Blokken: de nawee

21 09 2008

Goed, ik ben dus op tv geweest in een quiz die ik verloren heb niet gewonnen heb. Zou het de minst bekeken aflevering van Blokken ooit zijn? Van alle mensen die ik mobiliseerde om mij aan het werk te zien, kon zowat de helft niet kijken. Ze hebben geen tv, moeten naar de kapper, de muziekschool of de zwemles. Zijn nog niet thuis van het werk of zijn al weer weg voor een avondje uit. De tv staat op de verkeerde zender of de video is fout geprogrammeerd. Dat betekent alleszins een boel minder mensen die hun visie op mijn deelname kunnen laten horen. En dat is misschien niet erg.

Want de andere helft heeft wél een mening, zo bleek uit de sms’jes, mails en blogreacties. Ik kon niet met de blokken spelen, zo wordt er gesuggereerd. Wel, ik heb mijn manoeuvres grondig geobserveerd en slechts één keer vind ik dat ik een blokje beter ergens anders had geplaatst. Ik ben namelijk net heel goed in dit spelletje. Mijn conclusie is en blijft dus dat ik gewoon heel erg slechte blokken had. En niet vergeten dat je in dit spel snel moet scoren terwijl je in de gewone Tetris rustig je tijd kan nemen wat op te bouwen om dan bv 4 rijen ineens te scoren. Kijk, wat zit ik mezelf weer te verdedigen. Geef ik wél toe: ik was niet goed in het afdrukken. Het risico schuwend te vroég af te drukken en daardoor de beurt kwijt te raken.

Zwarte kledij is geen goed idee, zo laat het publiek weten. Weet ik, ik droeg dan ook donkerblauw. Wist ik veel dat het nieuwe  decor  ook blauw zou zijn. Ik had overigens andere kleren bij, maar niemand van de productie leek dat iets te kunnen schelen dus heb ik me daar geen vragen over gesteld. Ik vond dat ik er goed uitzag, dus geen zure oprisping wat dat betreft.

Verder mag ik vaststellen dat ik geen domme dingen zeg en niet te veel onzin uitkraam, ondanks de soms gênante situaties waarin Ben Crabbé zijn kandidaten meesleept. Zo is het maar een geluk dat mijn gezicht niet in beeld was op het moment dat Crabbé een lied van André Hazes ten berde begon te brengen. Ik probeerde ‘beleefde glimlach’ uit maar het zag er wellicht uit als ‘plaatsvervangend schaamte gecombineerd met ingehouden minachting’. En ik heb het misschien gemist, maar ook de berisping van Crabbé dat ik veel te onduidelijk praatte (dorst!) lijkt geknipt te zijn. Al bij al ben ik dus in ere gelaten en kan ik zeggen dat ik best wel mezelf speelde.

Ik denk dat ik er ook vrij ongeschonden uitkom wat de kennis betreft. Zeker tegenover de vrij onwetende tegenspeelster. Tom Petty, tja, die ken ik nochtans hoor, maar ik kwam er echt niet op. Gaf Crabbé nog eens de kans de domheid van de mensheid te vervloeken. En ‘L’Elysee’, nog nooit van gehoord, dat zal ik nu wel nooit meer vergeten.

Ik kan natuurlijk wel nog enkele kleinigheden betreuren. Dat ik bij het begin niet eens aan het luisteren was en daardoor het foute antwoord van mijn tegenspeelster niet kon corrigeren, terwijl het zo’n makkelijke vraag was. Dat de overwinning erg dichtbij was en echt wel van één fout minder afhing. Dat één rij meer genoeg was geweest. Maar soit, ik kreeg een digitaal fototoestel, de tegenspeelster kreeg niets. Heeft de beste toch nog gewonnen.

Lees ook:
Blokken: de preselectie
Blokken: de uitgestelde deelname
Blokken: de twijfel vooraf
Blokken: de vragen
Blokken: de andere kandidaten

P.S. Nee, vandepotgerukte, ik zet mezelf niet op Youtube. Binnen een maand of drie hebt u een nieuwe kans bij de middagherhalingen.

P.S. 2: Ja, ik heb echt een foto van mezelf genomen terwijl ik op tv was…





Blokken: de afloop

14 09 2008

De uitzending nadert: aanstaande vrijdag kan men mij aan het werk zien in Blokken. Nu ja, werk… In feite zat ik daar niet veel te doen. Ik verklap u dan ook al graag de afloop.

Wie het Blokkenverhaal van begin af aan wil volgen: er was een preselectie, een uitgestelde deelname, de twijfel vooraf,  en dan na de opnames: het terugkijken op de vragen en het becommentariëren van de andere kandidaten.
En dan nu de essentie: wat vond ik ervan en hoe heb ik het er van af gebracht?

Ik had niet meteen geluk. Om 7u opgestaan om tegen 10u ter plaatse te zijn, scherp staande en klaar voor de aanval, ervan overtuigd dat al mijn parate kennis echt paraat was. Helaas, de loting duidt mij aan als 5e of iets dergelijks. Na 4 opnames waarin ik o.a. iemand 6000 euro zie winnen, en vier ellenlange pauzes mag ik pas tegen 17.00u (!) het nieuwe decor betreden. Ik heb reeds flink getafeld, alle mogelijke scenario’s overlopen, heel wat rondgehangen, … wat er zowat op neerkomt dat de fut er eigenlijk uit is. Even voor de opname van mijn deelname aanvangt, voel ik nog een sprankel energie en aandacht, om dan tegen 10 minuten voor de start leeg te lopen als een ballon. Ik ben op, allang niet meer bij de pinken en ik begin me – als wel vaker – af te vragen wat ik hier zit te doen. Een dom spelletje, zonder enig enthousiasme ingeblikt door een ploeg geroutineerde medewerkers, zuivere schermvulling voor een weinig eisend publiek dat nu al 150 jaar naar dezelfde quiz kijkt. Ik kijk zélf niet eens naar Blokken! De vragen zijn flauw en ongeïnspireerd, Ben Crabbé is een flapdrol die de mensen te kakken zet en er zitten allerlei frustrerende valstrikken in dit spel (‘nee, je krijgt hem niet! Het was ‘the beatles’ en niet ‘de beatles’!)… Is er nog een manier om hier aan te ontsnappen? Hoe boos zou men zijn wanneer ik plots meld dat ik het voor bekeken wil houden?

Maar daar staat Crabbé dan plots. Vertel wat over jezelf, vraagt hij zakelijk. Ik vat mezelf samen in een hoop clichés. Ik heb dorst, maar kan nu niet meer weg. Het microfoontje is aangebracht. Een laagje poeder op mijn gezicht. Daar klinkt de nieuwe tune al – met dank aan Regi. De spots gaan aan. Het publiek applaudisseert. Crabbé lult wat en schenkt dan zijn kandidaten wat aandacht. ‘De Schutter? Waar komt die naam vandaan? ‘ vraagt hij pseudo-geïnteresseerd. Ik krimp innerlijk ineen. Niet dé clichévraag. Wie interesseert dat in godsnaam? Dit was toch niet afgesproken? Ik stamel wat onzin die in het tweede leerjaar leerde over mijn naam. Ik heb zin om Crabbé een vuistslag toe te dienen. Ik wil nogmaals weg. Ik mag – zoals voorspeld – nog wat uitleg geven over het Freinetonderwijs en dat was het. Wil u zichzelf eens in alle banaliteit aanschouwd zien? Doe mee aan Blokken. Ik besef dat ik in 2 minuten ben samengevat. Mooi in een vakje. Tussen 6000 andere Blokkendeelnemers. Terwijl Crabbé een kletspraatje maakt met mijn tegenspeelster, gaan er rillingen door me heen. Ik had evengoed naar een Tupperware-avond kunnen gaan, of op een Haaltertse voetbaltribune gaan zitten. Alledaags, normaal, banaal, opgaand in de massa.

Daar wordt de eerste vraag al afgevuurd. Ik ben gedesoriënteerd. Crabbé lijkt een kilometer ver te staan. Heeft hij het tegen ons? Oei, de eerste vraag is al gesteld én beantwoord. Niet door mij wellicht. Ik weet het zelf niet. Is dit de befaamde black-out die studenten die hun cursus niet opendoen, zo vaak voorwenden? Ook de tweede vraag gaat aan mij voorbij. Hoe zou een buitenaards wezen dit tafereel waarnemen? Twee mensen gaan tussen plastic blokken zitten. Vijf meter verder staat een dikkerd met een brilletje. Hij leest iets van een kaartje. De twee mensen drukken op knoppen en er gaan lichtjes branden… Ik voel me ineens geen deel meer uitmaken van wat voor realiteit dan ook. Dit is een waarlijk droomachtig gebeuren.

Crabbé en de andere kandidate gaan gewoon door. Woorden steken de ruimte over, maar wanneer ze mijn oren bereiken, zijn ze vervormd. Geen Nederlands meer. Ik graaf in geheugen naar de betekenis van basiswoorden. Ik zit met mijn hoofd in de wolken en mijn gedachten ergens anders. Het lijkt wel alsof ik al aan het terugkijken ben op een herinnering die nog niet bestaat. Dorst, nog steeds. Ik word aangesproken. Op mijn gebrek aan deelname. Ik stamel wat. Dat ik de vragen niet begrijp. Wat zo is. Crabbé vindt mij raar. .

Ik ontwaak een beetje. Druk wat af, steeds te laat, maar corrigeer wel alle foute antwoorden van mijn tegenspeelster. Vorm een rij met de blokken. Een  uitbrander voor het gebrek aan muziekkennis, de klassieke Blokkenvernedering. Plots sta ik voor. Einde eerste ronde, ik sta op kop. Naar de Radio Donnastudio. Blinddoek en koptelefoon op.

Tweede ronde. Vijf juiste antwoorden. Wie doet me dàt na? Maar de blokken willen niet mee. Geen enkele past. De ene onvolledige rij na de andere stapelt zich op. Opname wordt stilgelegd. Mijn antwoord was niet verstaanbaar. De score is uiteindelijk matig. De voorsprong blijft want de tegenspeelster heeft het iets minder goed gedaan.

Ik sta eventjes sterk, maar ik vind de ontbrekende fut echt niet meer terug. Het is al bijna 6 uur, ik wil naar huis. Dorst, nog steeds. Crabbé verstaat me niet. Vod uit de mond zegt hij. Ja meester. Ik ben een product in zijn programma, deel van het decor. De quiz wordt afgehandeld. Ik slaag er vrijwel nooit in als eerste af te drukken, maar de tegenspeelster maakt de ene fout na de andere. Weet zelfs niet wie in Mission: Impossible en Top Gun meespeelde. Kent Jef Geeraerts niet. Ik scoor, maar zonder enthousiasme.

Beeldvraag. Ik druk eindelijk als eerste af. Ik zie Sarkozy en zijn Carla, maar de vraag gaat over de ambtswoning van de president. ‘Wat heeft dat met het fragment te maken?’ wil ik vragen. In Blokken slaagt men er vaak niet in de beelden bij de beeldvraag functioneel te laten zijn. Prutsers. Ik weet het antwoord niet. Ik heb, bizar genoeg, nog nooit van die ambtswoning gehoord.

Een ander antwoord wordt afgekeurd. ‘Flauw hoor’ verklaar ik beteuterd. Ik voel me als iemand die een slecht examen aan het maken is.

Voorlaatste vraag. Ik sta voorop, maar niet erg veel. Weer juist. Nog wat blokken erbij zonder een rij te vormen. Duizend keer Tetris gespeeld en er nu nog niets van bakken. Gelukkig laat ik geen rijen liggen en echte flaters bega ik ook niet. Gewoon slechte blokken. Brokken.

De laatste vraag. Ik word rustig. Ik kan misschien winnen. Maar de tegenspeelster drukt eerst af en geeft een juist antwoord. Maakt een rij. Een komt 10 punten voor te staan. Haar blijdschap maakt spatten. Ze wint. Ik voel me leeglopen. Eindelijk is het voorbij. Ik glunder mezelf nog door een krampachtig afsluitgesprekje. Schouders ophalen. Complete desinteresse. En geen greintje spijt, alles laat me koud.

Vijf minuten later zijn de opnames voorbij. De tegenspeelster gaat met lege handen naar huis, ik krijg een digitaal fototoestel (jammer dat de boekenbonnen vervangen werden). Ik krijg spijtbetuigingen die me niets doen. Ik stel vast dat ik het belang van deze deelname écht relativeer.

In de daaropvolgende uren en dagen denk ik na over deze ietwat onwaarschijnlijke belevenis. Leuk was het eigenlijk niet. Ontspannend zeker niet. Frustrerend? Wel een beetje. Die afgekeurde vraag, die slecht gestapelde blokken, de tegenspeelster die basiskennis miste. Het had er in gezeten, enige winst. 1000 euro, misschien? Hoewel ik ook het zevenletterwoord niet zag.

Een week later zijn alle emoties weggeëbd. In de plaats komt de realisatie dat deelnamen aan Blokken echt niets bijzonders is. Ik kijk er op terug als op die dag dat ik een stijve nek had of zo. Onaangenaam maar niet echt pijnlijk. Toch knaagt er ergens iets. Een bittere nasmaak, maar waardoor?  Dan dringt het tot me door: nu komt het ook nog eens op televisie. Moet ik het herbeleven. Moeten alle mensen die ik ken het beleven.

Vrijdag 19 september, 18.30u op één. Enig plezier gewenst, maar u hoéft niet te kijken, hoor.

En daar gaat dan ook mijn bloganonimiteit.








%d bloggers liken dit: