De lont is Uyt

11 02 2013

De Kruitfabriek blijft voor mij een programma met veel potentieel en regelmatig genoeg een sterk moment om de volgende dag terug te willen kijken, zelfs nu het programma op een veel minder geschikt tijdstip wordt uitgezonden. Maar vandaag viel nog maar eens op dat Mark Uytterhoeven op zijn eentje het programma meteen naar een volwaardig niveau verheft, wat Tom Lenaerts vooralsnog geenszins gelukt is.

Vandaag koppelde Uytterhoeven sport en poëzie moeiteloos aan elkaar, voorzag hij het gesprek van een ongelooflijke dynamiek,  betrok hij elke gast moeiteloos bij elk onderwerp, kortom: de boel draaide en de kijker verveelde zich geen moment.

Het moet hard zijn voor de makers van dit programma, dat hun inspanningen slechts een povere opbrengst kennen. Die voortdurende bijsturing zal het programma ten goede blijven komen, maar durft niemand het aan de vinger op de wonde te leggen en maar gewoon te zeggen dat Tom Lenaerts de lont gewoonweg niet aan het branden krijgt? Uytterhoeven is en blijft een enorm getalenteerd televisiemaker en zijn kruit is nog lang niet verschoten.

Advertenties




Niet willen

12 01 2013

Wil Herman Schueremans zich schamen en publiekelijk toegeven dat zijn politieke avontuurtje een winstgevend zaakje was waar bijzonder weinig inzet voor nodig was? Wil Koningin Fabiola eens stilstaan bij haar eigen maatschappelijke nutteloosheid en zorgen dat er iets zinvol met die erfenis gebeurt? Wil Annemie Struyf in godsnaam stoppen met zagen over de reclame op Vier en wil de media ophouden haar daar vragen over te stellen? Willen diezelfde media ook een einde maken het continu melding maken van de tweede Oscarnominatie voor Matthias Schoenaerts, aangezien die nominaties voor films zijn en niet voor hemzelf en hij dus tot op dit moment nul keer genomineerd is? Dat is evenveel als Jacky Lafon.

Alstublieft?

Dank u





Dit was het nieuws (niet)

16 12 2012

The-Broken-Circle-BreakdownDe voorbije week werd in de pers meegedeeld dat The Broken Circle Breakdown, de bekende film van Felix Van Groeningen, de tiende plaats bereikt had in de top 10 van meest bezochte Vlaamse films. Dat is eigenlijk helemaal niet het geval.

De titel van het persbericht luidde nochtans: ‘THE BROKEN CIRCLE BREAKDOWN IN TOP-10 VAN BEST BEKEKEN VLAAMSE FILMS’. De verspreider van het bericht, verdeler Kinepolis, zette daarmee heel wat journalisten op het verkeerde been. Iets verder in het korte bericht stond immers ter verduidelijking dat het de bezoekerstop betrof sinds 2000, maar u en ik weten ook wel dat de meeste journalisten wel zeer weinig moeite doen om hun bronnen te checken, of, in dit geval, grondig te lezen wat er staat.

Je zag deze week dan ook overal de onvolledige versie van het bericht opduiken, in kranten, op facebook en in het radionieuws. Op zich is de schade die deze verkeerde info veroorzaakt, minimaal. Je doet ten hoogste enkele films oneer aan door te vergeten dat ze veel meer bezoekers haalden dan The Broken Circle Breakdown, een film die zijn bezoekers overigens verdient (net als Offline trouwens!).

Omdat correcte informatie een betrachting mag zijn en blijven, zeker als het over filmnieuws gaat, hier de twee lijstjes. En misschien ook een heel klein beetje omdat het anders lijkt dat Jan Verheyen wel erg veel verdienste opstrijkt, want in de algemene top 10 komt hij immers niet voor.

de Vlaamse Top-10 sinds 2000
1. Loft (2008) van Erik Van Looy (1.194.434 bezoekers)
2. De Zaak Alzheimer (2003) van Erik Van Looy (755.559)
3. Frits en Freddy (2010) van Guy Goossens (480.020)
4.Rundskop (2011) van Michaël R. Roskam (469.967)
5. De Helaasheid der Dingen (2009) van Felix van Groeningen (454.435)
6. Zot van A. (2010) van Jan Verheyen (447.324)
7. Dossier K. (2009) van Jan Verheyen (415.159)
8. The Broken Circle Breakdown (2012) van Felix van Groeningen (401.271)
9. Team Spirit 2 (2003) van Jan Verheyen (354.920)
10. Team Spirit 1 (2000) van Jan Verheyen (337.033)

de Vlaamse Top-20 aller tijden
1. Loft (2008) van Erik Van Looy (1.194.434 bezoekers)
2. Koko Flanel (1990) van Stijn Coninx (1.082.000)
3. Hector (1987) van Stijn Coninx (933.000)
4. Daens (1993) van Stijn Coninx (848.000)
5. De Zaak Alzheimer (2003) van Erik Van Looy (755.559)
6. Oesje (1997) van Ludo Cox (670.609)
7. Max (1994) van Freddy Coppens (643.000)
8. Mira (1971) van Fons Rademakers (642.000)
9. De Witte van Sichem (1980) van Robbe de Hert (540.000)
10. Paniekzaaiers (1986) van Patrick Lebon (500.000)
11. Frits en Freddy (2010) van Guy Goossens (480.020)
12. Rundskop (2011) van Michaël R. Roskam (469.967)
13. De Helaasheid der Dingen (2009) van Felix van Groeningen (454.435)
14. Zot van A. (2010) van Jan Verheyen (447.026)
15. Dossier K. (2009) van Jan Verheyen (415.159)
16. Team Spirit 2 (2003) van Jan Verheyen (354.920)
17. Team Spirit 1 (2000) van Jan Verheyen (337.033)
18. Zware Jongens (1984) van Robbe de Hert (365.000)
19. The Broken Circle Breakdown (2012) van Felix van Groeningen (318.000 op 12/11/2012)
20. Ben X (2006) van Nic Balthazar (317.683)

Het komt er op neer dat er dus vrijwel niets bijzonder te vermelden viel over The Broken Circle Breakdown, maar nieuws wordt tegenwoordig gewoon gemaakt, en niet gevonden. Wat dan weer wel een meevaller is dat de film die uit de top 20 valt, Jan Verheyen’s desastreuze Boys is. Hèhè.





#helemaalmee

30 11 2012

De paus gaat twitteren en facebooken. De media vinden dat hij dus ‘helemaal mee’ is met de moderne communicatie.

Mee? Sorry, maar die trein is lang geleden vertrokken. Zoals de hele katholieke kerk is hij dus gewoon hopeloos achter.

En wat is er trouwens mis met zo’n ouderwetse blog? :-)





En dergelijke meer

30 07 2012

Laat dit filmpje nu eens alle commentaar overbodig maken: de burgemeester van Haaltert doet zijn zegje in een praatprogramma op de regionale zender. Met behulp van enkele vrienden zet hij het dorp in de kijker.

Haaltert op TV Oost

(update: het betreffende filmpje staat intussen niet meer op de site… jammer)





De triomf van de leeghoofdige kip (2)

16 04 2012

Het is intussen al vier jaar geleden dat ik dit stukje schreef, uit ergernis omdat zo veel vrouwelijke sidekicks zich wentelen in onnozelheid. Linde Merckpoel moest het ontgelden – dat was niet zo aardig van mij – en blijft met dat artikel ook nog steeds opduiken wanneer Googelaars haar naam intypen. Is er intussen enige verbetering zichtbaar?

Vanochtend stond mijn radio zo min of meer per ongeluk weer op Studio Brussel. Ik dacht dat even te verdragen en was benieuwd waarmee het olijke duo Thomas De Soete/Linde Merckpoel me wakker zou weten te krijgen. Dat bleek rond kwart voor zeven een rubriek te zijn die gewijd was aan het moppentalent van Linde.

Ik kan me geen onaangenamer begin van mijn nieuwe werkweek voorstellen, eerlijk gezegd. In enkele seconden schoot mijn bloeddruk omhoog, als gevolg van de zenuwslopende wijze waarop Merckpoel de grap ten berde bracht. Ik waande me een kleuter van 5 die door de juf werd toegesproken alsof ik 2 was. De geforceerd vrolijke, haast hysterische wijze waarop Merckpoel met schelle stem haar verhaaltje naar de hoofden van pas ontwakende luisteraars slingerde, was een ware marteling. Terwijl de nadrukkelijk gearticuleerde zinnen tegen mijn hoofd beukten, kon ik maar één ding bedenken: heeft Linde Merckpoel al een keer naar zichzelf geluisterd?

De radio als kweekvijver voor televisie-persoonlijkheden… ik blijf me afvragen wat iemand ooit in dit mens zag en hoop haar de komende vier jaar opnieuw ver buiten mijn gezichts- en vooral gehoorsveld te houden. Botte kritiek, ik weet het, maar het moest er even uit.

In aanverwante ergernis: ook An Lemmens ‘ naam viel destijds, toen het over kinderlijke presentators ging. Zij heeft het intussen helaas wel tot een echte tv-persoonlijkheid geschopt en dat blijf ik een groot mysterie vinden. Heeft nu werkelijk nog geen enkele tv-bons met een minimum aan kritische ingesteldheid eens vijf minuten naar Lemmens gekeken of geluisterd? Ik zie echt niet meer dan een babe die met alle moeite van de wereld de autocue tracht af te lezen, met een gigantisch gebrek aan naturel. Eens die voorbereide tekst wegvalt – bij een gesprekje met een kandidaat bijvoorbeeld – verdwaalt Lemmens al meteen in een bos van onnozele vragen en slaapverwekkende dooddoeners, alsof ze een bomma op de markt is. Lemmens presenteert niet, ze speelt dat ze presenteert. Haar mimiek heeft ze daarbij geenszins onder controle.

Nu kan je dat wel makkelijk als zure praat van een geërgerde kijker beschouwen, maar mijn essentie is: heeft An Lemmens ook maar eens van iemand enige instructie gehad? Is ze op wat voor wijze dan ook opgeleid om een programma te dragen? Televisiepersoonlijkheid noemen ze dat. Dat is dus synoniem voor poppemieke dat voorgekauwde praat uitkraamt. Zet daar iemand als Rani De Coninck of Francesca Vanthielen naast en je merkt het verschil meteen. De programma’s van deze dames kunnen me evenmin boeien, en de dwingende familiaire toon die op vtm gemeengoed is geworden tegenover allerlei kandidaten, is een zwak, maar verder kunnen deze dames zowat alles aan. Die hebben persoonlijkheid, al hoef ik ze daarom niet eens tof te vinden.

Er zijn ongetwijfeld nog tal van andere tv-kippen die dezelfde kritiek verdienen – Saartje Vandendriessche is zelfs een kip zonder kop – maar ik ambieer nu eenmaal geen alles beslaande thesis. Enkel een ouderwets stukje zagen.





Dringend af te schaffen (2)

10 05 2011

Ik vind dat de airtime die Radio 1 besteedt aan Eva d’er over.





Streven naar debiliteit!

23 03 2011

Ik tracht tweewekelijks de vaak eentonige bezoekjes aan mijn hoogbejaarde grootmoeder te doorstaan door o.a. het showbizzmagazine Story te doorbladeren. Enkele maanden geleden kreeg het weekblad een kersverse en piepjonge hoofdredacteur. De aanstelling van Frederik De Swaef liet me als mediaconsument benieuwd raken naar wat hij met dat blad zou aanvangen. Zo wilde ik wel eens lezen met welke woorden De Swaef zijn lezers verwelkomde in het obligate inleidende stukje.

Ik weet uit betrouwbare bron dat De Swaef intelligent kan genoemd worden, kennis van zaken heeft, doortastend is, zelfzeker misschien. Ik geloof ook dat hij zijn vak kent en dat hij zich flink laat betalen om andere bladen advies te geven. Geenszins een idioot of randdebiel dus. Hoe komt het dan dat zijn stukje, waarmee Story iedere week opent, van zo’n bedroevend laag niveau is?

Uit de povere structuur van zijn tekst, de armtierige zinsbouw, de magere woordenschat en vooral de haast marginale toon waarmee hij zijn lezers aanspreekt, kon ik enkel maar concluderen dat het een afspiegeling was van de manier waarop De Swaef zijn lezers percipieerde: als ingedommelde gepensioneerden, ongeschoolde huisvrouwen, laaggeletterde werklozen zelfs. Dat vind ik niet erg, en ik wil het geenszins opnemen voor de lezers van Story. Wie dit blad graag leest, is waarschijnlijk ook echt dementerend, laaggeschoold of hersenloos, waarmee ik niet eens wil zeggen dat zij geen leesvoer van hoger niveau aankunnen. Maar moet je jezelf als schrijver dan tot dat niveau verlagen? Mag je je rotzooi niet een beetje stijlvol verpakken? Kan je niet – en dit is mijn schoolmeesterreflex – je lezer wat trachten bij te brengen?

Maar eigenlijk gaat het me om iets anders. Het inhoudelijk beleid van Story wordt bepaald door iemand die zelf geenszins tot de doelgroep behoort, die zelfs nauwelijks geïnteresseerd zou zijn in Story als hij er niet zou werken. Mocht hij accountant zijn, of docent, of jurist, zou hij Story toch geen blik waardig achten? Maar ook dat tot daar aan toe. Iedereen moet werken en mogelijk is men liever een goedbetaalde hoofdredacteur van een succesvol blad dan een anonieme marketeer of zo. Al halen de kerels van Basta je dan door het slijk.

Een vergelijkbare situatie: in Humo werd vtm-programmadirecteur Jan Segers geïnterviewd, die me sterk de indruk geeft dat hij een programma als Familie – een geestdodend onding – goed vindt. Toch durf ik betwijfelen of hij dit programma maar een blik waardig zou vinden als hij in een andere sector zat. Zijn iet of wat artistieke look – ongeschoren tronie, ongekamd haar, typisch alternatief pak, rijmt daar wat mij betreft ook niet mee, maar laat ik u niet vermoeien met mijn hardnekkige overtuiging dat er waarheid zit in vooroordelen rond iemands uiterlijk. Ik wil maar zeggen: als er al iets als een typische vtm’mer bestaat – natuurlijk wel! – dan is het alleszins niet Jan Segers.

Nog eentje: In Idool 2011 zie ik Sylvia Van Driessche, hoofdredacteur van Joepie, zetelen. Ze heeft het voortdurend over ‘mijn cover’, waarmee ze de voorpagina van het tienerblad bedoelt. Ze vereenzelvigt zichzelf in zekere mate met een blad dat gericht is op (overwegend) meisjes in een periode van hun leven waarin hun aandachtsspanne ultrakort is en hun interesse niet verder reikt dan hun navel.  Van Driessche lijkt een evenwichtig persoon te zijn, en ze is dan nog getrouwd met Jelle De Beule, één van de creatiefste televisiemakers van dit moment. Hoe kan zo iemand zich dan dag op dag bezighouden met het kapsel van Justin Bieber? Uiteraard kan Van Driessche zelf niet tot de doelgroep behoren van haar product, maar ik kan moeilijk aannemen dat ze de oppervlakkigheid en onnozelheid van Joepie ook in haar dagelijks leven nastreeft.

Waar het dus op neerkomt, is dat ik me afvraag hoe zulke mensen dag in dag uit al hun energie willen besteden aan zaken die ver af staan – zo veronderstel ik toch – van hun eigen waarden en normen. Of moet je om in de media te werken gewoon over extreem flexibele – lees: vage –  normen beschikken? Maar toch. Ik kan niet achterhalen wat de drijfveer is van mensen om een beroep te kiezen dat de debiliteit van de samenleving verhoogt.  Ik zou nooit het soort onderwijs kunnen geven dat ik zelf niet zou willen krijgen als kind. Een bakker lust toch ook zijn eigen brood?

Story, vtm en Joepie zijn daarnaast ook eens op de massa gericht en hun bestaansreden is enkel commercieel. Is het toch niet een beetje eng dat het  gedrag, de smaak, de mening, de ontspanning  van een grote groep mensen, bepaald wordt door een heel andere (kleinere) groep? Maar die grote groep laat zich dan ook gráág leiden. In rijen van twee richting lobotomie.

Gelukkig mag ik morgen weer naar mijn formidabele job.





Melkmuil

19 03 2011

Ook een schertsfiguur heeft zo van die dagen dat het meezit. Pieter De Crem moet wel heel erg in zijn nopjes zijn momenteel. Eindelijk van belang! En nu maar hopen dat die harde beelden niet uitblijven, waar hij zo naar verlangt.

Maar de man wist afgelopen week ook op een andere manier de media te halen. Zijn talent – inhoudloos lullen – bereikte deze week immers een hoogtepunt, door een wel erg  vergezochte, en wellicht volkomen geïmproviseerde vergelijking: ‘Kijk, een koe kan je niet melken met de handen in de broek. Maar wel met de broek in de handen. Het is misschien geen zicht, maar dan heb je tenminste resultaat.‘ Onwaarschijnlijke kul, uiteraard,  – want hoe kan je een koe melken terwijl je ook een broek vasthoudt?  – maar ik feliciteer de minister met zijn creatief taalgebruik. Met dank aan Admiral Freebee overigens.

Het zal Crembo worst wezen natuurlijk. Hij beleeft zijn hoogdagen nu de Belgische inmenging in het Libisch conflict en de daarbij horende, verrassende consensus onder de politieke partijen, volledig zijn verdienste lijken. Wanneer zijn grootheidswaanzin en mediageilheid met hem aan de haal gaat, zie ik hem nog een no-fly zone instellen bij het eten van soep – haha! Als hij maar in de krant komt. Want kijk, je kan wel premier worden met je smoel in de krant, maar niet met een krant in je smoel. En beter met je kop op tv dan een tv op je kop. Al zal ook dat nooit een zicht zijn.

Laat ik met dit onbetekenend stukje niet meer betrachten dan mijn afkeer voor dit sujet te etaleren, maar vooral zijn formidabele uitspraak archiveren. Omdat net hij vindt dat we ons moeten bezinnen over de gevaren van het fenomeen ‘bloggen’. Hij kan voor mijn part nooit genoeg illustraties daarvan vinden.

(foto: hier gevonden).






Hemmerechts houdt niet van ruw

29 01 2011

Kristien Hemmerechts kwam deze week in Reyers Laat vertellen dat ze Gunter Lamoot exemplarisch vond voor de steeds flauwer en grover wordende Vlaamse stand-up comedy. Ze nam daarbij het risico een flauwe trut genoemd te worden, want heel wat mensen moeten wél lachten om grappen waarin de rosse van K3 een hoer wordt genoemd of een verveelde vent door zijn dochter betrapt wordt op zelfbevrediging. Dat dit soort humor aanslaat, vond ze eigenlijk nog het ergste.

Ikzelf vind stand-up comedians doorgaans oninteressant of irritant, of we het nu over Helsen, Hoste of Geubels hebben. Lamoot kan weliswaar erg grappig zijn en ik vind dat als hij als artiest reacties uitlokt, – positief zijn of negatief, hij geslaagd is in zijn taak. De grappen die de stelling van Hemmerechts moesten illustreren, vond ik noch goed noch slecht. Ik zou dan ook nooit naar zo’n zaalshow gaan kijken – afschuwelijk woord trouwens. Ik vind Hemmerechts anderzijds ook geen flauwe trut (in deze kwestie). Ik heb begrip voor haar bekommernis om de verruwing van de maatschappij, die misschien wel gegrond is. Ze had het bij uitbreiding ook over de vele homofobe en racistische uitlatingen van stand-up comedians.

Alleen zat ze er qua argumentering volkomen naast, vond ik. De link leggen tussen een grap van Lamoot en de zaak Dutroux is niet alleen vergezocht, de verruwing van de maatschappij wordt geenszins gevoed door al dan niet foute humor. Heeft Hemmerechts al eens naar Take Me Out gekeken, waarin wijven van het laagste allooi zonder enige poging tot mededogen of sympathie iedere man die zo simpel was zich hiervoor te willen inschrijven, de grond in boren? Herinnert ze zich Big Brother nog, waarin mensen elkaar moesten wegstemmen en de lezer smulde van alle conflicten? Merkt ze de massa’s lezersbrieven niet op van mensen die door het zoveelste machtige bedrijf aan het lijntje worden gehouden en daar alleen maar bozer door worden? De uitlatingen van Bisschop Léonard? De soms aanstootgevende Facebookhaatgroepen, het forum van Het Laatste Nieuws, zekere blogs waarin toffe madammen als pakweg Linde Merckpoel, Geena Lisa of Lieve Blancquaert worden afgekraakt? En – maar nu ga ik het wat ver zoeken – verneemt ze niets over de ingekrompen budgetten voor onderwijs, de plek waar de weerbaarheid tegen verruwing zou moeten gevoed worden, en dit dus met steeds minder middelen?

Is dat alles niet de mest voor de verruwing van onze maatschappij? De hoogvieringen van egoïsme en machtswellust zijn niet meer te tellen, frustraties stapelen zich op. Die humor, of pogingen daartoe, zijn toch grotendeels onschadelijk? Ik zou me veeleer zorgen maken om de populariteit van Geert Hoste of FC De Kampioenen. Daar zit immers niéts in. Het afstompen van de mensheid is gewoon een subtielere stap naar die botte samenleving.

Ik zou nog – LaatsteNieuwslezersgewijs – kunnen suggereren dat Kristien Hemmerechts strategisch haar pijlen richt op een populair onderwerp omdat dat haar meer in de kijker doet lopen dan het zoveelste geëmmer over het gebrek aan regering, om zo reclame te kunnen maken voor haar nieuwe boek. Maar dat zou flauw zijn. Er zijn toch geen nieuwe doelgroepen meer aan te boren door deze schrijfster.

Lieven Van Gils legde Hemmerechts en Lamoot ook nog een leuke sketch voor over de helpdesk in de Middeleeuwen. Die vond zij wel grappig – en dat is ze ook best wel – maar het is natuurlijk humor met een formule achter, zoals Lamoot min of meer verklaarde: verander de context van een alledaagse situatie en je krijgt een potentieel grappig resultaat. Ik heb dus gewoon de indruk dat Hemmerechts geen erg ontwikkeld gevoel voor humor heeft. Er bestaat zo ontzettend veel grovere en controversiëlere humor dan wat Lamoot brengt, maar daar heeft ze  blijkbaar nog nooit iets van gezien.

Wie de uitzending gemist heeft, kan die hier herbekijken (25/1). En overigens is de rosse van K3 geen hoer, wel een mojjer.





Dwarslezer

18 09 2010

Met grote teleurstelling vernam de wereld vorige week dat HUMO-journalist Rudy Vandendaele in het betreffende blad zou stoppen met zijn rubriek Dwarskijker. Al jaren een dinsdags hoogtepunt, deze heerlijk geschreven tv-kritiek waarin vooral de zelfoverschatting van talloze onbenullige tv-vedetten en de leegheid van de hedendaagse televisiecultuur op de korrel genomen werd. Niemand kan het zo scherp en treffend verwoorden als (rv). Geena Lisa, de Pfaffs, Eddy Wally, de Planckaerts, Sergio, … , al die uit lucht opgetrokken fenomenen werden door hem met prachtige, clichévrije bewoordingen gereduceerd tot wat ze waren en zijn: bijdragers tot het grote niets.

Al heeft het allemaal niet geholpen natuurlijk, want op de befaamde Gerrit De Cock na zag nog nooit iemand zijn carrière wegzakken door wat televisiecritici te melden hadden. Maar de woorden van (rv) gaven iedere week precies weer wat ik als kritische kijker vaak dacht maar niet onder woorden kon brengen. Hij was een steun wanneer het ons allemaal weer eens te moede werd, die vele, vele onzinprogramma’s met dwaze bv’s. Hij liet me glimlachen om wat ik eerder die week enkel ergerniswekkend vond.

Los daarvan kon (rv) ook bewondering uitspreken voor die programma’s en programmamakers die er zo af en toe wél in slaagden creatief, origineel of gewoonweg onderhoudend uit de hoek te komen. Hij leek ook van tv te houden. Ook wat dat betreft was zijn woordenschat extreem genietbaar. Hij etaleerde in zijn stukjes vaak een sprekend gevoel van nostalgie en een soort spijt om het verdwijnen van enige ernst en degelijkheid op televisie- al hoeft dat niet te betekenen dat hij terug naar de tijd van Maurice De Wilde, euh, wilde. Je kon er een bespiegeling van de mensheid in zien, zoveel  meer dan enkel tv-kritiek.

In het boek Dwarskijker werd al een eerste selectie van zijn formidabele stukjes samengebracht. Daarvoor werd geput uit de artikels die verschenen tussen 1991 en 1998. (rv) schreef  dus 17 jaar aan deze rubriek. Aannemelijk dat hij er een punt achter zet. Zijn laatste stukje, in HUMO 3651, ging over De Premiejagers (‘ik bewonder vooral het naturel van Wyndaeles superioriteitsgevoel’) en sloot af zonder afscheid. (Dat hadden we echter eerder al gehad: in juni al gaf (rv) te kennen dat het gedaan was, maar later verschenen er toch nog enkele artikels.)

(rv) trakteerde ons vorig week echter nog op een pracht van een achterafje. In een lezersbrief in HUMO reageerde hij op Goedele Liekens‘ veronderstelling dat hij haar taalgebruik in de gaten hield. Dat taalgebruik, dat ook ik eerder als taalmisbruik beschouw en dat (rv) in zijn brief omschreef als ‘een klankenspel waarmee je in bepaalde dorpen perfect kunt meedelen dat er een Brabants trekpaard op hol geslagen is‘, was echter niet het mikpunt van zijn kritiek. Hij had het eerder over de ‘kleffe familiariteit‘ van haar programma’s en de ‘met een diploma in de psychologie gemaskeerde sensatiezucht.‘ Mooi mooi! En zo terecht.

Vandendaele blijft aan het werk bij Humo. Gelukkig, maar de nieuwe televisierubriek is echt niets. Te mild, te vriendelijk (voor de bv’s die verderop  in het blad toch geïnterviewd worden), met te weinig achtergrond en vooral: zonder enige persoonlijkheid. Wie wekelijks (rv) las, kreeg nu en dan ook mooie persoonlijke verhalen geserveerd, al dan niet gekruid met anekdotes over zijn kroost. Waarvan de jongste trouwens enkele weken mijn leerling geweest is, toen ik ooit een interim deed. Helaas heb ik de man nooit ontmoet, zelfs niet gezien. Maar dat is bijzaak natuurlijk. Nu moeten we het dus stellen met De Werkgroep TV. Dan kan ik evengoed de tv-kritiek in De Morgen of Knack lezen.Een nieuwe stap in de  vervlakking van  het blad. Maar ook daar ga ik nu maar niet verder op in.

Enige troost is momenteel de verwachting dat er ook een tweede Dwarskijkerboek verschijnt, want er resten immers nog 12 jaargangen om artikels uit te selecteren. Intussen heb ik eindelijk een reden om de massa exemplaren van het blad die nog in mijn woning (en de vorige!) rondslingeren, te blijven bewaren.

Lees ook wat een andere treurende fan/blogger schreef en iemand die het mooier kan zeggen dan ik.





Awoe Cowboy Henk

16 06 2010

Het weekblad Humo viert momenteel de dertigste verjaardag van zijn allereigenste stripfiguur Cowboy Henk. Diens aanwezigheid in mijn -toch nog steeds – favoriete tijdschrift is voor mij zowat vanzelfsprekend en zal waarschijnlijk wel een rol gespeeld hebben in de ontwikkeling van mijn gevoel voor humor. De tekenstijl heb ik altijd kunnen appreciëren en geestelijke vader Herr Seele heb ik lange tijd een intrigerende figuur gevonden, die wellicht een voorname rol gespeeld heeft in de instandhouding van het Vlaams absurdisme.

Cowboy Henk is intussen het behangpapier van Humo geworden: je merkt het niet meer op. Terwijl rubrieken als Uitlaat en Het Gat van de Wereld nu en dan nog weten op te vallen met leukigheid, al dan niet naar uw smaak, en Kabouter Wesley een seizoen lang de show mocht stelen, doet Cowboy Henk eigenlijk niets meer ter zake. En terecht, want nu ik er eigenlijk sinds kort eens bij stil sta en even terug blader naar pakweg de laatste 20 moppen, dan ik niet anders dan botweg concluderen dat Cowboy Henk te onnozel voor woorden is. Flauw, onzinnig en idioot. Was dit ooit een revolutionair stripfiguurtje zonder gelijke? Waarom komt scenarist Kamagurka op zoveel andere terreinen wél inventief uit de hoek?

Ik durf echt betwijfelen of Herr Seele, trouwens zelf de laatste jaren alle dimensie verloren en gedegradeerd tot een soort clown à la Eddy Wally, in te huren door tijdschriften van verdacht allooi of tv-spelletjes van het laagste niveau, eigenlijk nog wel moeite doet om de lezer iets fatsoenlijk te serveren. Waant hij zijn figuurtje onkwetsbaar in zijn cultstatus? Meent hij dat de lezer zelf een extra laag betekenis kan toevoegen aan de doorgaans onleuke belevenissen van de cowboy zonder paard om tot een glimlach te komen? Of is hij simpelweg zelf zodanig infantiel en oppervlakkig geworden dat hij gerust naast Geert Hoste kan gaan staan?

Ik vind dat Humo, nu het toch stilaan een nieuwe koers vaart, Cowboy Henk aan de deur mag zetten. Het is mooi geweest. Ooit toch.

En nu ik het er toch over heb, wat humor en cartoons in Humo betreft, beste beleidsvoerders: die Dirk-Jan die sinds kort iedere week zijn opwachting maakt, die is geweldig. Maar kennen we die niet allemaal al lang? Vijgen na Pasen, toch? Het voelt allemaal erg tweedehands aan. Straks komen jullie nog met Garfield aanzetten.

Op gevaar van wéér een lading zure reacties omdat ik allemaal toffe mensen de grond in probeer te schrijven, toch hier nog eens een overzichtje voor wie graag verder leest:

Awoe Sofie Lemaire & Linde Merckpoel
Awoe Bert Kruismans
Awoe Geena Lisa
Awoe Lieve Blancquaert
Awoe De Madammen
Awoe Eddy Wally
Awoe David Denehauw
Awoe Muriel Scherre
Awoe Regi Penxten
Awoe Kate Ryan





Gelukkig is er nog De Standaard (3)

15 05 2010

om ons als vanouds degelijk, interessant en vooral correct geschreven berichtgeving te bieden.

een zoen? een zak geld? een mot op zijn bakkes? een uitbrander vanwege een grandioze taalfout?

West-Vlaamse stagiairs bij hopen, daar op de webredactie van De Standaard, worstelend met de g en de h? Maar zelfs met ‘heeft’ slaat deze titel nergens op. Zullen we dan maar gewoon weer eens twijfelen over de deskundigheid van de verantwoordelijke ‘journalist’?

En los daarvan, eens te meer de vraag: wie wil dit weten? En waarom staat de titel nog een keer onder de foto terwijl de dame op de foto niét Lady Gaga is?

(update: enkele uren later kwam het antwoord:)





Gelukkig is er nog De Standaard (2)

15 04 2010

Het is geenszins nieuw, mijn ergernis aan de occasionele kul die op de website van De Standaard als ‘nieuws’ of zelfs maar gewoon als ‘artikel’ wordt aangekondigd. Deze week overtrof deze ongetwijfeld door steeds idioter wordende redacteurs beheerde website zichzelf, met een artikel waarin géén woorden stonden en er eigenlijk zelfs volstrekt niets te melden viel. Geen nieuws is goed nieuws? Nee, geen nieuws is gewoon echt géén nieuws.





Uit de oude doos

8 12 2009

Uit De Jommeskeskrant, woensdag 22/11/1989





Bart Peeters wordt 50 – the making of

27 11 2009

Enkele weken geleden. Redactielokaal VRT. Een redacteur en twee onderbetaalde stagiairs vergaderen.

– Heeft iemand Bart al op het hart gedrukt dat hij zeer verbaasd moet kijken bij elke wending van de avond?
– We hebben de Tsunami-Bart besteld, die met Het Ernstige Gezicht.
– Ha, sjans, geen Eurosong-enthousiasme hé, we mikken op ontroering en willen de kijker de Gevoelige Bart tonen.
– De Gevoelige? Zonet zei je nog De Ernstige?
– Zolang het maar geen Bosmans Jos is. Hoe staat het met de aanwezige BV’s?
Regi, Stany en Peter, Guy, Sandrine, Cas en Hannelore kunnen niet.
– Godver! Over welke Hannelore hebben we hier?
Hannelore Bedert, de bekende.. euh, paardrijdster? Accordeoniste? Illustratrice? Je weet wel, Peeters stond mee aan de wieg van haar carrière.
– Geen idee over wie je het hebt. Soit, hoe zit het met die verbinding met Amerika? Met Whitney Houston?
– Trixie Whitney zul je bedoelen? Euh, nee Trixie Whitley?
– Wie?? We gingen toch voor de felicitaties van een wereldster? Who the fuck is Trixie Whitney?
– Tja, ik ken haar ook niet, ik kijk nooit tv. Maar de gemiddelde één-kijker zou die zeker moeten kennen.
– Pff. En verder? Zijn er nog echte BV’s? Oude vrienden die Bart in de armen kan vallen?
– Marlène de Wouters komt alvast.
Marlène de Wouters? Zoals in ‘Marlène de Wouters, hartsvriendin van Bart Peeters?’ Mensen toch! Waar zit Hugo Matthysen?
– Die wil niet op tv als zichzelf.
– Misschien maar goed ook, Peulengaleistoestanden op een vrijdagavond op één,  terwijl op de canvas Het Eiland loopt! Wil je ze allemaal naar VTM laten zappen?
– Hoe zit het met Rani en Sabine?
– Rani plant een bevalling rond die datum, Sabine wil enkel komen als ze haar boek mag promoten.
– Als het niet anders kan. Wordt er Bart nog een geschenk aangeboden van de programmamakers? Van de VRT eventueel?
– Bij de bazen neemt niemand op. Wij zelf hebben nog wat budget voor een cadeautje, ja. Zo’n 7 euro.
– Zeven???
– Ja, die special effects kosten nogal wat geld, met die ballen aan die kettingen en dat speciale autootje en zo. En Koen Wauters moet ook betaald worden. En vergeet niet dat Robbie Williams binnen enkele weken langskomt. De VRT heeft geen rotte euro meer.
– Wat vangen we aan met 7 euro?
– Ik heb daar al eens over nagedacht! Koop een lege fotokader en portretteer Bart met al zijn vrienden van die avond. Marlène, Freddy De Kerpel, Sabine De Vos en Ronny Mosuse op één foto! We schrijven tv-geschiedenis!
– Geweldig idee, Niels, jij mag stagiair van de maand zijn!
– Op muzikaal vlak dachten we ook nog de twee neefjes van Bart Peeters nog te lanceren met hun groepje.
– Wat favoritisme, geen probleem. Wij zijn hier ook maar geraakt omdat we respectievelijk neef van Roel van Bambost, nichtje van Jan Eelen en achterachternicht van Nonkel Bob zijn.
– Hoe zit het met de perstekst? Is die af?
‘Peter Van de Veire belooft een viering in stijl. Bart Peeters, die op maandag 30 november vijftig kaarsjes mag uitblazen, wordt gehuldigd op een manier die bij hem past. Niet met een saai carrièreoverzicht, maar met een show waarin hij verrast wordt met opzienbarende muzikale acts en straffe stunts.’
-Knap! Goed dat je dat zegt, van dat saaie carrièreoverzicht. Het moet een show blijven, zonder essentie. Bart weet toch al wie er allemaal zal zijn?
-Alles is met hem doorgenomen. En ja, we hebben benadrukt dat hij echt moet doen alsof het één grote verrassing is. De Verwonderde Bart zeg maar.
– Geweldig. Zo’n momument in de tv-geschiedenis!
– Tv? Ik dacht dat Bart Peeters een zanger was?
– Maar nee! De Droomfabriek! Eurosong! De Vliegende Doos! Het Peulengaleis! Al die programma’s waar we geen fragmenten gaan van tonen omdat we geen tijd meer hebben om ze op te zoeken in de archieven! Zegt jullie dat niets?
– Da’s allemaal van  voor onzen tijd. Daarbij, ik heb geen tv.
– Enfin! Wanneer zijn jullie geboren?
– Ik in 1991.
– En ik in 1999. Waarom?

Ja, Bart Peeters werd echt alle eer aangedaan met dit programma.





Bedankt voor de bloemen

29 09 2009

Het onderwijsblad Klasse riep het Verantwoord Tijdverlies deze maand uit tot onderwijsblog van de maand. Fijn vind ik dat.  En nee, ik ben niet zo bescheiden dat onvermeld te laten. Welkom dus aan alle lezers die hier voor het eerst langskomen, mijn bezoekcijfers swingen de pan uit nu het nummer van oktober vandaag in de meeste brievenbussen belandde. Wie geen Klasse ontvangt, kan hier de betreffende pagina bekijken.

Een echte onderwijsblog is dit echter niet zozeer. Ik heb het vaak en graag over mijn job, maar op deze blog wil ik meer kwijt dan dat. Dat wou ik maar even verduidelijken. Wie echt alleen voor de onderwijsverhalen gaat, kan zich hier te pletter lezen. Alle anderen mogen gerust op eigen tempo rondwandelen. Laat eventueel ook maar reacties achter – op het risico van een weerwoord uiteraard.

Ben overigens benieuwd of de Klasse in de leraarskamer van Sint-Bavo bekeken zal worden… Jullie banvloek heeft de redactie van Klasse blijkbaar niet bereikt.





Acteren moet je leren (2)

26 09 2009

De voorbije weken vielen drie feiten me op in de Vlaamse acteerwereld. Allereerst was er de casting van Koen De Bouw in de volgende film van Erik Van Looy. De twee hebben al drie keer eerder samengewerkt en kunnen het goed met elkaar vinden. Geen probleem. Toch vind ik die casting wat voorspelbaar. Wedden dat Filip Peeters de volgende zal zijn die mag aantreden in De Premier? Dat mogen dan al prima acteurs zijn, is het niet een beetje ongeïnspireerd telkens voor diezelfde koppen te kiezen? Van Looy behoort natuurlijk tot de mainstream en hoeft dus misschien geen risico’s te nemen, maar een creatief denkproces is er wellicht ook niet aan voorafgegaan En dat moet dan voor het eerst zijn dat ik deze brave mens wat afval.

Ook een vermelding waard, zeker in het kader van het oorspronkelijke uitgangspunt van deze rubriek, nl. taalgebruik in Vlaamse fictie, is een citaat van Nathalie Meskens in HUMO: ‘Wij moeten de mensen entertainen en niet opvoeden’, zegt de actrice uit Kaat & Co en Wij van België op de vraag of er verkavelingsvlaams zal gesproken worden in de nieuwe serie David. Ik vind dat een enge visie en een onnozele uitspraak, want Meskens lijkt er van uit te gaan dat je ofwel natuurlijk overkomt op het scherm en dus entertaint ofwel behoorlijk Nederlands spreekt en dus bevoogdende, saaie televisie maakt. Er is blijkbaar niets daartussen. Wie deel 1 las weet al dat ik geen Algemeen Nederlands verwacht van acteurs, maar wel fatsoenlijke articulatie en vooral een grote naturel. Als Meskens slecht spreekt, is ze een slechte actrice, want duidelijk spreken is gewoon haar werk. Het blijft bij veronderstellingen, want ik zag Meskens nog nooit aan het werk en laat haar dus voorlopig achterwege in mijn overzicht.

Tenslotte wist Stefaan Werbrouck in Knack een sterk punt te maken. N.a.v. de kritiek op de accenten van de acteurs in Code 37 en de daaropvolgende kritiek over onverstaanbaarheid in Los Zand, nam hij eveneens de stelling in dat acteurs van hem niet zozeer geforceerd Nederlands moeten spreken, maar hij vraagt zich wel af of het zoveel gevraagd is dat acteurs het accent aanleren dat hun personage verondersteld wordt te hebben. Is het niet precies het werk van een acteur ons te overtuigen dat ze iemand anders zijn? Waarom doen ze dan geen inspanning om een passend accent aan te nemen? Tja, het kunnen niet allemaal Meryl Streeps of Russell Crowes zijn zeker? Mooi gezegd van Werbrouck alleszins.

Dus sprokkel ik nog maar eens 10 Vlaamse acteurs bijeen om even stil te staan bij hun talent:

vlaamseacteurs211. Ianka Fleerackers: nooit meer uit het collectief geheugen te bannen door haar rol als de o zo lieflijke Prinses Prieeltje in Kulderzipken. Daarvoor viel ze mij al op in Niet voor Publicatie. In Louislouise en Flikken zag ik haar dan weer kort nietszeggend wezen. Heeft niet zo’n positief imago, maar ik verdenk haar er van meer dan behoorlijk te kunnen acteren. Verdient beter materiaal om dat eens te bewijzen.

12. Warre Borgmans: een rasacteur die vooral komisch sterk lijkt te wezen maar ook in de meest gevarieerde ernstige rollen altijd goed werk levert. In Nefast voor de Feestvreugde vond ik hem grandioos, zijn bijrol in Het Eiland stond bol van nuances en zijn trompettist in Het Peulengaleis valt niet te overtreffen. Ook bekend als broeder Grimm in datzelfde Kulderzipken en uit Team Spirit, Buitenspel en Zone Stad en momenteel zijn boterham aan het verdienen in David. Wat jammer genoeg geen reden genoeg is om te kijken.

13. Camilia Blereau: ‘Wie?’ vraagt u alweer. Maar al te vaak wordt deze dame vermeld als een onontdekt talent. Is dan ook vooral in gastrollen te zien maar mij blijft zowat elke rol bij van deze actrice. Wordt vaak gecast als kijvend wijf of bazig kenau, maar wie al haar rollen op een rijtje zet, kan niet anders dan haar veelzijdigheid vaststellen. Was al jaren geleden een strenge hoofdredactrice in Niet voor Publicatie, was onlangs erg sterk in De Smaak van De Keyser en verraste tussendoor in Stille Waters. Het grote publiek kent haar vooral uit Lili & Marleen en Kinderen van Dewindt. Moet ook leven en nam dan ook allerlei gastrollen in beschamende series als Spring!, Grappa en Amika aan. Ik wens haar ooit een stevige hoofdrol toe in een succesvol drama.

14. Joke Devynck: Ze mag gezien worden, ze is nog steeds vrij populair na haar hoofdrol in Flikken van 1999 tot 2002 en verscheen ook al in 4 films die ik allemaal gezien heb (Buitenspel, Vle(u)gels, Vermist en Suspect). Op televisie was ze ook nog te zien in Sara en Katarakt. Ik snap niet helemaal waar dat succes aan te danken is want ik hoor steevast dat West-Vlaamse accent en vind haar simpelweg nooit geloofwaardig en soms wat irritant. In Flikken destijds was ze zelfs abominabel. Dat is intussen verbeterd, maar toch overtuigt Devynck me amper. Ik ben benieuwd welke gevolgen dat zal hebben voor de Tom Lanoyeverfilming Het Goddelijke Monster, waarin Devynck de hoofdrol zal spelen.

15. Barbara Sarafian: Sinds Aanrijding in Moscou weer een beetje op de voorgrond en dat is volkomen terecht. Sarafian is een groot talent dat overtuigt in de meest diverse rollen. Kan zeer komisch wezen maar geeft zich ook volledig op het dramatisch vlak. Aanrijding bood haar een van de mooiste vrouwenrollen van de afgelopen jaren en ik durf betwijfelen of veel andere actrices dit tot een goed einde hadden kunnen brengen. Maar veel eerder speelde ze ook met veel overgave een variatie aan rollen in Spike en Kijk eens op de doos van (pdw). Vermeldenswaardig hoogtepunt was ook haar rol in Peter Greenaway’s 8 1/2 Women naast o.a. Amanda Plummer en Toni Collette. Ben fan!

16. Stany Crets: als Nancy moet ik hem eigenlijk niet – ik heb niets tegen dat personage, maar Crets gaat voor mij nét niet genoeg op in zijn rol – maar de man heeft doorheen de jaren (vooral in zijn eigen programma’s) getoond dat hij boordevol personages zit en dat maakt hem een goed acteur die zijn succes zeker verdient. Daarnaast was hij geloofwaardig en/of grappig in Los, Raf & RonnyRecht op Recht en natuurlijk – nu al 13 jaar geleden – Alles Moet Weg.  Ik weet niet of een diepgravende, ernstige rol hem zou liggen – het zou best wel eens kunnen – maar voorlopig kan de man tevreden zijn over zijn eigen carrière. Jammer wel van die enkele magere rollen in ultracommerciële ondingen als Plop in de Wolken of K3 en het ijsprinsesje. Geen snobisme, maar dat kun je moeilijk aanvaardbare fictie noemen.

17. Frank Focketyn: een curieus geval, deze doorgaans zeer grappige acteur. Heeft meegewerkt aan enkele van de meest populaire en beste series van de voorbije jaren – Het Eiland en In de Gloria – en maakt als Pappie uit Man Bijt Hond deel uit van de tv-geschiedenis. Zowat al zijn rollen blijven herbekijkbaar en uiterst grappig. Maar wat zegt dat over het acteertalent van Focketyn? Uiteindelijk weten we allemaal dat Guido Pallemans en al die andere zenuwachtige, gecrispeerde types uit In De Gloria iets te veel op elkaar lijken om te stellen dat Focketijn veelzijdig is. Vooral het rechtduwen van de bril met de wijsvinger heb ik de man net iets te veel zien doen. Toch zie je weinig acteurs in die mate opgaan in een personage en slaagt Focketyn er toch altijd in het karikaturale te overstijgen. Indien niet al te vaak op het scherm, dus best een aangenaam acteur. Wist u dat hij ooit een pastoor speelde in enkele afleveringen van Thuis?

18. Benny Claessens: Oei, wat doet deze kerel me zuchten. Als broer van Bart in Het Geslacht De Pauw viel hij voor mij enkele keren door de mand: hoe sterk zijn rol en de scenario’s ook, het deels geïmproviseerde  gemekker van deze jonge acteur stoorde me echt te vaak. Ik zag hem tweemaal gehandicapt wezen: in de bedenkelijke jeugdfilm Blinker en – héél kort – in Koning van de Wereld en beide keren vond ik zijn prestatie tergend slecht. Zijn gastrol in Witse – aja nu je het zegt, daarin speelde hij alwéér een mentaal gehandicapte – was simpelweg verschrikkelijk. Ik hoef deze figuur niet per se meer op televisie te zien.

19. Robbie Cleiren: zijn bekendheid is omgekeerd evenredig met zijn talent. Cleiren is een prima opgeleide, altijd geloofwaardige en interessante acteur die zijn rollen prima afwisselt. Zie hem vooral aan het werk in de weing geziene films Een ander zijn geluk, Dirty Mind en Linkeroever. Op televisie herinnert u zich hem misschien van Recht op Recht en gastrollen in Witse, Rupel en Sedes & Belli. Lijkt geen drang tot het BV-schap te voelen, wat de perceptie van de ernst waarmee hij zijn vak uitvoert, alleen maar vergroot.

20. Jacky Lafon: Niemand is makkelijker door het slijk te halen dan deze euh… actrice. Haar afgang in de Nationale IQTest was voer voor talloze stand-up comedians en columnisten en haar onverslijtbare rol in het grootste televisiegedrocht ooit gemaakt, Familie, is eigenlijk gewoon lachwekkend. Wat valt er verder nog te spotten met deze platte, veredelde kermisslons op jaren, wiens werk in de de verste verte niets te maken heeft met wat acteren eigenlijk is? Leert haar tekst van buiten en dat is het.

 





Acteren moet je leren

9 09 2009

Sinds Jelle Cleymans zich een weg ettert doorheen de serie Thuis slaag ik er nog meer in dan voorheen, dit leven zoals het helemaal niet is, compleet te negeren. Ergens ook jammer, want het schabouwelijke taalgebruik en de stereotiepe personages konden mij op sommige momenten inspireren tot genietbaar geëmmer hier, maar het was uiteindelijk amper draaglijk geworden.

Momenteel blijkt het taalgebruik in allerlei series echter plots een item. De Standaard pikte het geklaag op diverse internetfora op over het taalgebruik in nieuwe series als Los Zand en Code 37. Man Bijt Hond gaf daar gisteren een leuke draai aan. Ik ben als taalliefhebber wel tevreden met deze nieuwe aandacht – al die pietjes precies in Man Bijt Hond vond ik extreem sympathiek! – , hoewel ik me niet de illusies maak dat er iets zal veranderen. Overigens hoeft het voor mij ook niet van dat steriel Nederlands te worden, hoor.

Maar de Taal van Thuis heeft me dus jaren geërgerd, al die laat ik nu maar even links liggen. Over het schabouwelijke gepruttel in 16+ had ik het twee jaar geleden al. Dus over naar de actualiteit. Het taalgebruik in Los Zand vond ik bij momenten storend: zoals vroeger al gezegd wil ik nog tolerant zijn tegenover verkavelingsvlaams, maar dialect vind ik absoluut not done. In tegenstelling tot velen vond ik de acteurs wél verstaanbaar, maar dat wil niet zeggen dat ik ze met plezier aanhoorde. Enkele van de gesprekken waren beslist tenenkrommend dialectisch en voorzien van een geforceerdee naturel. Terzijde: deze serie wil ik best nog verder bekijken al garandeer ik niet dat ik de eindstreep haal.

Dan was er Code 37, een doorslagje van een kopie van een tweedehands politieserie. In Vlaanderen misschien wat ongezien, maar verder op alle vlakken ongeïnspireerd. En saai, niet te geloven. Maar ter zake: de Antwerpse en Brabantse accenten waarvan sprake in vele media, deden me niet veel. Zoals elders al opgevoerd, hoor je zeker in Gent diverse accenten, dus wat zou dat. Maar hier is meer aan de hand: de taal die de acteurs hanteren leunt zo dicht aan bij dialect, dat het bijzonder irritant wordt. Doet pijn aan de oren.

Ik heb daar wat over nagedacht. Als ik me in het dagelijks leven maar in  beperkte mate erger aan dialect en accenten, waarom zou ik dan in Vlaamse series en films wel verwachten dat men perfect Nederlands spreekt? Mijn conclusie is eigenlijk paradoxaal: ik heb helemaal niets tegen deze manier van spreken. Van nieuwslezers, presentators, omroepers en radiovolk verwacht ik dat uiteraard wel, maar acteurs hebben als opdracht fictie te brengen die aanleunt/gebaseerd is op/lijkt op de werkelijkheid. Dus moeten ze toch klinken zoals gewone mensen?

En dus zit het probleem voor mij helemaal ergens anders: het ligt aan de acteurs. Eén van de dames in Man Bijt Hond vond bv. dat Van Vlees en Bloed verknoeid werd door de dialectwoorden erin. Niets van gemerkt, moet ik zeggen. Als de acteurs overtuigen, maakt het mij eigenlijk niet echt uit wat ze spreken. Koen De Graeve kan zijn Aalsters doorgaans amper verstoppen, en toch hoor ik hem zeer graag bezig in alle soorten rollen. Ik raak er dus steeds meer van overtuigd dat goede acteurs het verschil maken en dat er ook steeds minder zijn helaas. Vlaanderen raakt bedolven onder would-be vedetten, bimbo’s die vanbinnen even blond zijn als vanbuiten en veredelde figuranten die zich allemaal acteur noemen.

Ik heb zelf geen acteerambities, ik snap ook dat het charisma van een acteur meer uitmaakt dan zijn werkelijke talent en dat een goed acteur meer is dan iemand die mooi spreekt. Wat een goed acteur dan wel is, valt moeilijk te omschrijven. Het laat me niet om toch even af te wijken van mijn punt en mijn loep boven het Vlaams acteervolk te houden. Ik beschouw dus even wat willekeurige Vlaamse acteurs om te zien wat er hapert en aanslaat.

 Vlaamseacteurs11. Veerle Baetens: overschat. Gigantisch nog wel. In de vier minuten van Sara die ik ooit meepikte, vond ik haar al amper boven het minimum amateurniveau uitsteken. In Code 37 hanteert ze zeker twee gezichtsuitdrukkingen. In Loft ging ze op in het decor, zo grijs wist ze te zijn. Ik moet haar niet. De verpersoonlijking van het banale. In Vlaanderen ben je dan een ster.

2. Marijke Pinoy:  Een mens met een wel erg beperkt register, waardoor ze al al haar rollen op elkaar laat lijken. Of ze nu de drama queen staat te wezen in De Keyser van de Smaak of moederlijk is in Ben X en Los Zand, ze blijft emoties verwarren met gesticuleren en zeuren. Let ook eens op haar gruwelijke articulatie. Haar jury duty in het gedrocht Moeders en Dochters onthulde bovendien dat ze in werkelijkheid ook gewoon zo is.

3. Maaike Cafmeyer: We love her. Niet? Ze is leuk , ze is grappig… Wacht even. Is ze echt grappig? Of heeft ze gewoon enkele grappige rollen gespeeld? Ze mocht heerlijk stuntelen in Het Geslacht De Pauw. Ze mocht heerlijk bot wezen in Loft. En ze komt beslist sympathiek en charmant over. Maar acteert ze eigenlijk goed? In Aspe zag ik haar nauwelijks aan het werk – niet uit te kijken, deze belegen misdaadprul – maar ik wacht alleszins tot ik eens echt onder de indruk zal zijn. Haar legendarische opdringpoging bij Paul Van Himst als vrouw van Bart De Pauw was echter ijzersterk. Acteren is ook: laten vergeten dat je een actrice bent. Ik geef haar nog heel wat krediet.

4. Jelle Cleymans: een ware verschrikking. Dit is echt wel allesbehalve een acteur. Ik blijf beleefd over zijn smoelwerk, maar dit is echt wel the very poor man’s Leonardo Dicaprio Zac Efron Rupert Grint. Ja, inderdaad, die irritante kerel die Ron speelt in Harry Potter.

5. Adriaan Van den Hoof: geweldig in zowat elke rol die hij speelde in het Peulengaleis en het gerelateerde Nefast voor de Feestvreugde. Memorabel als zieligaard in de sketches uit Man Bijt Hond. Maar beschikt hij over de veelzijdigheid en de diepgang die we van een goed acteur verlangen? Zijn gastrol in Code 37 was alvast heel erg om te lachen. Zonder dat dat de bedoeling was. Misschien komt het ooit goed, maar ik zie hem gewoon geen ernstige rollen vertolken.

6. Marilou Mermans: haar website opent met mijn lofuitingen en die zijn gemeend. Zou een monument moeten zijn in Vlaanderen, maar blijft toch wat onder de radar door gebrek aan grote rollen. Of net door zo op te gaan in haar rollen dat niemand haar herkent in een andere. Grote klasse dus. En dat moet dan opdraven in Familie en Thuis.

7. Frank Aendenboom: Dit is dan wel een momument, dus wat valt er te argumenteren? Dat deze knotwilg uit de Vlaamse filmwereld zo vaak in het dialect geacteerd heeft. En daar nooit iets tegen in te brengen viel want je geloofde iedere minuut. Al mogen ze Lili & Marleen gerust uit zijn cv schrappen.

8. Frank Vercruyssen: iemand uit mijn nabije omgeving deed onlangs een weinig sympathieke indruk op van deze man, maar desondanks weet hij in wat voor rol dan ook, wel steeds te overtuigen. Manneken Pis is nu wel heel lang geleden, De Smaak van de Keyser en (N)iemand toonden zijn talent recentelijk nog. Als Vlaanderen Hollywood was, was dit wellicht Sean Penn of zo. En dan heb ik nog niet eens één van zijn theaterstukken gezien.

9. Eline De Munck: haha. hahahahahahahaha. In het Kruidvat zoeken ze nog iemand.

10. Axel Daeseleire: Jaaaaa, dat Antwerps accent, we weten het. En die typecasting als macho. De man moet ook leven zeker? In zijn begindagen om weg van te lopen (Dief gezien iemand?), maar intussen toch al enkele keren zeer overtuigend geweest en ik heb de indruk dat hij zijn vak ernstig neemt.

Hmm, dit is leuk. Wordt beslist vervolgd.

En nu maar hopen dat al die mensen mij niet bellen omdat ze beledigd zijn.





Dit was het nieuws

11 08 2009

9 bejaarden komen om in een brand. De grootste ramp sinds de gasontploffing in Ghislengien, werd er gezegd. Hoort u er nog iemand over reppen? Was dat geen snel voorbijrazende tragiek?  9 senioren of 9 baby’s, het is wat anders. Bepalen wij dat of de media?

In Jette treft men twee lichamen aan in een huis, die er al vijf jaar lagen. Er wordt terecht afgevraagd waarom het zo lang geduurd heeft vooraleer iemand dat merkte. Maar ik stel me andere vragen, die ik in de media niet zie beantwoord worden. Zijn deze twee mensen dan precies gelijk gestorven? Zo ja, waarom wordt dat dan in geen enkel artikel verdacht gevonden? Indien nee, waarom heeft de laatst levende dan de buitenwereld niet op de hoogte gebracht van de dood van de ander? Ik vind de berichtgeving hierover vrij beperkt.

Een muziekleraar misbruikt meerdere minderjarige leerlingen. Ik hoef daar niet zozeer meer over te weten, maar zijn deze schokkende feiten niet meer waard dan een korte vermelding op pagina 4? Of lees ik de verkeerde krant?

Tijdens de maand juli liepen 537 kinderen verloren aan de kust. Dat zijn er 17 per dag. Begin nu maar met die chipimplantaten.

Eén woord van 4 letters, dat was al wat het sms’je bevatte dat de voorzitter van het Hof van Cassatie stuurde naar rechter Christine Schuurmans, m.b.t. het Fortisdossier. ‘Fait’ stond er. Ik vind dat wel opmerkelijk, zo’n minieme boodschap die zo’n zware gevolgen heeft. Hoe vaak zou die man al niet gewenst hebben dat hij dat niet gestuurd had?

Prachtig verhaal, in De Morgen van het voorbije weekend. De 8-jarige Thomas Klein heeft geen onderbenen maar wel stalen, sikkelvormige kunstbenen waarmee die alles kan behalve stilstaan. Een heel treffend relaas, ben blij dat er ook goed nieuws te rapen valt.

De Pfaffs worden beschuldigd van fraude. Hun advocaat noemt de kans reëel dat zijn cliënten voor de correctionele rechtbank zullen verschijnen, want ‘heel wat onderzoekers hebben veel tijd in de zaak gestoken, ze gaan dat niet zomaar laten vallen.’ Wat is dat voor veronderstelling? Dat het gerecht meegaander is als een zaak niet te veel van hun tijd heeft opgeëist? Bizar.

De cijfers van de krantenverkoop van het tweede kwartaal, wijzen me nog maar eens op de realiteit: Het Laatste Nieuws wordt iedere dag 281 508 keer verkocht. Een mens zou voor minder misantroop worden. Moet het nog verbazen dat de mensheid bij momenten zo simpel is?

Er wordt nog maar eens gemeld dat Jan Verheyen echt ongelooflijk hard aan het werken is aan Dossier K. Blijkbaar moet het dus voor het eerst zijn dat Verheyen eens echt alles moet geven. Dat verklaart zijn abominabele oeuvre alleszins, maar het is toch frappant dat die man dat vermeldenswaardig vindt. Niet alle jobs gaan vanzelf toch?

Moet ik mij doodschamen of niet? Voor het eerst verneem ik dat er in België ooit een ministaatje was, Neutraal Moresnet, afgeschaft in 1919. Daar had ik nog nooit van gehoord. Overdrijf ik het belang ervan, heb ik nooit goed opgelet of is dit echt een weiniggekend feit?

Zo, komkommertijd of niet, ik vind het nieuws wel wat hebben tegenwoordig.








%d bloggers liken dit: