Feestboek

10 11 2008

Nog geen half jaar geleden drukte ik hier mijn afkeer uit tegenover al die opdringerige sociale netwerken. Ik had het toen vooral gemunt op al die onbekenden die zich via mijn mailbox opdrongen, maar ook wel over de zinloosheid van dit gedoe.

facebookIntussen… ben ik een fervent Facebooker, om weliswaar vast te stellen dat veel van mijn argumenten klopten (het is oppervlakkig, het is niet meer dan wat verstrooiing, het vraagt tijd en energie), maar andere ook niet. Zo stelde ik ook dat een virtueel contact nooit een concrete ontmoeting kan vervangen. Dat is nog steeds zo, alleen kom je op Facebook ook in contact met mensen met wie je eigenlijk nooit een concrete ontmoeting hebt, maar die je toch min of meer kent, apprecieert en het contact mee wil onderhouden. Dat versterkt toch in enige mate de sociale band, zonder dat dat schijn hoeft genoemd te worden. Mensen doen mededelingen op hun Facebook (net zoals ik mededelingen doe op mijn blog en mensen hierheen komen om te weten hoe het met me is – uw Facebookprofiel is dus eigenlijk ook een soort blog), plaatsen foto’s van hun doen en laten en hun vrienden mogen meekijken. Voor wie dit maar niets vindt: u bepaalt zelf wie die foto’s ziet en is dat eigenlijk niet hetzelfde als vrienden thuis uw fotoalbum laten inkijken? Natuurlijk.

Belangrijk is ook dat ik stilaan wél meer mensen ken die zich hiermee bezig houden, en pas dan wordt het leuk natuurlijk. Nu zelfs mijn collega’s meedoen (‘Wat is dat juist, dat Feestboek?’) en ik het gevoel krijg dat deze netwerken aan bekendheid winnen, voel je je een stuk minder onnozel (hoewel het allemaal héél onnozel blijft hoor!). Ik heb de laatste weken ook mensen teruggevonden van wie ik altijd bedacht dat ik ze nog wel eens wou horen of zien. Op dit moment dringt de kracht van dit medium even tot me door. Die klasgenoten uit het klein college negeer ik – dat is echt verleden tijd en wie zijn die mensen eigenlijk? – maar in de lerarenopleiding was die band met de klasgenoten toch sterker. Ook een aantal mensen waarvan ik in mijn Alfabet der Mensen stel dat ik niet weet hoe het nu met ze gaat, heb ik teruggevonden. En dat is simpelweg aangenaam.

Een argument dat een stuk moeilijker te omzeilen valt: ‘Het handjevol echt bewonderenswaardige mensen dat ik ken, houdt zich overigens ook niet met zulke prullen bezig!’ stelde ik. Tja, daar sta je dan. Ben ik weer een stap verder van het soort menselijk ideaalbeeld dat ik heel stiekem nastreef? Iemand die zich met Ernstige Zaken bezighoudt, doet niet aan Facebooken. Of aan bloggen, wat dat betreft. Kijk, het was dus toch al te laat om een übermensch te worden. Een aap op Facebook blijft een aap, Nietzsche zou me gelijk geven.  Ik zal wel op een andere manier trachten mee te bouwen aan de menselijke ontwikkeling.

Ik voeg overigens lang niet iedereen toe die zich aanbiedt. Ik overweeg heel goed wie ik aanvaard in mijn netwerk. Niet dat het allemaal zo erg privé is – op deze blog staat eigenlijk veel meer over me – maar omdat ik toch een zekere band wil met die mensen. Ik verzet me aldus ook tegen de neiging om zomaar iedereen die je nog maar vaagweg kent, aan te klikken om zo je ‘aantal vrienden’ op te krikken. In een artikel over de voor- en nadelen van Facebook, wordt gesteld dat 10% van de mensen (vooral vrouwen) vatbaar is voor verslaving en dus meer en meer vriendschappen wil verwerven, in de veronderstelling dat dit een teken is van succes en welzijn. Dat klopt. Niet dat succes bedoel ik, maar dat veronderstellen. Iemand liet zich onlangs grijnzend ontvallen dat ze ‘meer dan 200 vrienden had, en hoeveel jij?’ En nee, dit was geen 5-jarige. Op die momenten besef je dat sommigen de relativering missen om hiermee om te gaan en Facebook vooral bij jongere of onstabiele mensen een vals gevoel van maatschappelijke aanvaarding geeft. Daarom mag ook niemand me kwalijk nemen als ik niet in ga op hun vriendschapsverzoek. Niet dat ik daarmee een afwijzende boodschap wil overbrengen, maar gewoon omdat ik op Facebook zeker niet socialer uit de hoek wil komen dan ik ben. Want dan zitten we weer bij die schijn.

Misschien sta ik hier allemaal veel te veel bij stil en – o, gruwel – neem ik dit véél te ernstig. Ik ben dan ook enigszins onder de invloed. Maar onbewust benijd ik de dappere, stabiele mensen toch een beetje die hier helemaal niet willen aan meedoen. Dapper van jullie.

Facebook in het echt?








%d bloggers liken dit: