dat de doorsnee Dampoort-ondernemer taalkundig gezien aan het korte eind trekt, het zij zo. Maar ergens vraag ik me toch ook af of de bedrijven die dit soort spandoeken en publiciteitsborden maakt, niet over één geletterde werknemer beschikken? Ergens moet toch iemand stilstaan bij deze flaters?

Maar goed. Het is dag van de leerkracht. Met volle overtuiging blijven we voor juist taalgebruik ijveren, al wil de wereld om ons heen vooralsnog niet mee. Dampuurt University, de grap is uitgewerkt.








%d bloggers liken dit: