Afdokken (1)

2 10 2013

DOK37Op DOK heb ik de voorbije maanden met heel veel plezier gewerkt – een uitgebreidere beschouwing volgt nog – maar nu en dan was het ook wel eens op de tanden bijten bij omgaan met een heel divers publliek. De bezoekers een goeie service bieden, maakte voor mij deel uit van de aantrekkingskracht van het werk, maar na laatst opnieuw enkele uren de kassa bemand te hebben, raakte ik stilaan horendol van een aantal steeds weerkerende vragen.

Een drankkaart kon je op DOK verkrijgen voor 5 euro.  De prijs stond daarvoor duidelijk aangegeven en om de argeloze, al dan niet nieuwe bezoeker niet te overladen met info, was dat dan ook de enige zichtbare boodschap aan onze kassa. Vragen als ‘hoe lang is deze kaart geldig’ en ‘kan je daar ook mee eten?’, vond ik aannemelijk en beantwoordde ik met een glimlach. Maar dan had je dit soort vragen:

‘Hoe werkt dat hier?’

(U geeft me geld en ik geef u een drankkaart)

‘Hoe marcheert dat met zo’n drankkaart?’

(Dat marcheert goed)

‘Moet ik hier zijn voor bonnekes?’

(Neen, hier verkopen wij frieten, bloembollen en kandelaars, maar dat paste niet op het bord, dus hebben we er ‘bonnen’ op gezet)

‘Hoeveel bonnetjes zitten er op een drankkaart?’

(Wat maakt dat uit als u weet dat de waarde 5 euro is?)

‘Kan ik daar dan 5 consumpties mee kopen?’

(5 gratis watertjes van de kraan misschien maar verder willen we wel iéts verdienen.)

‘Hoeveel kan ik daar mee kopen?’

(Dat weet ik niet. Misschien om 5 euro?)

‘Kan ik ook een kaart van 3.5 euro kopen?’

(Nee want dan zou er wel staan ‘Drankkaart 3.5 euro’)

‘Maar ik heb maar om 4 euro nodig. Wat moet ik doen met de bonnetjes die ik dan over heb?’

(Opeten? Op het strand begraven? In uw koffie dippen? Aan mij geven?)

En de hoofdvogel:

‘Hoeveel kost zo’n kaart van 5 euro?’

(107 euro en 21 cent.)





Is er een DOK in de zaal?

25 04 2013

DOK10Enkele weken geleden schudde mijn favoriete plek in Gent – DOK – de winterslaap van zich af. In stilte zijn tientallen mensen – oude en nieuwe vrijwilligers – al die tijd bezig de intussen vertrouwde verpozingsplek in de oude dokken weer gebruiksklaar te maken. Zaterdag vindt de opening plaats.

Half januari is het DOK-team weer aan de slag gegaan, onder leiding van de immer doortastende Liesbeth en Carla. Taken en verantwoordelijkheden werden bekeken en (her)verdeeld. De grote groep vrijwilligers, al lang verknocht geraakt aan DOK, werd betrokken bij de nieuwe structuur. Ik smeet me met plezier op de organisatie van de rommelmarkt.

Voor het publiek verandert er ook iets. DOK zal twee seizoenen kennen dit jaar: tijdens seizoen 1, dat komend weekend van start gaat en loopt tot eind juli, is DOK enkel vrijdag, zaterdag en zondag open. De site is beschikbaar maar de activiteiten concentreren zich op de kantine, waar intussen ook een mini-strand aangelegd werd in een avontuurlijke tuin. Seizoen 2 beslaat augustus en september. Vijf dagen per week open, met de focus op het grote strand en op zondag rommelmarkt (waarvoor de aanvragen intussen binnenstromen).  Het vertrouwde DOK, zeg maar.

Om één en ander fatsoenlijk voor te bereiden vonden op DOK al enkele klusdagen plaats. Oude en nieuwe vrijwilligers gingen aan de slag om DOK op te frissen. Er ontstond een bizarre dynamiek waarin zelfzekere betweters en bereidwillige nieuwkomers elkaar wat aftastten, maar verenigd werden door het gemeenschapsgevoel, vooral rond het middaguur wanneer het eten op tafel verschijnt. De nieuwelingen werden daarbij getrakteerd op anekdotes, maar er werd vooral veel goesting doorgegeven. Op DOK werken, doet iets met een mens.  Deze ploeg heeft er enorm zin in.

En de rest van Gent ook, hopelijk. Vrijwel zeker wordt dit de laatste zomer die men in de oude haven op deze manier kan doorbrengen. DOK wordt in het najaar overgedragen aan projectontwikkelaars. Tot die tijd kan men komen verpozen, ontspannen, feesten, genieten, relaxen, snuisteren of uw vakantiegevoel laten opborrelen. DOK is er voor iedereen natuurlijk en tracht elk wat wils te bieden. Het aantal aanvragen van organisaties of personen die op DOK iets wil organiseren, is trouwens enorm. Het programma raakt dus steeds meer gevuld en daar moet en zal dus zeker iets naar ieders gading tussen zitten, toch?

Volg de Facebookgroep van DOK of hou de website in het oog om op de hoogte te blijven, maar neem  u vooral voor uw lege zomermomenten gewoon op dit toch wat magische plekje door te brengen, nu het nog kan. Het DOK-team draagt deze zomer overigens op aan trouwe dokwerker Jeroen, die vorige week onverwachts overleed. Laat ons er in zijn naam een feestelijke zomer van maken.





Beu Ten Adem

4 11 2012

“Ze dropt het zout in de wonde van mijn dorst”

Mogelijk vindt u dit een fascinerende zin, een stukje wonderbaarlijk creatief taalgebruik, een snede pure poëzie. Dat mag. Ik vind er niets aan. Ik ben dan wel een woordliefhebber, maar ook een poëziebarbaar. Dit soort zinnen doet me niets. Ik vind het hermetisch, gezocht, betekenisloos gezwam. Maar men mag me gerust tegenspreken.

Het was ook niet precies wat de DOKvrienden voor ogen hadden, toen ze zich op zomaar een zondagnamiddag rond de DOK-stoof schaarden om er met taart en koffie de verjaardag van Els en Karlien te vieren. Na zo’n uurtje dienden we het gekeuvel te onderbreken. Ten Adem zou een optreden brengen. Muziek, performance, poëzie. Het verstoorde ons gezellig onderelkaartje, maar daar zouden we geen punt van maken. We bevonden ons in de DOKkantine en daar wordt zo nu en dan wel meer geserveerd dan enkel taart en koffie. Ongevraagd wat cultuur opsnuiven dus, we zouden dat wel een uurtje uitzitten.

De woordkunstenaar van de betreffende groep leek echter niet meteen bereid ons evenveel krediet te geven. Zijn lichaamstaal sprak al na een nummer of twee boekdelen: dat feestje, daar rechts naast het podium, stond de serene en vooral stille sfeer die hij betrachtte in de weg. Ik bekeek het toevallig even van een afstandje. Er werd in het gezelschap nu en dan wat gefluisterd en stiekem gegniffeld om de nogal hoogdravende prutpraat, maar dat leek me tot het te verwachten geroezemoes te beperken in dit soort situaties. Bij een optreden in een kantine kan je geen schouwburgsfeer verwachten. Je aanvaardt maar beter dat sommige toeschouwers slechts toevallig aanwezig zijn. Daar ga je dan maar professioneel mee om, tot je ooit eens in het soort zaal of theater terechtkomt waar je momenteel al denkt recht op te hebben.

Maar woordvoerder Bardthesque leek vastbesloten zijn plek in het universum én meer op te eisen. Hij liet tussen de nummers door wat schampere kritiek sluimeren op de cultuurbarbaren die dachten hun feestje te kunnen voortzetten. Op een bepaald moment werd de microfoon nadrukkelijk verplaatst en kreeg het feestgezelschap – dat zich nog altijd opmerkelijk rustig hield – enkel nog de rug te zien van de brabbelaar. Met een weinig subtiel handgebaar en een duidelijk minachtende boodschap was voor hem de kous af. Hij zou zijn grote woorden enkel nog richten tot de rest van het publiek, een man of tien waaronder wellicht een tante of twee, een zus en de technicus.

Ik was – ondanks mijn verstoorde zondagsrust – vastbesloten dit beleefd en verdraagzaam uit te zitten. Ik hou van taal, wie weet viel er toch hier en daar een rake gedachte op in dit met bravoure gebrachte gekakel over keuken en krachtvoer. Maar zelfs mijn meest bereidwillige hersencel slaagde er niet in bij de les te blijven. De door Bruno Vandenberghe en Topo Copy ontworpen wandkunst achter het podium bleek honderd keer interessanter. Ik had dus nog meer moeite met de sterallures van de artiest.

Neutraal bekeken kan je zeggen dat er een ongelukkige samenval van activiteiten plaatsvond. Ik zou daarbij bereid zijn voor beide partijen begrip te tonen, maar de arrogantie en onverdraagzaamheid waarmee dit door de Ten Ademfrontman aangepakt werd, was, zoals u merkt,  bloggenswaardig en bepalend.

Ten Adem noemt zichzelf obscuur. Ik ben geneigd hen vanaf vandaag nog wat anders te noemen, maar ik hou dat maar voor mezelf. Of ik verwerk het in stukje poëzie…





Ik ben een dokwerker (2)

10 08 2012

Mijn zomer is DOK, daar komt het tegenwoordig zowat op neer. Dat wil zeggen: mijn vrijwilligerswerk op de verpozingsplek DOK in Gent laat me niet los. En dat bevalt me enorm. Morgen neem ik een korte vakantie en ik vrees nu al voor het gemis. Klinkt dat ongezond? DOK is een verslaving. Dat wist ik u vorig jaar ook al te vertellen.

Ondanks het wisselvallige weer heeft DOK best al wat topdagen gehad. Er zijn dan honderden bezoekers en die hebben allemaal hun wensen en kuren. Soms doen die ons glimlachen, soms met de ogen rollen (‘Een drankkaart van 5 euro a.u.b.’ – ‘Alstublieft’ – ‘Hoeveel is dat?’). Dat betekent ook dat we het druk hebben, maar we verkiezen die inspanning boven werkloos naar een nat strand en leeg terras te staren. Op zo’n druk dag zweten we en zuchten we, vinden amper tijd voor pauze, worden dorstig en hongerig, vergeten onze zonnecrème, stellen een wc-bezoek uit en voeren een gevarieerde reeks taken uit waarvan het van het strand oprapen van lege potjes babyvoeding tot nu toe gelukkig de minst aantrekkelijke zijn, … maar eigenlijk vinden we dat allemaal fantastisch.

We, zeg ik bewust, want aanvankelijk onthou je je tegenover de tijdelijke collega’s van uitspraken over hoe leuk het is om op DOK te werken. Je durft niet te bekennen dat je eigenlijk wel iedere dag zou willen komen. Dat je na je shift expres blijft plakken. Dat je te vroeg komt of spontaan een handje toesteekt als je eigenlijk niet van dienst bent. Maar dan zie je dit zich steeds nadrukkelijker manifesteren bij je collega’s en waag je je toch aan een opmerking. Of een minder terughoudende collega bekent luchtig hoe fijn het hier is en we zijn hem of haar dankbaar om dat uit te spreken. Nu draaien we niet meer om de pot: we zijn allemaal verzot op DOK.

Onze ‘bazen’ – het formidabele team CarlaLiesbethSofieRudiMichielBartPeter, kortom de Jos – spelen daar een grote rol in. We zien ook wel dat zij nog veel harder werken, iedere taak zonder verpinken opnemen, uren en uren overwerk doen, nergens voor terugdeinzen en elk probleem kalm en standvastig oplossen. Net als vorig jaar neem je die voorbeelden onbewust op. Dat stimuleert.

Maar dat speelt niet de grootste rol. Hoewel de groep medewerkers best groot is en we elkaar niet allemaal kennen, ontstaat er na een tijd toch een soort groepsdynamiek, een vrijwilligersvibe waarin ieder zijn rol heeft. Sommigen hebben hun eigenaardigheden – té vaak de schoonmaakvod bovenhalen, het opvullen van de frigo’s uitstellen, iets te veel aandacht eisen, graag vertellen hoeveel shifts hij of zij er al op zitten heeft, ik zeg maar wat – maar dat verhindert niet dat we het daar eigenlijk best gezellig hebben. En onze bezoekers met ons natuurlijk, hopen we. Het klinkt als een torenhoog cliché, maar samenwerken levert echt grote voldoening op.

Dus, in nog grotere mate dan vorig jaar, moet ik bekennen dat ik een werkvakantie op deze manier verkies boven een luilekkervakantie. In afwachting tot die andere fantastische job weer begint, blijf ik dus met plezier DOKken met Els, Evelien, Davy, Nele, Karliener, Marc, Ann, Patricia, Jeroen, Frank, Tjeu, Vincent, Katrien, Karel, Caroline, Kathleen, Pierke et les autres. In de vurige hoop dat DOK er volgend jaar nog altijd is.

Lees ook: Ik ben een dokwerker (1)

Website DOK





Ondertussen op DOK

15 07 2012

De Gentse Feesten zijn nat maar energiek uit de startblokken geschoten, en het is elke Gentenaar en niet-Gentenaar van harte gegund daar tien dagen lang volop van te genieten. Intussen blijft echter aan de rand van het feestgedruis de verpozingsplek DOK rustig zijn gang gaan en het moet gezegd, dat verdient ook zijn aandacht.

Het DOKstrand heeft er de voorbije weken natuurlijk vooral nat bijgelegen. De grote massa laat dus wat op zich wachten, al zijn enkele uren zonneschijn soms al voldoende om een pak mensen naar deze oase van rust en gezelligheid te lokken. Zelfs bij wat minder tropische temperaturen kan het aangenaam zitten zijn op het DOKterras. Bovendien is er zelden niets te doen. Zo kan je er tijdens de feesten van een massage genieten en op zondag komt zelfs de kapper langs. En dat zijn dan niet eens de voornaamste initiatieven. De workshops, de dj’s, de optredens, de films, de markten: er bestaan handige overzichtjes op websites en zo, u bekijkt het maar.

Heel wat inwoners van Gent ontdekken DOK nu pas. Het is nochtans een laagdrempelig gebeuren, dat u weinig geld hoeft te kosten en u een sfeervolle namiddag of avond garandeert. Om plek voor jong en oud ook, om maar eens een cliché van stal te halen. Een plek voor ontmoeting, feest, rust, ontspanning. Een vakantiebestemming voor wie thuis blijft. Die dankzij de nieuwe fietsbrug zelfs nog makkelijker bereikbaar is dan voorheen.

De initiatiefnemers willen dat met dit schitterende filmpje nog eens benadrukken. Voor wie tijdens de feesten wil op krachten komen of na de feesten wil bekomen, staat een strandstoel klaar.





Ik ben een dokwerker

22 08 2011

Het voorbije weekend beleefden we op DOK een topweekend. We, zeg ik, want sinds enkele weken voel ik me als vrijwillig medewerker op het DOKstrand en de DOKmarkt een klein radertje van een steeds vlotter draaiend geheel.

Het was in de eerste plaats aan de zon te danken dat het unieke en tijdelijke Gentse strand zaterdag en zondag zo veel volk lokte, maar daarnaast was DOK ook de locatie waar de Amerikaanse groep Sebadoh zijn optreden heen verplaatste nadat het op Pukkelpop afgelast werd – U vernam het ongetwijfeld in de pers. Meer dan tweeduizend bezoekers kwamen dus de voorbije dagen over de (hier en daar wat losliggende) vloer. Ook de wekelijkse rommelmarkt op zondag trok weer heel wat volk. Voor alle medewerkers was het dus doorbijten, en ik snakte op een bepaald moment echt naar een douche, bad en maaltijd tijdens mijn 12-uur durende shift, maar dan zie je al die anderen even hard zwoegen en ga je dus door tot de laatste bezoeker door het hek verdwenen is.

Het viel me eigenlijk al meteen op: dat de mensen van DOK (gevormd door een samenwerking van CirQ, Ladda en Democrazy) keihard werken en de lat hoog leggen. Hun gedrevenheid en veeleisenheid zorgt er voor dat ook alle vrijwilligers graag meedraaien in de mallemolen. Het goede humeur kan er al eens bij inschieten, uiteindelijk is het bewonderenswaardig dat deze groep mensen zo’n prachtiniatief ontwikkeld heeft zonder dat ze daar zelf veel bij winnen. Wat niet wil zeggen dat er geen commerciële belangen spelen.

Bij DOK betaalt u echter geen toegangsprijs. Het strand en de gezellige sfeer is gratis. Een strandstoel of parasol kost u geen geld. Zelfs het toiletbezoek kost niets. De drankjes zijn schappelijk geprijsd  – enkel de croque-monsieur vind ikzelf echt te duur en dat laat ik niet onvermeld. Maar men kan de organisatoren dus bezwaarlijk beschuldigen van geldklopperij. De Gentenaars en anderen een plek van verpozing bieden, is het voornaamste doel.

Dat doet men niet halfslachtig. Iedere dag worden klusjes geklaard en kinderziektes weggewerkt. Geen detail wordt verwaarloosd. De dag dat alles op punt staat, komt er misschien nooit – DOK is een tijdelijk project – maar men blijft er dan ook maar nieuwe initiatieven nemen en verse ideeën uitproberen. Wie me kent, weet dat ik ook graag de lat hoog leg en oog heb voor details, en dus bevalt mijn vakantiejob bij DOK me enorm. Los daarvan zijn er ook een boel fijne mensen te vinden onder de medewerkers en tref ik er elke dag wel iemand die ik ken.

De miserabele zomer heeft DOK natuurlijk al parten gespeeld. Er waren dagen dat geen mens opdaagde of de keet ongewild vroeg de deuren sloot. Anderzijds tonen drukke dagen ook dat het opgelegde maximum van 1000 aanwezigen, echt niet te laag is. Een hele zomer lang iedere dag die limiet bereiken zou de job eerlijk gezegd te slopend maken. Nu kunnen we af en toe ook eens onze voeten in het koele zand steken en dat maakt dat dit werk voor mij een ideale manier is om de zomer door te brengen, vooral dan nog eens omdat ik geen tuin heb en hier gewoon buiten leef. DOK vindt volgend jaar opnieuw plaats en zelfs al mochten we dan af te rekenen krijgen met een helse hete zomer, wil ik graag weer bij zijn.

Wat is daar nu eigenlijk zo fijn aan, dat werken terwijl je eigenlijk vakantie hebt, en dat aan een vrijwilligersvergoedinkje? Tja, vakantie maakt me nogal snel lui en soms begin ik me wat nutteloos te voelen. Ik geef op deze manier graag invulling aan mijn overschot aan vrije tijd. Met twee dagen per week had dat ook opgelost geweest, maar DOK werkt verslavend: ik ben er graag. En ik moet het niet ontkennen: ik werk graag. Ik doe anderen graag een plezier en wil het mensen naar de zin maken. Ik ben dan wel niet handig of sportief, maar een fysieke inspanning schrikt me niet af en dus biedt het werk me veel voldoening. Of ik nu op de parking sta, aan de bonnenstand, aan de ingang, op de markt, op het strand of in het leeggoedkot. Gevarieerd is het werk dus ook nog.

In zekere zin roept het werk op DOK een klein beetje het gevoel op dat ik als student vele zomers lang ervaren heb, als monitor op de speepleinwerking. Ook toen bracht ik mijn zomer graag al werkend door, in het gezelschap van leuke mensen. Op DOK is er niet zo veel tijd om iedereen te leren kennen, maar dat is voor mij geen prioriteit en bovendien vind ik het toch altijd weer genoegen doend om samen te werken met onbekenden en dan te ontdekken dat dat vlot gaat. Op DOK heeft men zijn vrijwilligers goed uitgekozen: ik heb me nog geen enkele keer geërgerd aan de laksheid of kortzichtigheid van anderen. Op school moet ik het eigenlijk meer op de tanden bijten.

Een markant figuur is Pierke. Hij is 53 en hoopt snel invalied verklaard te worden. Zijn voornaamste taak is draaien aan het kindermolentje. Dat is al wat versleten en moet af en toe gesmeerd worden, en dat geldt ook voor Pierke zelf. Ook Kamal is een andere vaste waarde op DOK. Zijn Hollandse tongval gaat gepaard met enthousiasme, en wat zo fijn is, is dat hij ook aangeeft dat mijn enthousiasme ook hém stimuleert. De Italiaanse Francesca leest tijdens stille momenten De Ondraaglijke Lichtheid van het Bestaan. In het Nederlands! Maar het woord efkes heb ik haar toch moeten uitleggen. Lijn creëert steevast haar eigen taken en aarzelt niet mensen terecht te wijzen. Dat ik haar al enkele jaren ken, maakt het erg makkelijk. We moeten niet meer wikken en wegen als we elkaar aanspreken. En dan is er nog mijn bazin, Carla. Nooit moe, altijd aanspreekbaar en iemand met wie het aldus heel fijn samenwerken is. Toen ze mij op de DOKmarkt bezig zag alsof ik voor een grote klas stond, legde ze het lot van de standhouders al snel ook in mijn handen. Sommige mensen krijgen zelfs op hun échte job niet zo’n waardering.  De zondag is dus alvast mijn favoriete DOKdag.

En dan zijn er nog al die anderen: Liesbeth, Els, Kris, Bart, Frank, Tom, Margot, Eva, Niels, Michiel, Suranga, Sandra, Xavier, Jonas, Jeroen, Marc, Caroline, … – de drie vzw’s samen lijken wel uit tientallen en tientallen medewerkers en vrijwilligers  te bestaan die ik met mondjesmaat leer kennen en (in min of meerdere mate) appreciëren.

Binnen afzienbare tijd begint het schooljaar weer. Ik heb daar zéér veel zin in. Maar mocht de zomer nog een week of drie langer duren, ik zou dat als dokwerker helemaal niet erg vinden.








%d bloggers liken dit: