Brief uit de gevangenis

2 12 2008

gevangenis-bruggeTwee weken geleden al berichtte De Morgen over de AIBV, de superbeveiligde afdeling voor topcriminelen in de Brugse gevangenis. Douglas De Coninck – is dit de énige Vlaamse journalist die nog écht onderzoek doet?  -correspondeerde een tijd met Ashraf Sekkaki, een topgangster die er opgesloten zit.

Zijn verhaal is fascinerend, omdat we eigenlijk niet zouden verwachten dat er in België nog zo’n mensonwaardig gevangenisbeleid bestaat. De verwijzing in het artikel naar de gevangenis op Guantanamo Bay is niet slecht gekozen. Sekkaki beschrijft tot in de details de wrede omstandigheden van zijn gevangenschap.

Ik maak me wel wat bedenkingen bij het lezen van dit artikel. Allerlei argumenten uit de discussie over het gevangeniswezen, komen bij me op. Volstaa vrijheidsberoving niet als straf, met het daarbijhorende ontbreken van allerlei zaken die het leven aangenaam maken? Maar het creëren van extra stress, het tergen, het psychologisch martelen zoals het in het artikel beschreven staat, lijken me zinloos, zelfs gevaarlijk.

Maar anderzijds is het logisch dat ik als lezer meega in het  verhaal van De Coninck, dat is de bedoeling van het artikel. Ik hoor dus geen argumenten van slachtoffers, specialisten en deskundigen. Ik weet zelfs niet of alles wat in het artikel beschreven staat, waar is. Ik aarzel dus me uit te spreken over deze toestand.

Het is me daar dan ook niet om te doen. Veel frappanter aan het artikel vind ik dat Sekkaki overkomt als een taalvaardig man (het artikel werd geïllustreerd met foto’s van zijn brieven). Dat verbaast me niet alleen omdat hij allochtoon is – ik stel elke dag vast hoe groot de taalachterstand is bij deze groep zonder daarom in hokjes te willen denken – , ook omdat hij een gangster is en daarvan verwachten we nu eenmaal niet meteen dat ze goed opgeleid zijn. Het verband tussen opleidingsniveau en de kans op normvervaging, enzovoort.

Sekkaki schrijft niet alleen vlot Nederlands, hij drukt zich ook correct en met een zekere allure uit. In een tijd waarin een groot deel van de bevolking het schrijven van een gewone brief al als een zware opgave beschouwt, vind ik dat des te opmerkelijker. Een citaat: ‘De bewakers en de gevangen vinden elkaar in hun verslaving en wederzijdse haat. Ik lijk op hen. Net als zij heb ik haatgevoelens, een beklemming net onder mijn middenrif die krimpt en groeit als een tumor.’ Dat is wel wat anders dan Aspe. Die kerel zou verdorie een blog moeten beginnen.








%d bloggers liken dit: